Drunk (Thomas Vinterberg) In de bioscoop op 9 juni

Thomas Vinterbergs schuimende saluut aan het leven was afgelopen oktober amper twee dagen uit toen de zalen alweer dichtgingen. Dat verdient dus een nieuw rondje, met de Oscar voor beste internationale film als extra reden om te feesten. Voor wie te beschonken was om zich de premisse te herinneren: Mads Mikkelsen speelt een leraar die zowel op school als thuis weleens meer opwinding heeft beleefd, en daarom met enkele collega's besluit om zijn midlifecrisis weg te spoelen met alcohol. Aanvankelijk werpt het gedragsexperiment verrassend goede resultaten af, tot helaas niet alleen het fun- en promillegehalte toenemen. Vinterberg, de Deen die eerder trakteerde op Festen en Jagten, vergoelijkt alcoholisme niet, maar een somber dronkemansdrama is het deugddoend benevelende Drunk gelukkig evenmin. Een film die zeker in coronatijden aanvoelt als een bevrijdingsfeestje.
...

Thomas Vinterbergs schuimende saluut aan het leven was afgelopen oktober amper twee dagen uit toen de zalen alweer dichtgingen. Dat verdient dus een nieuw rondje, met de Oscar voor beste internationale film als extra reden om te feesten. Voor wie te beschonken was om zich de premisse te herinneren: Mads Mikkelsen speelt een leraar die zowel op school als thuis weleens meer opwinding heeft beleefd, en daarom met enkele collega's besluit om zijn midlifecrisis weg te spoelen met alcohol. Aanvankelijk werpt het gedragsexperiment verrassend goede resultaten af, tot helaas niet alleen het fun- en promillegehalte toenemen. Vinterberg, de Deen die eerder trakteerde op Festen en Jagten, vergoelijkt alcoholisme niet, maar een somber dronkemansdrama is het deugddoend benevelende Drunk gelukkig evenmin. Een film die zeker in coronatijden aanvoelt als een bevrijdingsfeestje. Ongewenste intimiteiten en machtsmisbruik in de sportwereld: in haar rauwe maar geraffineerde debuut waagt de Française Charlène Favier zich meteen op glad ijs, maar dan zonder te struikelen over sensatiezucht of moralisme. Jérémie Renier speelt een voormalig skikampioen die zijn vijftienjarige leerlinge wil helpen om haar olympische droom waar te maken maar daarbij alsmaar verder van de piste der welvoeglijkheid afdwaalt. Favier houdt de focus op debutante Noée Abita als de dociele tiener die uit de klauwen van haar manipulatieve coach moet zien te slalommen. Dat doet ze met knap camerawerk, koele kleuren en energieke scènes op de skilatten, maar ook door in te zoomen op zwetende blote lijven in gymzalen, tot je het ongemak kunt ruiken. Een delicaat drama over een perfide leraar-leerlingrelatie die enkel bergafwaarts gaat. Tom & Jerry, Space Jam, Peter Rabbit 2, The Elfkins, Hotel Transsylvania 3, The Croods 2: het regent deze zomer animatiefilms, maar geen enkele is zo betoverend als deze. Tomm Moore en Ross Stewart maakten eerder al The Secret of Kells (2009) en Song of the Sea (2014) en vervolmaken hun door Ierse volksmythes geïnspireerde trilogie met dit verrukkelijke verhaal dat - sorry, Soul van Pixar - dit jaar de Oscar voor beste animatiefilm had moeten winnen. Wolfwalkers gaat over een meisje dat besluit om 's nachts het boze bos te verkennen, waar ze ontdekt dat wolven dan toch niet de monsters zijn die mensen ervan maken. Net als in hun eerdere werk wekken Moore en Ross hun sprookjeswereld tot leven in een weelderige aquarelstijl die herinnert aan naiëve schilderkunst en middeleeuwse miniaturen, waarbij elke krul, kras en kleur ertoe doet. Folklore, fantasie en fabuleus vakmanschap om met kwispelende staart bij naar de maan te huilen. Toneelschrijver Florian Zeller toont in zijn ingenieus opgebouwde filmdebuut hoe het voelt om beetje bij beetje je grip op de tijd en je geest te verliezen. The Father begint als een klassiek familiedrama over een trotse tachtiger die begint te dementeren, al ontkent hij dat met klem. Langzaam muteert de film tot een psychothriller wanneer verschillende tijdsniveaus door elkaar beginnen te glijden, en je ook als kijker niet meer weet welke gesprekken de bejaarde patriarch echt met zijn bekommerde dochter (Olivia Colman) voert, en welke hij zich inbeeldt. Het resultaat is een afwisselend brutaal, spannend en aangrijpend maar strak geregisseerd labyrint van een film over macht, manipulatie, lijden en aftakelen. Sir Anthony Hopkins mocht voor zijn glansrol vol barstjes zijn tweede Oscar in ontvangst nemen. 