Workman: Ik doe alles heel intuïtief. Het intellect is de grootste vijand van de mens. Al is ( Last Night We Were) the Delicious Wolves misschien iets theatraler dan de eerste cd, ik wou in de eerste plaats poppy muziek maken die op de radio kan worden gedraaid. Met mijn debuut was dat ook al mijn ultieme doel, maar op de Canadese radiostations werd dat album totaal genegeerd. Ik wil absoluut de grote machine binnendringen. In Noord-Amerika is het immers vreselijk gesteld met de popmuziek. Ik wil van binnenuit iets aan de situatie veranderen.
...

Workman: Ik doe alles heel intuïtief. Het intellect is de grootste vijand van de mens. Al is ( Last Night We Were) the Delicious Wolves misschien iets theatraler dan de eerste cd, ik wou in de eerste plaats poppy muziek maken die op de radio kan worden gedraaid. Met mijn debuut was dat ook al mijn ultieme doel, maar op de Canadese radiostations werd dat album totaal genegeerd. Ik wil absoluut de grote machine binnendringen. In Noord-Amerika is het immers vreselijk gesteld met de popmuziek. Ik wil van binnenuit iets aan de situatie veranderen. -Workman: De popradio is zo lieflijk en risicoloos geworden. De commerciële muziek van vandaag lijkt nergens op. In Canada zijn, net als overal blijkbaar, de Amerikaanse acts heel populair: Britney Spears aan de ene kant, Limp Bizkit aan de andere. Dat ontgoochelt mij want ik ben dol op popmuziek. Zelfs in de eighties, een era die toch niet zo hoog werd aangeschreven, kon je nog kwaliteit op de radio horen: U2, The Smiths. Tegenwoordig staart iedereen zich blind op die ene hitformule. Workman: Niet echt. Ik wist dat ik iets waardevols in handen had, maar hoe de reacties zouden zijn, kon ik natuurlijk niet voorspellen. Ik voel me uiteraard gevleid.Workman: Ik vind dat ik helemaal niet als Jeff Buckley klink. We zingen allebei met een hoge stem, dat is het enige wat we gemeen hebben. Jeff was inderdaad een heel serieuze artiest.Workman: Denk je dat echt? Ik ben een béétje ernstig. Live valt dat meer op dan op plaat.Workman: Ik heb wat opera gestudeerd, ja. Om opwindende melodieën te krijgen, moet je heel hoog en heel laag kunnen zingen. Melodieën zijn tweedimensionaal. Om er alles uit te krijgen, moet je dus op en neer. Dat probeer ik zoveel mogelijk te exploreren. Ik heb daar inderdaad van jongsaf hard aan gewerkt: experimenteren met mijn stem, verschillende texturen opzoeken. (Last Night We Were) The Delicious Wolves was vocaal een nog grotere uitdaging dan de eerste plaat. Ik heb net door Canada getoerd. Het was een verschrikking voor mijn stem. Ik dacht bij mezelf: wie heeft die nummers in godsnaam geschreven? Het is gewoon ridicuul. Het is oké als je dat materiaal een of twee keer in de studio moet zingen, maar het is bijna onmogelijk om het avond na avond te brengen. Daar had ik dus niet bij stilgestaan. (lacht) Workman: Mijn vader was drummer. Als kleine uk zat ik al te roffelen. Je hoorde elk moment van de dag muziek bij ons thuis. Hoewel vader geen professionele muzikant was, moedigde hij me altijd aan. Als tiener oefende ik fanatiek. Zeven uur per dag. Drummen en drummen en nog eens drummen: niets anders telde nog. Zo gepassioneerd was ik. Nadien pikte ik de gitaar op. Ik kan ook aardig overweg met bas en piano.Workman: Als je in je eentje opneemt, heb je een enorme stuwkracht. Als je er andere mensen bij betrekt, verloopt alles zoveel trager. Want iedereen heeft zijn mening en alleen al het analyseren van al die invalshoeken kost veel tijd. Ik heb graag dat het vooruit gaat. Ik heb maar één dag nodig om een song volledig op band te zetten. Ik wil geen tijd verliezen aan discussies. Ik proef enkel van het teamwork wanneer ik anderen produceer. Tot hiertoe voelde ik op mijn eigen platen hoe dan ook geen enkele behoefte om in groepsverband te werken. Ik vertrouw mijn eigen intuïtie meer dan die van anderen, dat is het.Workman: Ik weet niet of dat zo belangrijk is. Volgens mij leiden songs toch een eigen leven. Ik zie ze als kinderen. Je probeert ze lief te hebben en te voeden, maar je mag ze niet in een bepaalde richting forceren. Zoals je tegen je zoon niet hoort te zeggen: jij moét dokter worden. Ik voel me eerder de observator dan de schepper. Vandaar de diversiteit op mijn albums. Elk nummer groeit bijna zelfstandig op. Ik zet een nummer op tape en moedig het dan aan om op een natuurlijke manier te evolueren.Workman: Oh zeker. Met de eerste twee platen wou ik de makkelijke weg kiezen, maar het lijkt me gezond om ooit die stap te zetten. Ik zou wél verkiezen om er geen traditionele artiest-producer relatie op na te houden. Producers die ik enorm respecteer, zijn Brian Eno en Daniel Lanois. Ik hou ook van de sound van de platen van Led Zeppelin. Ik vind dat die vandaag, dertig jaar na datum dus, nog altijd fantastisch klinken. Beter zelfs dan wat nu wordt gemaakt.Workman: Inderdaad, er komt weinig romantiek bij ons bestaan kijken. Negen uur in een toerbus zitten, onregelmatig eten en slapen: dat is absoluut niet cool. Een bio opstellen, hoort bij de kunst. In mijn ogen moest dat verhaal, samen met mijn muziek, één kleurrijk geheel vormen. Hoeveel vreselijke platen krijgen jullie rockjournalisten niet te horen. Dan moet je er bovendien nog een al even vreselijke bio bij lezen. In plaats van een saaie cv vol bullshit voor te schotelen, wou ik dat het een beetje fun was. Net als mijn platen. (kaderstukje)