The Return, The Banishment, Elena, Leviathan: tot hier toe maakte de Russische filmmaker Andrej Zvyagintsev alleen maar goede tot steengoede films, en ook zijn nieuwste werk nestelt zich daar probleemloos tussen. Net als in zijn vier vorige langspelers focust hij ook nu weer op een disfunctionele familie, en ook nu vormt die een even claustrofobische als troebele microkosmos voor moedertje Rusland.
...

The Return, The Banishment, Elena, Leviathan: tot hier toe maakte de Russische filmmaker Andrej Zvyagintsev alleen maar goede tot steengoede films, en ook zijn nieuwste werk nestelt zich daar probleemloos tussen. Net als in zijn vier vorige langspelers focust hij ook nu weer op een disfunctionele familie, en ook nu vormt die een even claustrofobische als troebele microkosmos voor moedertje Rusland. Protagonisten met dienst zijn een man en een vrouw die op scheiden staan en al een tijd elk een nieuwe relatie hebben, maar na hun zoveelste bittere ruzie vaststellen dat hun moe getergde, twaalfjarige zoontje van huis is weggelopen. Samen met een team vrijwilligers gaan ze op zoek naar de vermiste jongen, maar noch bij hen, noch bij de flikken, noch bij de getuigen voel je veel medeleven. Wat begint als een naargeestig vechtscheidingsdrama met knipogen naar Ingmar Bergmans Scènes uit een Huwelijk, muteert aldus tot een sombere thriller langs groezelige flatgebouwen, postindustriële ruïnes, ondergesneeuwde stadsparken en kale snelwegen rond Moskou, waarbij een happy end op geen enkel moment in zicht lijkt en je gaandeweg bijna begint te hopen dat het jongetje niet naar zijn egocentrische, haatdragende ouders terug moet. Vaste cameraman Michael Kritschman giet de queeste in monumentale beelden die zich op je netvlies branden en op je gemoed inwerken, terwijl Zvyagintsev ook nu rauw realisme aan aardse metaforiek koppelt, waarbij je geen diploma semiotiek hoeft te hebben om zijn drama te lezen als een allegorie op de scheiding van Rusland en Oekraïne (af en toe passeert nieuws over de oorlog op tv en radio), met het verdwenen zoontje als 'kind van de rekening'. Net als in zijn bekroonde voorganger Leviathan legt Zvyagintsev het er bij momenten dan ook iets te dik op, en sommige scènes vallen enigszins uit de ijzingwekkende toon, maar op zijn intens cinematografische gevoel voor sfeer, ritme en ruimte valt nog altijd niks af te dingen. De klamme koorts druipt van gangen, muren en karakterkoppen af, en de climax bezorgt zelfs de hardste cynicus een krop in de keel. Een dreun van een film die zich op meerdere niveaus laat lezen en tot lang na het rollen van de credits nazindert. Nazdrovje!