Met de rellen rond het boerkaverbod, de deportatie van Romazigeuners en de roemloze afgang op het jongste WK Voetbal kun je moeilijk beweren dat Frankrijk tegenwoordig een toonbeeld van multiculturaliteit is. En net nu verschijnt van Rachid Bouchareb (51) Hors-la-loi, een film over de Algerijnse onafhankelijkheid die door de Franse rechterzijde alvast unisono als 'pro-Algerijnse propaganda' werd afgedaan en een halve eeuw na datum nog steeds de gemoederen verhit.
...

Met de rellen rond het boerkaverbod, de deportatie van Romazigeuners en de roemloze afgang op het jongste WK Voetbal kun je moeilijk beweren dat Frankrijk tegenwoordig een toonbeeld van multiculturaliteit is. En net nu verschijnt van Rachid Bouchareb (51) Hors-la-loi, een film over de Algerijnse onafhankelijkheid die door de Franse rechterzijde alvast unisono als 'pro-Algerijnse propaganda' werd afgedaan en een halve eeuw na datum nog steeds de gemoederen verhit. De reden tot zoveel controverse? De Frans-Algerijnse regisseur toont niet alleen hoe drie Algerijnse broers (Jamel Debbouze, Roschdy Zem & Sami Bouajila) op Franse bodem met terroristisch geweld de onafhankelijkheid van hun gekoloniseerde vaderland opeisen, maar brengt en passant ook het bloedbad van Sétif uit mei 1945 in herinnering. Bij die infame wraakexpeditie van het Franse leger werden talloze Algerijnen afgeslacht, al durven de exacte cijfers nogal te variëren: van 1020 slachtoffers volgens het Franse rapport-Tubert tot 17.000 volgens de CIA. Voor het extreemrechtse Front National en enkele 'pieds noirs'(Franse ex-kolonisten die het onafhankelijke Algerije in 1962 verlieten; nvdr.) was 'de anti-Franse manier' waarop Bouchareb de onlusten in Sétif in beeld brengt, voldoende om bij de wereldpremière in Cannes een protestmars te organiseren. Eerder had parlementariër Lionnel Luca, lid van Sarkozy's centrumrechtse UMP, de film al 'geschiedvervalsing' genoemd en het scenario door het Ministerie van Lands-verdediging laten checken op zijn historische correctheid. En daarmee bleek de strijd nog niet gestreden voor Bouchareb, die in een open brief in Le Monde wel steun kreeg vanuit het artistieke milieu. Met de Franse release in zicht kreeg Bouchareb, die de Algerijnse zaak trouwens ook al aankaartte in het oorlogsdrama Indigènes (2006), drie weken geleden nog een proces wegens plagiaat aangesmeerd. Zo zou het script van Hors-la-loi op meer dan zeventig punten overeenkomen met dat van het nooit gerealiseerde boks-drama Sparring Partners - toch volgens Farid Afiri en Philippe Roques, die hun scenario in 2006 naar Boucharebs productiefirma hadden opgestuurd. Op de barricades met Rachid Bouchareb! Rachid Bouchareb: Neen. En ik ben er ook niet gelukkig mee. Indigenès heeft indertijd ook commotie veroorzaakt en ik had de acteurs toen beloofd dat het eenmalig zou zijn. Niet dus. De spanning hing al enkele weken voor de première in de lucht: bepaalde politici vonden het nodig om kritiek te leveren zonder de film te hebben gezien. Ik besefte wel dat het onderwerp delicaat was, en ik wilde ook een debat op gang trekken. Alleen verrast het me dat sommigen voorbijgaan aan het feit dat het een fictiefilm en geen documentaire is. Hij is op feiten gebaseerd en grondig geresearcht, maar uiteindelijk benader ik het onderwerp als regisseur en als individu vanuit mijn eigen gevoeligheden. Niemand hoeft het met mij eens te zijn, zolang de discussie maar op een respectvolle manier verloopt. Blijkbaar kan niet iedereen dat respect opbrengen. Bouchareb: Het beeld was eenzijdig. Pontecorvo's La Battaglia di Algeri is een prima film, maar die is al bijna vijftig jaar oud en van Italiaanse makelij. Alle films over de Algerijnse strijd speelden zich in Algerije zelf af. Die van Godard (Le petit soldat uit 1963; nvdr.), Pontecorvo en noem maar op. Hors-la-loi is de eerste die gaat over wat er in Frankrijk en Parijs is gebeurd. Bouchareb: Bij een kleine minderheid van dat grote publiek. Het gaat ofwel om pieds noirs die na de Algerijnse onafhankelijkheid in het zuiden van Frankrijk zijn komen wonen, ofwel om harkis, Algerijnen die de Franse kant kozen. Velen van hen zijn lid van het Front National en voor hen hoort Algerije nog altijd bij Frankrijk. Bouchareb: Enkele politici zijn beginnen te zeuren zonder de film te hebben gezien en nu ze hem hebben gezien, moeten ze toegeven dat er geen bal aan is van hun vermeende historische leugens. Dus wat beweren ze nu? Dat ik er scènes uitgeknipt heb om hen om de tuin te leiden. Alsof ik die er nadien gewoon weer zou instoppen. Als dat het niveau van de discussie is, houdt het voor mij op. Nogmaals. Het is fictie, geen documentaire. Bouchareb: Klopt. Het idee was om er La Bataille de Paris van te maken, maar dan met een radicaal andere look en vertelling dan de voorgaande films over de Algerijnse kwestie. Het gaat om een politieke revolutie gezien door drie broers, maar dan in de stijl van klassieke gangsterfilms als Once Upon a Time in America en The Godfather. Mijn redenering was: een harde véritéfilm over Algerije schrikt het grote publiek wellicht wat af. Als ik het onderwerp op een opwindende manier kan verpakken, happen mensen misschien wel toe en kan ik hen doen nadenken over de politieke thematiek. Bouchareb: Neen. En dat is het hem net. Iedereen kent de slag van Algiers, maar niemand kent de slag van Parijs. Dat er in de jaren 50 in Parijs honderden Algerijnen zijn gestorven in de strijd voor onafhankelijkheid, dat er een ondergronds netwerk was dat gefinancierd werd vanuit Zwitserland en dat er een shoot-out was tussen de FLN (de in 1954 opgerichte verzetsbeweging en politieke partij Front de Libération Nationale; nvdr.) en de geheime diensten: dáárover wordt in de Franse geschiedenisboeken met geen woord gerept. Hopelijk brengt Hors-la-loi daar verandering in, zoals Indigènes de rechten van de allochtone veteranen in het Franse leger op de politieke agenda zette. Ik wil film gebruiken als opvoedkundig wapen, als middel om de gaten in de Franse cultuur te dichten. HORS-LA-LOIVanaf 29/9 in de bioscoop.Door Dave Mestdach' Erg gelukkig ben ik niet met al die controverse.'