ABEL FERRARA THE COLLECTION: Driller Killer (1979), Fear City (1984), The Addiction (1995)

FILMS: *** EXTRA'S: *(DFW)
...

FILMS: *** EXTRA'S: *(DFW) FILM: **** EXTRA'S: *(A-FILM) Een box met drie films ( Driller Killer, Fear City, The Addiction) en een aparte 2-disc-uitgave van The King of New York geven een goed inzicht in de gefolterde gevoelens en de paradoxale esthetiek van de marginale Amerikaanse regisseur Abel Ferrara. The Driller Killer, de officiële debuutfilm van Ferrara (de pornoprent The 9 Lives of a Wet Pussy eventjes niet meegerekend) is een semi-professionele kladversie van zijn latere werk. De regisseur speelt zelf de krankzinnige rol van een kunstschilder die geplaagd door extreme geluidsoverlast en onbegrip voor zijn werk naar de elektrische drilboor grijpt en 's nachts de straten van New York afschuimt op zoek naar slachtoffers. Geen mooie, willige jonge vrouwen, zoals dit soort voyeuristische terreurcinema voorschrijft, maar oudere mannen: maar één voorbeeldje van hoe Ferrara binnen een bepaald type film onze verwachtingen ondermijnt. Het ontbreekt de prent zeker niet aan walgelijke gore, wat er destijds een favoriete video nastie (horror met extreme martelingen) van maakte. Het bespottelijke low budget laat zich voelen, maar ook met schaarse middelen weet Ferrara ons onder te dompelen in de naargeestige sfeer van een beklemmend grootsteeds inferno. De observatie van New York aan de zelfkant, inclusief een quasi documentaire benadering van de vunzige buurt rond Times Square vóór de grote schoonmaak van ex-burgermeester Rudolph Giuliani, is ook een van de grootste troeven van Fear City (een titel die zowat op het hele oeuvre van Ferrara toepasselijk is). Vormelijk is dit een van Ferrara's meest conventionele films; de regisseur kon ook zelf de montage niet voltooien van deze hedendaagse variant op de Jack the Ripper-legende. Toch herkennen we in alles de hand van Ferrara: de quasi apocalyptische schildering van de schemerwereld van stripdanseressen; de uitbeelding van de stad als de hel op aarde; de geile poses van Melanie Griffith; de amorele psychokiller die zich voor het toebrengen van zijn dodelijke slagen en messteken in oosterse vechtsporten bekwaamt; de dubieuze held (Tom Berenger), een verbeterde pooier die zich wil zuiveren van een vroegere zonde. Met King of New York leverde Ferrara zijn eerste meesterwerk af. Christopher Walken is in de rol van zijn leven een slaapwandelende criminele dandy die na een verblijf in de nor opnieuw zijn vleugels over de stad uitspreidt en met zijn gang (een mix van zwart en Hispanic) de strijd aanbindt tegen afvallige bendeleden en overijverige wetsdienaren. Deze duistere misdaadfilm glijdt voorbij in een virtuoos geënsceneerde, hypnotiserende stoet van afrekeningen, interraciale orgieën en coke snuivende rituelen. Ferrara drijft zowel zijn gestoorde personages als zijn tegenstrijdige vormgeving - een mengeling van manische energie, sluipend camerawerk en abstraherende composities - ten top. De cineast schildert Walkens nachtraaf als een vampier die het bloed, de energie en de rijkdom van de stad leegzuigt, en brengt en passant ook hulde aan Murnau's Nosferatu. Niet zo verwonderlijk dus dat Ferrara zich vijf jaar later met The Addiction aan een heuse vampierfilm waagde. Lili Taylor is hallucinant als een New Yorkse filosofiestudente die in een steegje door Annabella Sciorra wordt gebeten en zelf in een vampier verandert. Ferrara weekt de daad van het bloedzuigen volledig los van de tradities van de fantastische film, trekt een parallel met drugsverslaving en verwijst naar aids. Alle vertrouwde genrereferenties verdwijnen, om plaats te ruimen voor een wijsgerige beschouwing over het kwaad, doordrongen van junkieverdriet. Een van Ferrara's meest experimentele films (de zwartwitbeelden schokken op het ritme van een jungle, funk en rap- score) waarin hij zijn donkere obsessies rauw serveert. Patrick Duynslaegher