Kijk, ik moet daar niet onnozel over doen: ik ben nooit de geduldigste mens ter wereld geweest. Geduld is ook niet veel meer dan een mooi woord om tijdverlies goed te praten.
...

Kijk, ik moet daar niet onnozel over doen: ik ben nooit de geduldigste mens ter wereld geweest. Geduld is ook niet veel meer dan een mooi woord om tijdverlies goed te praten. Toch zijn er enkele dingen waarmee ik na dit coronatijdperk nog veel minder geduld zal hebben. Enkele voorbeelden in willekeurige volgorde. Slechte horeca. Lauw water in een vuil glas met een builtje vieze Lipton en zo'n zielig papieren wikkeltje suiker dat bij de eerste druppel gemorst lauw water desintegreert? Niet meer nodig. Of het zogezegd 'chique restaurant' met kleverige placemats in fake leer en dezelfde zes gerechten op de geplastificeerde kaart als in alle zogezegd chique restaurants? Niet meer nodig. Het zal heel goed uit zijn, of gewoon ergens thuis. De Belgische staatsstructuur. We zijn heel lang emotioneel geweest over dat Vlaanderen-Walloniëgedoe. Iedereen die wilde opdelen, was een directe neef of nicht van Hitler en al de anderen waren fanatiekelingen van de Rode Duivels, frietjes en René Magritte. En dat zal allemaal te verklaren geweest zijn door onze recente geschiedenis als land. De nieuwe generaties kan al die zever geen hol meer schelen. Je krijgt mij of iedereen die na mij komt nooit meer uitgelegd dat we voor alles 24 niveaus, 17 parlementen en 9 ministers nodig hebben nu de vertragende en dure eigenschappen daarvan even levensgevaarlijk werden. Het kan me niet meer schelen hoe het opgelost wordt. Opnieuw een eengemaakt land? Fine. Gescheiden? Ook fine. Maar los het op. Politiek surrealisme. Ik ga geen namen noemen, maar: Joke Schauvliege. Ik ben al lang niet meer de man van de afrekeningen ad hominem. Joke Schauvliege mag van mij gerust nog een heel gelukkig leven leiden en ik wens haar van harte het beste toe. Maar niet in een functie die haar opnieuw macht en prestige en geld oplevert. Iedereen kan mislukken, en we mogen die mensen vergeven. Maar dat belonen is toch iets dat blijkbaar alleen in de politiek gebeurt na een brokkenparcours. Stop daarmee. Witte boys met akoestische gitaren die over hun lief zingen. Misschien is het de leeftijd waardoor ik geen geduld meer heb met - god ja, hoe zal ik het noemen? - emoties. Maar een of andere stinker in een oud T-shirt die zeven platen vol schrijft over dat het uit is met zijn lief en die niet Justin Vernon heet? Zet er al snel een beat onder en zing over echte problemen of over de zon die op de billen van je lief schijnt. En was je haar eens, Tim. Avondklokken. Ik ben een brave burger. Ik betaal mijn belastingen en eet mijn korstjes op. Ik wil me laten vaccineren en ik wil zelfs mijn wilde haren laten groeien door niet naar de kapper te gaan. Maar een avondklok? Serieus? Een avondklok. Ten eerste: fuck off met je avondklok, en ten tweede: er is geen 'ten tweede'. Het virus wordt overgedragen door contacten, niet door het uur. Ik wil nooit van mijn leven nog van een avondklok horen zolang er geen bommenwerpers over onze straten scheuren. En ook dat zou ik liever vermijden. Dat is het, denk ik. O ja. En mondmaskers.