Wie doet beter dan Jérémie Renier? Amper 36 is hij, maar hij is al twintig jaar een certitude in de Frans-Belgische cinema en stond vaker op de rode loper van Cannes dan alle Vlaamse regisseurs, acteurs en actrices bij elkaar opgeteld. Meestal flankeert de Brusselaar de broers Dardenne, die hem op zijn vijftiende de hoofdrol lieten spelen in het onvergetelijke La promesse en sindsdien op hem blijven rekenen. Maar ook zonder de Dardennes raakt hij vlotjes in Cannes.
...

Wie doet beter dan Jérémie Renier? Amper 36 is hij, maar hij is al twintig jaar een certitude in de Frans-Belgische cinema en stond vaker op de rode loper van Cannes dan alle Vlaamse regisseurs, acteurs en actrices bij elkaar opgeteld. Meestal flankeert de Brusselaar de broers Dardenne, die hem op zijn vijftiende de hoofdrol lieten spelen in het onvergetelijke La promesse en sindsdien op hem blijven rekenen. Maar ook zonder de Dardennes raakt hij vlotjes in Cannes. Bijvoorbeeld met hoofdrollen in Elefante blanco van Pablo Trapero of Saint Laurent van stilist Bertrand Bonello. Twee zaterdagen geleden deed Renier het festival aan voor de wereldpremière van L'amant double. De onvermoeibare François Ozon baseerde deze speelse en uitdagende variant op Dead Ringers van David Cronenberg en Sisters van Brian De Palma op een boek van de gevierde Amerikaanse schrijfster Joyce Carol Oates. In zijn psychologische erotische thriller speelt Renier een tweeling die een Franse schone pre- en postcoïtaal in de war brengt. Googel vooral fotomodel/actrice Marine Vacth niet als u van het jaloerse type bent. Op het dak van een prestigieus hotel met een fabelachtig zicht op de Croisette en de Middellandse Zee zie ik Renier vlak voor onze afspraak acht internationale filmjournalisten tegelijk te woord staan. Hij grapt dat hij zich ter voorbereiding op de film al twintig jaar onderwerpt aan psychoanalyse, maar zijn kwinkslag gaat hopeloos de mist in. Hij laat het niet aan zijn hart komen. Been there, done that.Jérémie Renier: Ja, waarom? Renier:(grinnikt) Over Ozon hadden we het al gehad en ze zal niet hebben durven te vragen naar die scènes. Wat wil jij daar zo graag over weten? Renier: Emotioneel niet vanzelfsprekend? Op persoonlijk vlak niet vanzelfsprekend? Waar denk je aan? Ik heb in uiteenlopende films al behoorlijk wat liefdesscènes gespeeld, en ik heb het daar helemaal niet moeilijk mee. Ik bewaar gewoon afstand. Ik ben niet mezelf, ik speel een personage en ik laat me niet plat slaan door wat dat personage meemaakt. Ik laat me niet leegzuigen door een liefdesscène of een psychologisch zware scène. Renier: Nee. Het zijn heel technische scènes: de bewegingen zijn ingestudeerd, je moet weten waar de camera zich bevindt en opwinding veinzen. Mij stoort dat allemaal niet. Ik heb geen probleem met naakt, ik heb geen last van schaamte. Veel hangt af van je tegenspeler. Marine Vacth was geweldig. We wisten dat het nodig was om het spel ten volle te spelen, om geen schroom te hebben ten opzichte van elkaar en ons vrij te voelen. We wilden sterke, geloofwaardige, opwindende scènes. Omdat we allebei al met François Ozon gewerkt hadden wisten we dat we hem blindelings konden vertrouwen. François houdt van ons, hij zou ons vertrouwen nooit beschamen. Renier: François en ik zijn intiem, we zijn al jaren vrienden. Hij is me lang blijven zien als de jonge knaap uit Les amants criminels of Potiche. Hij had het moeilijk om dat beeld van zich af te zetten, maar dat begrijp ik wel. Ik bewaar heel goeie herinneringen aan Les amants criminels. Dat was nog maar mijn tweede film. La promesse was niet gemakkelijk geweest: er was weinig geld, we draaiden in moeilijke omstandigheden en het was ijskoud. Op de set van François ging het er veel zachter toe. We konden meteen goed met elkaar opschieten en voelden ons medeplichtigen. Renier: Het was precisiewerk. We werkten met een doublure. Ik positioneerde me eerst als de ene