Wat doe je wanneer je als regisseur een hattrick hebt gescoord met Io sono l'amore (2009), A Bigger Splash (2015) en Call Me by Your Name (2017) en plots hot property bent in Hollywood en daarbuiten? Dan ga je in geen geval een horrorfilm maken, laat staan een film die op een meesterwerk uit het genre is gebaseerd. Nochtans is dat precies wat Luca Guadagino met masochistisch genoegen doet met Suspiria, een remake of beter een herinterpretatie van het lyrische huiverballet van giallomaestro Dario Argento uit 1977.
...

Wat doe je wanneer je als regisseur een hattrick hebt gescoord met Io sono l'amore (2009), A Bigger Splash (2015) en Call Me by Your Name (2017) en plots hot property bent in Hollywood en daarbuiten? Dan ga je in geen geval een horrorfilm maken, laat staan een film die op een meesterwerk uit het genre is gebaseerd. Nochtans is dat precies wat Luca Guadagino met masochistisch genoegen doet met Suspiria, een remake of beter een herinterpretatie van het lyrische huiverballet van giallomaestro Dario Argento uit 1977. Zelfs wie die diabolische cultklassieker zowat uit het hoofd kent, staan de nodige surprises te wachten. Guadagnino's versie duurt niet alleen bijna een uur langer, maar speelt zich ook af in een kouwelijk Berlijn anno 1977, terwijl Argento's expressionistische kleuren en pompende synth-muziek worden vervangen door een herfstig palet en een gekwelde soundtrack van Radiohead-frontman Thom Yorke. Schrik dus niet op als de nieuwe versie een stuk melancholischer en cerebraler aanvoelt, al is het wtf-gehalte minstens even hoog en vloeit het bloed even wulps, sexy en gestileerd. Dakota Johnson speelt Susie Bannon, een talentvolle, Amerikaanse danseres die in een Berlijnse dansschool belandt, waar in de coulissen nog loucher dingen gebeuren dan in die van Jan Fabre. Tilda Swinton is Madame Blanc, de matrone van het ensemble, al is niets of niemand echt wie hij lijkt in dit kronkelige labyrint waar zelfs de kwade geesten uit Duitslands naziverleden nog steeds om het hoekje loeren. Het resultaat is een occulte nachtmerrie met extatische dansscènes die werden gechoreografeerd door onze landgenoot Damien Jalet. En met Tilda Swinton, dus. De Schotse indiekoningin was eerder te zien in The Protagonists, Io sono l'amore en A Bigger Splash van Guadagnino, en valt dit keer zelfs in meerdere gedaantes te bewonderen. Swinton speelt immers niet alleen Madame Blanc. Met behulp van dikke lagen make-up, gezichtsprotheses en haar laagste stem incarneert ze ook de bejaarde psychiater Josef Klemperer, ook al lieten zij en Guadagnino de kijker aanvankelijk graag in de waan dat die werd vertolkt door ene Lutz Ebersdorf, een 87-jarige debutant die op de filmwebsite IMDb zelfs zijn eigen bio kreeg. Een ongeschreven regel zegt: na een hitfilm maak je geen remake, en zeker geen horrorremake. Waarom tart je de filmgoden? Luca Guadagnino: Ik heb als kind alles gezien wat ik kon zien, ook horrorfilms. Ik ben altijd gek geweest op het genre. Ooit heb ik een feestje gehouden waarop ik Dawn of the Dead heb vertoond voor mijn vriendjes. Daar waren hun ouders niet blij mee. (lacht) Ik was vijftien toen ik de originele Suspiria zag, en ik had er een intuïtieve reactie op. Soms hou je zoveel van iets dat je het wil opeten. Suspiria maakte kannibalistische instincten in me wakker. Ik wilde de film verslinden, en al die jaren fantaseerde ik over mijn eigen Suspiria. Ik tekende zelfs posters voor die film: Suspiria, directed by Luca Guadagnino. Wat vond je er zo fantastisch aan? Guadagnino: Ik hou enorm van de films van Dario Argento. Profondo rosso. Inferno. Maar Suspiria was de eerste die ik zag. De film begint en voor je het beseft, zie je een hart doorkliefd worden en hoe de dood wordt uitgebeeld in een dans. Je merkt hoe de felle kleuren van het doek spatten en hoort die pompende muziek. Ik ken geen film die zo vrij is, die zoveel dingen loslaat, die de kijker zo aanvalt met beelden en muziek. Het geweld is brutaal en sprookjesachtig tegelijk. Suspiria is de film die me heeft geleerd dat films maken betekent: risico's