'Als ik groot ben, wil ik een meisje zijn', zegt de als jongen geboren Sasha wanneer ze amper drie jaar oud is. Haar ouders beginnen aan een traject om haar zo goed mogelijk bij die transformatie te begeleiden, al valt dat niet bij iedereen in goede aarde. Regisseur Sébastien Lishitz, die eerder de grenzen van gender en seksualiteit aftastte in fictiefilms als Wild Side en Plein sud, is niet de eerste die inzoomt op de thematiek van genderdysforie, maar zijn documentaire, met zijn sober observerende stijl, zijn focus op hoe het kind het zelf beleeft en zijn empathie voor alle betrokkenen, is wel een van de meest tactiele en ontroerende films die ooit over het onderwerp zijn gemaakt. Een familieportret over strijden voor het recht om jezelf te zijn, dat de kijker confronteert met haar/zijn vooroordelen. Op Film Fest Gent uitgeroepen tot beste film. Wraak is een maaltijd die het best koud opgediend wordt, wisten de Klingons uit Star Trek al, en daar voegt de Britse actrice en tv-maakster Emerald Fennell in haar filmdebuut een scheut venijnig neofeminisme aan toe. Carey Mulligan speelt de blonde wraakengel die zich schijnbaar gewillig dronken laat voeren door hitsige mannen, tot ze bloednuchter terugslaat en van haar belagers prooien maakt. Fennell zet de clichés uit de misogyne verkrachtings- en vergeldingsthrillers grijnzend op hun kop. Daarmee weet ze niet alleen de MeToo-tijdsgeest te bottelen, ze etaleert ook filmisch het nodige lef, met glanzende snoepkleuren en zwierige cameracapriolen. Dat alles resulteert in een zelfbewuste, grillige en bovenal heerlijk ambivalente B-film die realistische soap afwisselt met cartooneske kitsch. Goed voor zes Oscarnominaties en een portie feminiene pulp fiction. 340 miljoen dollar bracht John Krasinski's horrorhit in 2018 in het laatje, en dus kon je er donder op zeggen dat er een sequel zou volgen, ook al sneuvelden in de eerste film een paar hoofdpersonages. Wie het wel overleefden, is de moeder van de belaagde familie Abbott (Emily Blunt) en haar drie kinderen. Zij worden ook nu achternagezeten door blinde, bloeddorstige wezens, maar mogen geen kik geven aangezien de creaturen afgaan op geluid. Vlak voor corona van de wereld een akelig stille plek maakte, ging de sequel in première in de States, om vervolgens een jaar in quarantaine te worden gezet. Het maakt van de akelig efficiënte huiverfranchise nog meer een metafoor voor een wereld vol gesmoord onheil, en de overzeese kritieken van de sequel klinken alvast veelbelovend. 'Opnieuw een ademloos kamerstuk dat elk geluid op een kundige manier in angst verpakt', kopte The Hollywood Reporter, maar hou het stil. Minari is, naast Koreaans voor een typisch Oost-Aziatisch torkruid, ook de titel van Lee Isaac Chungs aandoenlijke, voor zes Oscars genomineerde familieportret. Centraal staat de Koreaanse immigrant Jacob, die in de jaren tachtig met zijn echtgenote en twee kinderen verhuist van Californië naar het landelijke Arkansas om daar een boerderij te beginnen. Een zorgeloze idylle levert dat niet op, zeker niet nadat oma er vanuit de heimat is neergestreken. Chung baseerde de film deels op zijn eigen jeugd op het Amerikaanse platteland van de Ozarks, en mengt zonovergoten feelgoodsentiment met rake, realistische observaties over familiale en culturele ontworteling en ontvoogding. Twee jaar geleden stal Céline Sciamma nog cinefiele harten met haar prachtige lesbischeliefdesballade Portrait de la jeune fille en feu. Straks tracht de Franse filmauteur dat opnieuw te doen met deze bedrieglijk simpele maar sprookjesachtige rêverie over liefde, lijden en loutering. De achtjarige Nelly trekt samen met haar moeder Marion naar het huis van haar pas overleden oma, waar een geheime boshut algauw uitgroeit tot een plek waar herinneringen opborrelen, geesten verschijnen en wonden worden geheeld. 'Geheimen zijn niet altijd dingen die we proberen te verbergen', hoor je Nelly zeggen tegen het nieuwe vriendinnetje dat ze in het bos ontmoet en dat sprekend op haar lijkt. Het is meteen de kerngedachte van dit heel erg aardse, ontroerende spookverhaal in een franjeloze, naturalistische stijl. Een mooie, amper 72 minuten durende miniatuurmeditatie over de helende kracht van verbeelding. Op The Eternals van Chloé Zhao, wiens Oscarwinnende roadmovie Nomadland toch nog in de zalen komt (9 juni!), is het wachten tot het najaar, maar deze zomer al belooft Marvel zijn superhelden te injecteren met feminiene flair. De regisseur van Black Widow, dat een jaar geleden al de box office had moeten kraken, is namelijk de Australische Cate Shortland. Die komt