tweelingbroer en dan als de andere. Daarna was het aan de jongens van de speciale effecten. De eerste keer deed het me niet veel om die scène terug te zien. Ik was blij dat het er zo goed uitzag, meer niet. Maar in Cannes, op dat reuzenscherm van het Grand Théâtre Lumière in aanwezigheid van duizenden mensen mezelf mezelf zien kussen: dat was regelrecht schizofreen. Renier: Met Jeremy Irons ben ik nog nooit verward, wel met Jeremy Renner. Enkele weken terug ontving ik in mijn hotel in Parijs nog een uitnodiging voor Le Silencio (de door David Lynch ontworpen nachtclub, nvdr). Die was op naam, maar ze hadden er Jeremy Renner van gemaakt. Voortaan ben ik een Amerikaanse acteur uit de Marvelstal! (lacht)Kun je geloven dat ik na de auditie voor L'amant double geheel toevallig Dead Ringers bekeken heb? Ik heb thuis vrij veel films liggen en ik botste op een Cronenberg die ik nog niet had gezien. Ik schrok want er zijn inderdaad enkele frappante overeenkomsten. Het grote verschil is dat Cronenberg de tweeling centraal plaatst. Ozon laat ons kijken door de ogen van het vrouwelijke personage. Renier: Het grappige is dat ik enkele maanden geleden zélf met psychoanalyse ben begonnen. Ik heb dat vroeger nog gedaan maar hield het nooit lang vol. Ik heb voor de film wat boeken over de freudiaanse en lacaniaanse psychoanalyse geraadpleegd. Ik vind het niet oninteressant. Ik zie het vooral als een manier om jezelf in vraag te stellen en om je ware ik te ontdekken. Zoals je in de film kunt zien, heeft de mens de neiging om zich achter bepaalde facetten van zichzelf te verstoppen. We denken onszelf te zijn maar hoe ouder we worden, hoe meer we vaststellen dat we misschien toch niet volledig samenvielen met ons ware ik. Door ouder te worden, door beproevingen te doorstaan, leer je jezelf steeds beter kennen. Renier: Niet zo veel, maar ik heb het gevoel dat het me goed doet. Ik besef heus wel dat het geen zin heeft om de dingen en dan vooral jezelf te veel te analyseren. Ik hoed me voor een egotrip. Het is niet de bedoeling om mezelf voortdurend in het middelpunt van de belangstelling te plaatsen en elk gevoel te benoemen en te doorgronden. Ik weet dat je sommige dingen moet nemen zoals ze komen en dat je hoe dan ook vergissingen maakt. Dat mag je nooit tegenhouden om ten volle te leven. Renier: Klopt. We beschouwden hen als twee verschillende personages met een eigen look en een eigen karakter. Aan de bril, de haarsnit en de kledij kun je Paul van Louis onderscheiden, maar het grootste verschil zit in de psychologie en het spel. Hun lichaamstaal is totaal verschillend en ze kijken heel anders naar Chloé. Het was hoogst amusant om ze soms te laten verschillen en dan weer op elkaar te laten lijken, zodat je als kijker niet meer weet wie je voor je hebt en je dubbelspel begint te vermoeden. Ik zeg trouwens zelden ja tegen een film waar geen uitdaging aan is. Ik zou me al snel gaan vervelen en me afvragen of het wel zin heeft. Ik moet gemotiveerd zijn. Ik moet gestimuleerd worden. Renier: Hopelijk komt dit niet pretentieus over, maar ik moet toegeven dat de zin om te acteren wat afgebot is. Ik heb al in veel films gespeeld, ik heb al van veel zaken mogen proeven. Ik heb me al afgevraagd wat me nog rest, wat ik nog kan uitproberen. Dat kan geen kwaad. Ik heb intussen geleerd dat het ook interessant kan zijn om terug te keren naar de essentie en te aanvaarden dat je soms alleen maar jezelf bent in een film. Je hoeft niet élke keer te transformeren. Ook niet als je dat heel graag doet, zoals ik. Renier: Toch eerder dat eerste. Ik durf regisseurs die ik bewonder niet aan te spreken. Daar ben ik te verlegen voor. Ik zou ook het gevoel hebben dat ik mezelf verkoop of prostitueer. Ik weet dat dat niet zo is, maar toch houdt het me tegen. Het is gelukkig al iets beter dan vroeger. Uit schrik om over te komen als een slijmjurk was ik vroeger amper in staat om een compliment te geven aan