Aaron is een jongeman die in de zomer thuis probeert te studeren voor herexamens. Dat lukt niet bijster goed omdat hij in de knoop ligt met zichzelf. Hij heeft de indruk dat zijn ouders en vrienden hem niet begrijpen, maar hij weet zelf ook nog niet helemaal wie hij is. Hij vlucht weg in de collectie superheldenstrips die hij koestert of kijkt uit het raam naar het voetbalveldje, waar af en toe een jo...

Aaron is een jongeman die in de zomer thuis probeert te studeren voor herexamens. Dat lukt niet bijster goed omdat hij in de knoop ligt met zichzelf. Hij heeft de indruk dat zijn ouders en vrienden hem niet begrijpen, maar hij weet zelf ook nog niet helemaal wie hij is. Hij vlucht weg in de collectie superheldenstrips die hij koestert of kijkt uit het raam naar het voetbalveldje, waar af en toe een jongetje komt spelen. Wanneer hij merkt dat hij zich onweerstaanbaar aangetrokken voelt tot die jongen en tot het stiefzoontje van zijn broer, weigert hij aanvankelijk zijn geaardheid te aanvaarden. Hij doet alles om te voldoen aan maatschappelijke verwachtingen, maar slaagt daar niet in. Aaron is niet in de eerste plaats een boek over het taboeonderwerp pedofilie, maar wel over een jongeman die zichzelf moet leren te accepteren zoals hij is, ook al is dat verschrikkelijk moeilijk. Zijn pedofilie maakt hem het leven grondig zuur, maar het had evengoed een andere onbedwingbare neiging kunnen zijn die hem belet om in de maatschappelijke mal te passen. Ben Gijsemans brak internationaal door met zijn debuut Hubert en deed er vervolgens zes jaar over om dit Aaron te maken. Hij imponeert daarin met een trage, lichtjes afstandelijke manier van vertellen. Zijn tekeningen zijn momentopnames die zo weinig van elkaar verschillen dat je soms goed moet zoeken naar de veranderingen. Gijsemans laat genuanceerd zien wat er gebeurt, maar geeft geen uitleg. Grafisch valt een bijzonder grote stijlvastheid en een haast maniakale afwerking op, zowel in de pagina's met Aaron als in de superheldenstrips die hij leest. In die laatste bewijst Gijsemans dat hij gemakkelijk had kunnen meedraaien in de vooroorlogse Amerikaanse stripindustrie. Zowel de tekeningen als de verhalen zijn geslaagde pastiches van de superhelden uit die periode. Aaron moet accepteren dat hij zichzelf niet helemaal kan controleren, maar het boek over hem is tot in het extreme gecontroleerd.