Al Pacino die als Tony 'Scarface' Montana zijn neus diep in een gigantische berg cocaïne op zijn bureau duwt. Uma Thurman die per ongeluk een lijntje heroïne snuift in Pulp Fiction, en met een adrenalinenaald in haar borstkas uit de dood herrijst. De waanzinnige hallucinaties van Hunter S. Thompson, vertolkt door Johnny Depp, tijdens Fear And Loathing In Las Vegas. Leonardo Dicaprio's complete meltdown op het verdovingsmiddel methaqualon in The Wolf of Wall Street, bijna elke scene in Darren Aronofsky's Requiem For A Dream, etc., etc.
...

Al Pacino die als Tony 'Scarface' Montana zijn neus diep in een gigantische berg cocaïne op zijn bureau duwt. Uma Thurman die per ongeluk een lijntje heroïne snuift in Pulp Fiction, en met een adrenalinenaald in haar borstkas uit de dood herrijst. De waanzinnige hallucinaties van Hunter S. Thompson, vertolkt door Johnny Depp, tijdens Fear And Loathing In Las Vegas. Leonardo Dicaprio's complete meltdown op het verdovingsmiddel methaqualon in The Wolf of Wall Street, bijna elke scene in Darren Aronofsky's Requiem For A Dream, etc., etc. De filmgeschiedenis heeft heel wat iconische drugstaferelen in de aanbieding. Geestverruimende en verdovende middelen zijn nu eenmaal een dankbaar onderwerp, dat zich op allerlei manieren en vanuit allerlei invalshoeken met zwier laat in beeld brengen. Hollywood en dope, da's een lang en vruchtbaar huwelijk. Het begon al in de jaren '30, met onbedoeld hilarische anti-cannabispropaganda als Reefer Madness en Marihuana: The Weed With Roots In Hell. In 1955 werd Frank Sinatra genomineerd voor z'n derde Oscar, voor de vertolking van een heroïnejunk in het destijds controversiële The Man With The Golden Arm van Otto Preminger. Veertien jaar later was Easy Rider één van de vele 'drugsfilms' die hoogtij vierden in de jaren '60 en '70. Narratief en visueel zorgt het fictionaliseren van druggebruik - de rituelen, de effecten - dan ook voor drama, voor spektakel, zelfs voor komisch effect. Flippen en trippen, voor een regisseur is het een enorme speeltuin. Alleen, wat we in films voorgeschoteld krijgen over druggebruik zijn haast altijd de extremen en de excessen. Waarschijnlijk zit er niemand te wachten op een film over druggebruik waarin Peter of Marie 's avonds ontspannen met een jointje, af en toe in het weekend een lijntje of een pilletje nemen, en de volgende maandag netjes met de hond gaan wandelen, de kinderen naar school brengen, naar het werk vertrekken, op kantoor, in de fabriek, het ziekenhuis, de keuken, de school, het parlement. Hollywood kijkt vaak met dezelfde sensationele, demoniserende bril naar drugs als politici doen. Een roesmiddel met wortels in de hel. Maar alle druggebruikers op één en dezelfde lijn zetten met de tragische junkies uit Requiem For A Dream, dat is ongeveer hetzelfde als alle automobilisten vergelijken met de snelheidsduivels uit The Fast And The Furious. Drugs kunnen gevaarlijk zijn, maar aan 200 kilometer per uur over een drukke snelweg razen ook. Toch worden er wagens gemaakt waarmee dat perfect mogelijk is. Het is een ongemakkelijke waarheid waar sommige beleidsmakers niet mee kunnen of willen leven: de meerderheid van recreatieve druggebruikers is geen crapuul, zorgen niet voor overlast, en leveren hun bijdrage aan de samenleving. Drugsverslaving is natuurlijk een verschrikkelijke realiteit die levens kan verwoesten, maar dat zijn alcohol- of gokverslavingen ook. Toch zal niemand scheef of bezorgd kijken, wanneer u dit weekend in de krantenwinkel een lottoformulier invult of op café een gin-tonic bestelt. We voeren snelheidsbeperkingen en verkeersregels in, verbieden de verkoop van alcohol aan minderjarigen, waarschuwen voor de gevaren van gokken en sigaretten. Bepaalde middelen legaliseren en regulariseren zou dus een antwoord kunnen zijn op zowel drugsmisbruik als de aanpak van de meedogenloze drugsmaffia. Maar daar wil bijvoorbeeld Bart De Wever niet van weten. Die rolt liever met de spierballen, trekt de kaart van repressie, en fulmineert tegen 'yogasnuivers'. Joints noemt hij, in een interview met De Tijd eind vorig jaar, 'smeerlapperij'. De jaren '30 achterna. We moeten onze ogen niet sluiten voor drugsproblematiek, maar met de oude en versleten Hollywoodclichés gaan we er helaas niet uit geraken, vrees ik.