Mannish Boy - Muddy Waters

In 1941 wandelde Alan Lomax een juke joint in Chicago binnen en schoof hij als eerste een microfoon onder de neus van Muddy Waters, hét grote voorbeeld van Jimi Hendrix. The Rolling Stones pikten hun naam uit deze slepende bluessong.
...

In 1941 wandelde Alan Lomax een juke joint in Chicago binnen en schoof hij als eerste een microfoon onder de neus van Muddy Waters, hét grote voorbeeld van Jimi Hendrix. The Rolling Stones pikten hun naam uit deze slepende bluessong. De Britse beat invasion-groep scoorde in 1964 een megahit met deze klassieker gebaseerd op Rising Sun Blues, een Amerikaanse folksong die de 16-jarige Georgina Turner in 1937 zong voor Lomax in Kentucky. Een assistent van Lomax registreerde in 1939 voor het eerst Sea Lion Woman, gezongen door twee tienerdochters van een dominee uit Mississippi. Nina Simone populariseerde de song in 1964 op Broadway-Blues-Ballads. Huddie 'Leadbelly' Ledbetter maakte in 1933 kennis met vader en zoon Lomax. Drie jaar later was hij de eerste om een variant van het eeuwenoude The Maid Freed From The Gallows op te nemen als The Gallis Pole, in 1970 verbasterd door Led Zeppelin. Lomaxprotegé Mississippi Fred McDowell was naar het schijnt gecharmeerd door deze versie van zijn You Gotta Move op Stickey Fingers (1971). De magere blueszanger was tot 1959 een arme katoenboer in Tennessee. Nog steeds een hit op de dansvloer, deze ruige funkrocker uit 1977. De mosterd komt van ene James Baker, die het 44 jaar eerder a capella zong in een Texaanse state prison. Leadbelly was niet de eerste om de traditional In The Pines te zingen, maar het was wel zijn versie, onder een andere titel, die Mark Lanegan aan Kurt Cobain liet horen. Het hoogtepunt op Unplugged In New York uit 1994 . Ike & Tina Turner, The Clash en Nick Cave (op Murder Ballads, 1996) zijn enkele van de vele artiesten die de saga van Stagger Lee Shelton bezongen. Met dank aan John Lomax, die in 1910 (!) de populaire folksong voor het nageslacht bewaarde. Moby sampelde op zijn hitalbum Play (1999) verschillende gospel- en folksongs uit Lomax' collectie field recordings. De machtige stem op Trouble So Hard is die van Vera Hall, in 1937 aan de oevers van de Mississippidelta. Jack White is een bewonderaar van Lomax en de vele bluesmannen die hij van de obscuriteit redde. Son House is één van hen, zijn Death Letter staat op De Stijl (2000) én is een live-favoriet van The White Stripes.