Het allerlaatste nummer dat Johnny Cash zelf schreef en aan een plaat toevertrouwde, is Like the 309, een song die past in een lange country-and-westerntraditie van treinliedjes:
...

Het allerlaatste nummer dat Johnny Cash zelf schreef en aan een plaat toevertrouwde, is Like the 309, een song die past in een lange country-and-westerntraditie van treinliedjes: It should be a while before I see Dr. DeathSo it would sure be nice if I could get my breathWell, I'm not the crying nor the whining kindTill I hear the whistle of the 309 (...) Put me in my box on the 309Cash had de trein al vaker bezongen, als metafoor voor afscheid, voor thuiskomen, voor vluchten en voor vrijheid, en - zoals in dit geval - voor de dood. Hij keek de man met de zeis nog niet recht in de ogen maar wist donders goed dat die in aantocht was; verzwakt als Cash was door de astma en diabetes, halfblind door glaucoom, en gebroken door het plotse overlijden van zijn geliefde June, op 15 mei 2003. Drie dagen na haar begrafenis begonnen Cash, familie en vrienden aan de opnames van American V: A Hundred Highways, het album dat uiteindelijk zijn postuum uitgebrachte adieu zou worden, het finale hoofdstuk van de comeback die Cash bijna 10 jaar eerder, in 1994, samen met producer Rick Rubin had aangevat met het album American Recordings. Cash' plaats in de geschiedenis was natuurlijk al veel langer verzekerd, maar de mythe kreeg extra kleur dankzij de vijf albums op Rubins American-label. Niemand die zijn eigen nakende einde, als mens en als artiest, op zo'n ontroerende, krachtige wijze wist te vatten, niemand die de cirkel zo volmaakt wist te ronden als John R. Cash, die in 1955 debuteerde op het legendarische Sun Records met Hey, Porter. Een treinliedje, jawel. Eigenlijk was zijn afscheid al vroeger in kannen en kruiken, in 2002, met American IV: The Man Comes Around. Er waren de door merg en been snijdende versies van Nine Inch Nails' Hurt en Depeche Modes Personal Jesus, de uit Bijbelse referenties opgebouwde titelsong van dat album, en vooral het afsluitende We'll Meet Again, het afscheidsnummer pur sang waarmee Vera Lynn veel leed verzachtte tijdens de Tweede Wereldoorlog. De man die twee jaar eerder, op American III: Solitary Man, nog opstandig en strijdvaardig I Won't Back Down van Tom Petty had gezongen, leek - en klonk - als een schim van zichzelf, het hoofd op de hoes deemoedig gebogen. 'Johnny stond erop dat we We'll Meet Again als laatste zouden opnemen', vertelde Rick Rubin aan Mojo. 'En hij wilde dat iedereen die aan het album had meegewerkt zou meezingen in het refrein, wat we ook gedaan hebben. Ik denk dat Johnny ervan overtuigd was dat het zijn laatste opname zou worden. Zijn gezondheid was bijzonder zwak en hij leek klaar om het op te geven. American IV: The Man Comes Around is het laatste album dat Cash bij leven ziet verschijnen - en vele prijzen binnenrijven - maar opgeven doet de Man in Black niet. 'You have to work', had June hem eens op het hart gedrukt, wat er ook met haar gebeurde, zo vertelde hij aan journaliste Sylvie Simmons tijdens zijn allerlaatste interview. 'She knows me, that I have to work. Ze weet dat werk het enige is wat me recht houdt.' Dus trekt Cash, slechts 36 uur nadat zijn echtgenote ter aarde werd besteld, opnieuw richting homestudio in Tennessee om het volgende volume van zijn vaarwel aan te vatten. En Cash blijft doorwerken, tot 12 september 2003, de dag dat hij op zijn 71e in een ziekenhuisbed overlijdt aan de complicaties van diabetes. Na vier maanden standhouden zonder June, they meet again. Aan producer Rick Rubin de taak om het werk af te maken. Twee maanden na Cash' laatste adem verschijnt Unearthed, een vlak voor z'n overlijden voltooide box: drie cd's met outtakes van de American-reeks, plus een bonusalbum waarop Cash zijn favoriete gospels en hymnes brengt. Een piekfijn hebbeding voor de fan/verzamelaar. De release van American V laat op zich wachten tot Independence Day 2006. Ondertitel van het twaalf songs tellende album is The Final Recordings. Het is een sobere, sombere selectie gospels, traditionals, covers en twee originele Cashcomposities. Thema's zijn de menselijke vergankelijkheid en de bijbehorende bezinning in het aanschijn van de dood. Geen klinkende namen van gasten zoals Nick Cave of Tom Petty, geen gewaagde of verrassende coverkeuzes. Enkel een stem, een paar gitaren en een piano of orgel. Maar vooral een stem, goed voor 42 minuten krop in de keel. Want telkens het spook van de sentimentaliteit dreigt - opener Help Me had zonder die dramatisch aangezette cello gekund, Love's Been Good to Me helt vervaarlijk over richting smartlap - is er altijd die waarachtige stem waarin de levens van een outlaw, van een godvrezende familieman, van een sociaal bewogen mens, van een held op de dool, van een junkie en van een levend monument vervat zit. Tijdens If You Could Read My Mind, origineel van Gordon Lightfoot, hoor je Cash zwoegen om de zuurstof uit zijn door ontstekingen aangetaste longen te persen. 'Oude man zingt liedjes', zoals een oneerbiedige collega zei. Akkoord, maar zingt hoe! Ook in Rose of My Heart zet elke ademstoot aan tot ontroering, en ook al worstelt Cash hoorbaar met het timbre van Legend in My Own Time, toch vindt hij perfect de balans tussen ironie en oprechtheid in strofes als 'If loneliness meant world acclaim, everyone would know my name, I'd be a legend in my own time'. Afgesloten wordt er symbolisch met I'm Free from the Chain Gang Now, een countrytraditional vanuit het perspectief van een pas in vrijheid gestelde gevangene, die Cash in 1962 al eens op The Sound of Johnny Cash had gezet. Het mag duidelijk zijn welke ketens hij hier afwerpt. Cash was vele dingen, maar vooral, zoals Rick Rubin schrijft in de liner notes van American V, de meesterverteller van ons tijdperk. Hij had zichzelf geen treffender en pakkender 'the end' kunnen wensen. En wij ook niet.DOOR JONAS BOEL