nemen, durven van de brug af te springen. Toch kies je voor een meer bedachtzame en introspectieve aanpak. Guadagnino: Ik kon en wilde niet dezelfde film maken. Ik heb de film dertig jaar lang gefilmd en gemonteerd in mijn hoofd en bovendien is Dario's origineel me heilig. De dynamiek tussen de personages is anders. Het palet is anders. De setting is anders. Zolang de geest, de bron maar dezelfde is. Tilda Swinton: Het refrein en de melodie zijn dezelfde, maar ze klinken compleet anders. Ik noem de film daarom liever een cover dan een remake. Het is een bekende hit in een totaal nieuw arrangement. Guadagnino: Ik zie de film ook als een dans, een symfonie. Je moet hem ook kunnen bekijken zonder dialogen. Film is voor alles vorm, ritme en stijl. Je mag nog zo'n sterk scenario hebben, als je de vorm, de beeldtaal niet beheerst, is het ruis, gebrabbel. Deze cover speelt zich af in het opgedeelde Berlijn tijdens de Koude Oorlog. Waarom precies? Guadagnino: Dario's film dateert van 1977. We hebben alles opgebouwd vanuit dat gegeven. Zijn film origineel speelt zich af in een vacuüm, in een onbestemd, poppy universum. Wij hebben gekozen voor een periode die heel belangrijk was voor de Europese identiteit. We zijn allemaal kinderen van die jaren. Het was een tijd van dreiging, onderdrukking, rebellie en ideologisch extremisme. Van de restanten van het nazisme, de Koude Oorlog, de terreur van de Rote Armee Fraktion. Die spoken van toen waren vandaag nog altijd rond. Swinton: Een vriend zei me: 'De eerste keer dat ik de film zag, dacht ik: bloed, geweld, rebellie. De tweede keer dacht ik: verdriet, lijden, rouw.' Er zit een sombere ziel in. Het gaat ook over opgroeien, over adolescentie. Van een personage, maar ook van een cultuur, van Europa als een pre-intellectueel en pre-institutioneel gegeven. Het gaat over je verzetten tegen autoriteit, over jonge generaties die zich afzetten tegen de oudere. Veel frustraties en ambities van de jaren zeventig voel je nu opnieuw in de lucht hangen. Het onbehagen met wat oudere generaties jongeren voorhouden. Je voelt het in MeToo en Time's Up, in de protesten tegen de brexit, tegen Trump. In die zin is Suspiria heel erg een film van nu. Guadagnino: Het jaar en de plek hebben ook mee de stijl en de identiteit gedicteerd. De koele, moderne, Duitse architectuur van toen. De Duitse cinema van weleer. Er zit ook veel Rainer Werner Fassbinder in, zeker met die sterke, vrouwelijke personages. Swinton: (knikt) Zelfs Ingrid Caven (die van 1980 tot aan zijn dood in 1982 met Fassbinder was getrouwd en een van zijn fetisjactrices was, nvdr.) doet mee. Was je zelf een rebel als adolescent? Swinton: Ik was zestien in 1977 en aangezien mijn vader militair was (Swinton is de dochter van majoor-generaal Sir John Swinton of Kimmergore, nvdr.) heb ik een tijdje in Duitsland gewoond. Ik herinner me levendig dat ik erg geïntrigeerd was door die opdeling in Oost en West, die Muur, dat IJzeren Gordijn. Het was alsof ik opgroeide in een binaire wereld. Onze ouders hadden oorlogen meegemaakt, die mee ontketend. Mijn generatie verafschuwde dat, wilde anders en beter. Vandaar dat ik me afzette tegen die generatie, tegen die autoritaire opvoeding. Niet dat ik voortdurend met politiek bezig was. Ik was een tiener. Ik was verliefd op David Bowie. Die woonde op dat moment trouwens ook in Berlijn. Zelfs hij wist: hier gebeuren de dingen die vandaag belangrijk zijn. Jullie zijn al jaren goede vrienden. Hoe werkt dat precies tussen jullie twee? Guadagnino: Hoe werkt een vriendschap? Die bestaat gewoon. Swinton: Vrienden gaan samen naar de pub, of op vakantie. Het unieke aan onze vriendschap is: Luca maakt films en ik speel in films. Dat is verdomd praktisch én aangenaam. Guadagnino: We hebben vooraf over de film gesproken en Tilda's personage samen bedacht. Swinton: We doen alles samen. We zijn allemaal coauteurs. Luca, ik, cameraman Sayombhu Mukdeeprom, monteur Walter Fassano. We zijn als een curlingteam. De film is de steen, en elk van ons schrobt om beurten met de borstel om hem in het hart van de