net als Zhao uit het indiecircuit en maakte met Somersault (2004) en Lore (2012) al twee knappe auteursfilms. Bovendien neemt ze goed vrouwvolk mee, met Scarlett Johansson die opnieuw in het zwarte spandexpakje van de voormalige KGB-spionne uit de Avengers-stal kruipt, en Florence Pugh en Rachel Weisz die respectievelijk haar ersatzzus en -moeder spelen. Ook Iron Man/Tony Stark komt goedendag zeggen in wat hopelijk eindelijk eens een Marvelfilm is waar, naast blitse bits and bytes, ook ballen aan zitten. Zelfs Vin Diesel kan zich de plots van de vorige episodes allicht nauwelijks nog herinneren, maar hoe luid en onnozel de Fast and Furious-films meestal ook zijn, er zitten altijd wel enkele spektakelscènes in die de adrenalinespiegel fluks de hoogte injagen. In aflevering negen van de lucratieve actiefranchise trekt Diesel nog maar eens het marcelleke van Dom Toretto aan. Die moet zijn drivers crew opnieuw samenstellen wanneer hij in de clinch raakt met zijn moordzuchtige broer. In China bleek F9 - kostenplaatje: 200 miljoen dollar - alvast de meest succesvolle van de reeks, dus hersens en lichten uit en gordels aan voor stunt-en-vliegwerk met blitse bolides, en met Charlize Theron als cyberterroriste van dienst. Chungking Express, Fallen Angels, 2046...: hyperestheet Wong Kar-Wai schilderde al meerdere in bitterzoete melancholie en diepe pelliculekleuren gedrenkte parels op het witte doek. Tot nader order blijft zijn meesterwerk echter deze bloedmooie liefdesballade, die eenentwintig jaar geleden in Cannes in première ging en zich ondertussen in zowat elk cinefiel hart en lijstje met beste films aller tijden nestelde. De film wordt nu opnieuw uitgebracht in een 4k-restauratie die de zinnenprikkelende breedbeelden van cameradichter Christopher Doyle alle eer aandoet. Smacht, mijmer en hunker mee met meneer Chow (Tony Leung) en mevrouw Chan (Maggie Cheung) die in Hongkong anno 1962 buren worden, en in afwezigheid van hun echtgenoten naar elkaar toegroeien, met alle schurende gevoelens van dien. In dit fantasy-epos dat al meer dan een jaar op zijn release wacht, duikt David Lowery de mythische middeleeuwen in, met het veertiende-eeuwse, arthuriaanse, ooit nog door J.R.R. Tolkien naar modern Engels vertaalde heldendicht Heer Gawein en de groene ridder als gids. Dev Patel trekt het gewaad aan van koning Arthurs eerzuchtige neef Gawain, die besluit in te gaan op een uitdaging van de gevreesde groene ridder. Op zijn queeste passeert hij onder meer langs geesten, dieven, reuzen, een ronde tafel, een pratende vos en een jonkvrouw die verdacht veel op Alicia Vikander lijkt. De eerste trailer doet alvast een hoog Lord of the Rings-gehalte vermoeden, maar de schrijver en regisseur van onder meer Ain't Them Bodies Saints en A Ghost Story geeft de Arthurlegende vast een persoonlijke, visueel excentrieke draai. 'Life is a pigsty', zong Morrissey al, en dat kan Victor Kossakovsky alleen maar beamen. In zijn nieuwste film richt de Russische filmmaker, die net als Moz het motto 'meat is murder' huldigt, zijn camera op varkens in het algemeen en op zeug Gunda en haar biggen in het bijzonder. Dat doet hij zonder commentaar of muziek, en zelfs zonder een spat kleur, maar met verbazend veel empathie, zin voor ritme en prachtige beelden, zodat je nooit meer op dezelfde manier naar een kotelet zult kijken. Joaquin Phoenix, die als uitvoerend producent vermeld staat, was danig onder de indruk van deze arthouse- Babe zonder woorden, net als Paul Thomas Anderson, die het 'een film om in te baden' vindt, met 'beelden en geluiden die samen een krachtig en diepgravend verhaal vertellen'. Een parel vol zwijnen. De naam Harvey Weinstein wordt nergens vernoemd en seksuele roofdieren blijven buiten beeld, maar toch is het duidelijk dat Kitty Greens benauwende kantoordrama is geïnspireerd door de schandaalzaak rond de gevallen, voor seksueel misbruik veroordeelde Hollywoodmogol. Alles draait om een jonge vrouw (Julia Garner) die aan de slag gaat als assistente bij een New Yorkse filmmaatschappij. Al na een paar uren krijgt ze in de smiezen dat ze op een werkplek is beland waar in elk bureau en elke vergaderzaal een toxisch machoklimaat heerst. Green mijdt sentiment en statements, maar suggereert in een akelig onderkoelde maar precieze stijl hoe schampere opmerkingen, hautaine blikken en drukkende stiltes minstens zo intimiderend en kleinerend kunnen zijn. Een langzaam verstikkende MeToo-thriller over machtsmisbruik en manipulatie op de werkvloer.