een collega of een regisseur die ik bewonderde. Ik hield nog liever mijn mond. Vandaag durf ik het gewoon te zeggen als ik van iemands werk onder de indruk ben. Regisseurs met wie ik al samengewerkt heb, durf ik ondertussen al aan te spreken, mensen die ik niet persoonlijk ken helaas nog niet. Renier: Ik weet niet of L'amant double voor hen geschikt is. Voor de jongste telt vooral de tijd die we samen doorbrengen. Wat ik om den brode doe, interesseert hem voorlopig niet. Het zou ook maar raar zijn mocht hij voortdurend vragen om mijn films te bekijken. Zeker omdat ik in speciale films speel, niet in The Fast and the Furious of zo. De oudste is wel geïnteresseerd. Hij wil acteren. Ik verzet me daar niet tegen. Ik druk hem enkel op het hart dat je er vol voor moet gaan als je een passie hebt, niet half. Hij mag niet acteren omdat zijn vader het doet of omdat het hem 'wel leuk' lijkt. Maar dat is niet het geval. Hij staat stevig in zijn schoenen en hij is gepassioneerd. Dat is mooi om te zien. Renier: Ik heb de geluidsmontage net voor de afreis naar Cannes afgewerkt. We hebben wel even overwogen om de film voor het festival in te dienen, maar we zaten te krap in tijd. Er is nog werk aan. Als het goed gaat, is Cannes een geweldig lanceerplatform. Als het niet goed gaat, kan Cannes keihard zijn. Dat is delicaat. Ik denk dat we er goed aan gedaan hebben om de film niet overhaast af te werken en onszelf niet nodeloos veel druk op te leggen. Er zijn nog andere festivals. Renier:Carnivores gaat over twee zussen die allebei acteren. De oudste leeft in de schaduw van de jongere. In het begin geeft ze de indruk dat ze daar goed mee om kan, maar na verloop van tijd merk je dat het toch wat ingewikkelder ligt. Een deel van haar zou haar jongere zus wel kunnen verslinden. Renier: Leid daar niet te veel uit af. Tussen Yannick en mij is er nooit competitie geweest. Ik ben zes jaar jonger. We hebben verschillende moeders en waren dus maar één weekend op twee samen, maar we konden het wel heel goed met elkaar vinden. Het enige wat hem zwaar tegenstond, is dat ik hem altijd nadeed. Maar is het niet normaal dat kleine broers hun grote broer nadoen? Renier: O ja! Regisseren is geweldig. Al regisserend heb ik beseft dat ik het eigenlijk al veel eerder had moeten doen. Ik moet elf, twaalf jaar geweest zijn toen ik in de weekends mijn vrienden optrommelde om in een hoekje filmpjes te maken. Ik heb altijd al van cinema gedroomd. Alleen wilde ik dan regisseur worden, niet acteur. Zo heb ik me destijds niet kandidaat gesteld voor La promesse in de hoop om acteur te worden. Ik was vooral nieuwsgierig naar hoe het er op een filmset toe ging. Renier: Spijt heb ik niet. Het leven vliedt gelijk het vloot. Maar hoe meer ik in films acteerde, hoe meer ik me bewust werd van andere prioriteiten en verlangens. Ik kwam tot het besef dat ik daar werk van moest maken. Dat ik me moest gooien. Dat ik moest uittesten of ik in de wieg ben gelegd voor regie. Een bevlieging was het zeker niet. Mijn broer en ik koesteren al plannen om samen een film te regisseren sinds we samenspeelden in Nue propriété van Joachim Lafosse. Het is trouwens ongelooflijk hoe hard jij op Lafosse lijkt. Je zou zijn broer kunnen zijn. Renier: Onze agenda's lieten mijn broer en mij niet toe om vaak samen te zitten om te schrijven en naar ideeën te zoeken. Renier: De opnames van onze film zaten er net op, we waren al een week of vier druk aan het monteren, toen François vroeg of ik die dubbelrol in L'amant double nog altijd zag zitten. Hij was beginnen te twijfelen en overwoog een andere acteur te nemen als ik niet zou kunnen. Qua timing kwam het vreselijk slecht uit, maar uiteindelijk ben ik toch gezwicht. Het was verdikke lang geleden dat ik nog zo'n opwindend script gekregen had. Het zou zonde geweest zijn om L'amant double aan mij te laten voorbijgaan. Maar dat betekende wel dat mijn broer onze film alleen moest monteren.