Een Gouden Palm heeft de Italiaan Matteo Garrone (49) voorlopig nog niet op zijn cv, maar hij behoort wel al jaren tot het selecte clubje van topregisseurs wier films haast d'office in Cannes in première gaan - davvero meritate! Dat was enkele maanden geleden ook het geval met Dogman, waarin Garrone - na de groteske sprookjesbundel Tale of Tales (2015) en de wrange Big Brother-satire Reality (2012) - terugkeert naar het groezelige, naturalistische territorium waar hij eerder ook zijn antimaffiakopstoot Gomorra (2008) draaide.
...

Een Gouden Palm heeft de Italiaan Matteo Garrone (49) voorlopig nog niet op zijn cv, maar hij behoort wel al jaren tot het selecte clubje van topregisseurs wier films haast d'office in Cannes in première gaan - davvero meritate! Dat was enkele maanden geleden ook het geval met Dogman, waarin Garrone - na de groteske sprookjesbundel Tale of Tales (2015) en de wrange Big Brother-satire Reality (2012) - terugkeert naar het groezelige, naturalistische territorium waar hij eerder ook zijn antimaffiakopstoot Gomorra (2008) draaide. Dogman is losjes geïnspireerd op een moordzaak, inclusief urenlange martelsessies in een hondenasiel, die Italië in de jaren 80 danig choqueerde. Garrone dresseerde de feiten, verplaatste ze naar een onbestemd hier en nu, en kleedde ze aan als een kruising van een aangrijpend drama in de neorealistische traditie van Vittorio De Sica en een soort van stedelijke, gestileerde wraakwestern. Daarin zie je hoe Marcello, een goedhartige hondentrimmer uit een afgeleefd badstadje, aan de leiband gehouden wordt door een brutale bully die kickt op coke en geweld, tot de rollen - wie is hier het baasje? - dreigen te worden omgedraaid. 'Al mijn films gaan over het goede dat gecorrumpeerd wordt door het kwade', grijnst Garrone. 'Over individuen die door hun omgeving in een spiraal van corruptie terechtkomen. In Gomorra is dat de maffia, in Reality de lokroep van geld en roem. In Dogman draait het om valse vriendschap, trouw en geborgenheid. Zelfs Tale of Tales, een pure sprookjesfilm, gaat daarover. Nochtans ben ik daar vooraf niet mee bezig, laat staan dat ik negatief in het leven sta. Ofwel tracht ik zo mijn diepste angsten te bezweren, ofwel is het mijn katholieke opvoeding die me parten speelt, aangezien ik een zondig leven leidt. Ik ben en blijf een Italiaan. (lacht)' Als je zo'n straffe films maakt, zal God het je vast vergeven. Dogman was al jaren een project dat je nauw aan het hart ligt. Waarom heeft de film zo lang op zich laten wachten? Matteo Garrone: Omdat ik er maar geen superheld of romantisch happy end bij kon verzinnen, hoe hard ik ook mijn best deed. (lacht) Nee, alles staat of valt met Marcello, het hoofdpersonage. Voor mij is dit geen vendettafilm of western. Ik heb de feiten waarop Dogman is geïnspireerd danig aangepast en de gruwel eruit gehaald. Het is in eerste instantie een intiem drama, een karakterstudie van iemand die zo geliefd wil zijn - ook door foute figuren - dat hij er aan ten onder gaat. Ik had iemand nodig die warmte en aanhankelijkheid uitstraalt, een onaangetaste, tijdloze, kinderlijke goedheid. Vandaar dat ik absoluut opnieuw met een amateuracteur wilde werken, wat ik overigens vaak doe. Ik wilde een klassieke karakterkop die iets komisch en tragisch heeft, die zowel uit de films van Pasolini als die van Buster Keaton gerukt lijkt. Die bleek verdomd lastig te vinden. Het is pas toen ik Marcello Fonte vond dat alles op zijn plaats viel, dat het verhaal zich vormde en ik de decors voor ogen kreeg. Fonte doet het inderdaad geweldig en werd in Cannes bekroond als beste acteur. Hoe heb je hem gevonden? Garrone: In het kort: Marcello is al jaren conciërge van een sociaal centrum in de buurt van Rome. Op een dag ging ik daarnaartoe om er een voorstelling van ex-gevangenen bij te wonen. Maar op de première bleek de hoofdrolspeler dood te zijn neergevallen. Hartaanval. Daarop sprong Marcello de planken op - hij had alle repetities bijgewoond en kende bijgevolg alle dialogen - en een ster was geboren. Het was alsof de voorzienigheid me dwong om hem te casten. Hij bleek bovendien beste maatjes te zijn met Martin Scorsese. Hoe bedoel je? Garrone: Kijk, hier. (toont op zijn smartphone een foto van een glunderende Fonte naast Scorsese) Getrokken op de set van Gangs of New York, die opgenomen werd in Cinecittà in Rome en waarin Marcello een figurantenrolletje had, zijn eerste en enige filmervaring voor Dogman. Weet je wie die foto genomen heeft? Leonardo DiCaprio. Echt waar! Marcello ging liever met Scorsese op de foto. (grinnikt)Nog een opvallende hoofdrol is weggelegd voor het badstadje waar Dogman zich afspeelt. Garrone: (knikt) We hebben gedraaid in Castel Volturno, in de buurt van Napels. Die plek is vooral bekend van het bloedbad dat er tien jaar geleden plaatsvond, toen de Camorra, de lokale maffia, er een rekening kwam vereffenen met Afrikaanse drugsbendes. Nochtans is het tegelijk een vredig, zonnig badstadje, met joviale mensen waar het gemeenschapsgevoel nog sterk leeft. Ik kwam erop uit omdat ik wilde dat de film wat weg had van een western - toch qua look en sfeer. Dat lege strand, die uitgewoonde winkels en flats, dat brede, horizontale landschap. Ik zag er zo Clint Eastwood in rondwandelen. (lacht)Veel mensen zien in je verhaal over een kleine man die onder de duim wordt gehouden door een brutale bullebak ook een allegorie over hedendaags Italië, dat onlangs nog maar eens een ruk richting rechts en populisme maakte. Garrone: Dat is zeker niet het hoofdmotief, maar ik denk dat elke goede film een metaforische laag of subtekst heeft. Populisme komt voor in vele varianten. Je hebt de lawaaierige bullebakken. En die hebben we in de Italiaanse politiek de jongste jaren op overschot, helaas. Maar er is ook het stilzwijgend meeheulen, en dat is net zo kwalijk en gevaarlijk. Het zijn zelden de luidst blaffende honden die het hardst bijten. Dat is de les die Marcello leert in Dogman. Soms is het beter om eens je mond open te doen en een klap te riskeren als je je eer, je humanisme en je zelfrespect niet helemaal wilt verliezen.