Wie niet weet dat Ridley Scott dit jaar 80 werd en gezegend is met een gezonde dosis zelfkennis, zou denken dat hij een losgeslagen veertiger op ramkoers richting burn-out is.
...

Wie niet weet dat Ridley Scott dit jaar 80 werd en gezegend is met een gezonde dosis zelfkennis, zou denken dat hij een losgeslagen veertiger op ramkoers richting burn-out is. Of hoe interpreteer je anders zijn 2017? Nadat de Britse cineast dit voorjaar Alien: Covenant opleverde - het vervolg op zijn doorbraak Alien (1979) - en wat later nauwlettend over de schouders van Denis Villeneuve meekeek toen die zijn script voor Blade Runner 2049 regisseerde - de sequel op Scotts neo noir-hit Blade Runner (1982) - schudde de vlijtige cineast ook nog All the Money in the World uit zijn mouw. Dit kidnapdrama een tussendoortje noemen, zou een misser zijn. Niet enkel omdat de vermaledijde Kevin Spacey de productie verstoorde - en Christopher Plummer die zijn rol glansrijk overnam -, maar vooral omdat Scott het elan van zijn post-Gladiator (2000) hausse terugvindt. Het epische uit zijn films Robin Hood (2010) en Exodus: Gods and Kings (2014) laat hij gelukkig achterwege om de periodeschets in te kleuren met zijn welgemikte suspense uit American Gangster (2007). Het op feiten gebaseerde verhaal over de steenrijke oliemagnaat J.P. Getty (Christopher Plummer) wiens 16-jarige kleinzoon in 1973 in Italië ontvoerd werd, past dan ook perfect in zijn verzameling well made movies die drama, misdaad en actie tot een explosieve cocktail mengen. Voeg daar nog obsessie, familie en geld aan toe en je krijgt gegarandeerd vuurwerk, moet scenarist David Scarpa hebben gedacht, die zich baseerde op John Pearsons boek Painfully Rich uit 1995. Gelukkig is het niet enkel geld dat de klok slaat. Wat dit drama écht stuwt is de onzekerheid die achter Getty's rijkdom schuilt. Want al oogt de oliemagnaat zelfverzekerd in de soms groteske decors en fotografie, vaak lijkt hij als een onzeker jongetje dat bang is om tegen de grens van zijn rijkdom te botsen. Wat als hij niet genoeg heeft? Die angst zit zo diep dat hij zelfs het losgeld voor zijn kleinzoon niet wil betalen. Dit tot onbegrip van Gail - een vastberaden Michelle Williams - die als alleenstaande moeder vecht tegen het patriarchaat dat haar schoonvader en diens hulpje (Mark Wahlberg) belichamen. Geen wonder dat All the Money in the World een evenwichtsoefening is dat pivoteert tussen Getty's verscheurende keuze tussen geld of familie, Gails onvermoeibare strijd om haar zoon te redden én Getty's kleinzoon wiens ontvoerders stteds ongeduldiger worden. Maar laat net daar het schoentje wringen: hoe trefzeker en broeierig Scotts scène-regie ook is, uitgezoomd twijfelt de film te vaak tussen volbloed familiedrama en uitgekiende kidnapthriller. Als Scott daarin een even radicale keuze had gemaakt als met zijn last minute-wissel had hij zonder twijfel een van zijn beste films in jaren gemaakt.