'Wat me niet doodt, maakt me sterker.' Nietzsche kon het nogal uitleggen. Maar wat met een hart dat pompt zonder doel? 'Am I vital/ When my heart is idle?' vraagt Moses S...

'Wat me niet doodt, maakt me sterker.' Nietzsche kon het nogal uitleggen. Maar wat met een hart dat pompt zonder doel? 'Am I vital/ When my heart is idle?' vraagt Moses Sumney op Aromanticism, een plaat die zich afspeelt in de schemerzones tussen eenzaamheid en weerbaarheid, kracht en tederheid. 'I know what it is to behold and not be held', zingt Sumney met markante falset in Plastic, met de frasering zoals Chet Baker die kon bloeden. De jongeman uit LA legt zijn tranentrekkers te drogen op verdampte wolkjes soul en fluwelen toetsen jazz, fragiel geluid dat in songs als Don't Bother Calling, Doomed en Lonely World naar de keel grijpt én hoop ademt. In de spacefunk van Quarrel herkent u de hand van fusionmeester Thundercat, in de voorgehouden spiegel (misschien) uzelf. Courage.