roos te krijgen. Is Lutz Ebersdorf, die zogezegd psychiater Josef Klemperer speelt, ook een van die coauteurs? Swinton:(onverstoorbaar) Ik vond het geweldig om met hem te werken. In Hollywood zegt men altijd: werk nooit met kinderen, dieren of amateurs. Dat heb ik nooit begrepen. Zij zijn net het leukst. Ze zorgen voor frisheid, voor vrijheid ook. Lutz Ebersdorf is een nieuwkomer. Hij heeft niets te verliezen. Ik vond het fantastisch om met de verschillende lagen van zijn identiteit te werken (een subtiele hint, want Swinton heeft inmiddels toegegeven dat zij wel degelijk Josef Klemperer speelt, nvdr.).Nog een nieuwkomer in het team is Radioheadfrontman Thom Yorke, die de film van muziek voorzag. Guadagnino: En die is fantastisch. Dat was de muziek van Goblin in Dario's film ook, maar die was meer repetitief en eenzijdig. Thoms soundtrack is expressief en melancholisch tegelijk. Heel moedig van hem. Ik wist, ik voelde dat hij dit kon. Hij heeft platen als OK Computer en Kid A gemaakt. Hij is de stem en het geluid van een generatie. Mijn generatie. Hoe zijn jullie te werk gegaan? Guadagnino: Ik heb hem gevraagd en hij zei: 'Oké.' Simpel. (lacht) Een maand voor de opnames heeft hij een paar fragmenten opgestuurd. Die hebben mee de toon gezet, ook op de set. Thom voelde perfect aan waar we naartoe wilden. Niet naar een film met veel CGI maar wel met klassieke speciale effecten, in elk geval. Guadagnino: Ik haat CGI. Tuurlijk gebruik ik digitale technieken. Dat doet iedereen. Maar ik vind CGI nog te jong om te fungeren als creatieve technologie. Het is niet realistisch. Het oogt meteen fake en gedateerd. In Call Me by Your Name zit een scène waarin de hoofdpersonages met de fiets aankomen in een huis op het platteland. De film speelt zich af in de jaren tachtig en sinds die tijd zijn er hier en daar wat dingetjes veranderd aan dat huis. Wel, we hebben die achteraf gewoon met de computer gewist. Dat bleek ongeveer de helft van het budget te kosten, maar de firma die het deed was zo vriendelijk om het gratis te doen. Waarvoor bij deze nogmaals dank. Suspiria is een productie van Amazon... Guadagnino:(spontaan) Zonder hen hadden we deze film nooit kunnen maken, maar het blijven Amerikanen. Toen we het budget bespraken, zeiden ze: je krijgt vijf miljoen voor de CGI. Waarop ik: 'Ik heb maar honderdduizend dollar nodig. Die andere 4,9 miljoen wil ik gebruiken voor de decors, kostuums, make-up, steadycam en noem maar op. Aan zulke dingen merk je dat er tussen de VS en Europa een cultuurkloof gaapt. (lacht) Over cultuurkloven gesproken: ben je Vlaams of Franstalig? Euh... Vlaams. Guadagnino: Dus vind je onze choreograaf Damien Jalet waarschijnlijk maar zozo. Da's namelijk een Franstalige Belg. Ik ken de Belgische gevoeligheden. Je hebt geen enkele vraag over hem gesteld. (lacht)Omdat ik als Belg weet hoe goed hij is. Waar ik naartoe wilde: je gaat in zee met Amazon, niet met Netflix. Omdat je staat op een bioscooprelease? Swinton: Tuurlijk moet je films in de bioscoop zien, maar zolang streamingdiensten als Netflix het lef hebben om cineasten cinematografische films te laten maken, zie ik het wel goed komen. Je moet je pas zorgen maken als er geen relatie tussen die twee werelden meer is. Suspiria is ook wat dat betreft een belangrijke film. Zoals je weet, is Amazon van plan om het productiewerk voortaan over te laten aan andere studio's. Guadagnino: Amazon was tot hiertoe een geval apart, dankzij topman Ted Hope, die een fantastische producent is en een toepasselijk getiteld boek heeft geschreven: Hope for Film. Hij is altijd een voorvechter van bioscoopreleases geweest. Daarom: forza Amazon! (lacht)Slotvraag... Guadagnino: Over Damien Jalet? (grijnst)Nee, over de sequel op Call Me by Your Name. Komt die er echt? Guadagnino: Ik werk aan een docu over schoenenontwerper Salvatore Ferragamo en een film gebaseerd op Bob Dylans Blood on the Tracks. En ik ben wat dingen aan het pennen over wat er met de personages van Call Me by Your Name gebeurd zou kunnen zijn, maar dat doe ik wel vaker. We zien wel wat het wordt.