Heel even aarzelen we om Laurence Fishburne (57) aan te spreken.

Voor de derde keer is Morpheus uit The Matrix ingegaan op het aanbod om het filmfestival van Marrakech bij te wonen. In ruil voor wat actes de présence en lieve woordjes over de gastvrijheid en de culturele rijkdom van Marokko kan hij dagenlang genieten van zomerse temperaturen in december, de bedwelmende luxe van hotel La Mamounia, verkenningen van de eeuwenoude medina en keuvelen met festivalgasten als Martin Scorsese, Robert De Niro en James Gray. Gekleed in een piekfijne kaftan en lurkend aan een dikke sigaar straalt hij de gelukzaligheid uit van iemand die in Hollywood niets meer te bewijzen heeft en zich de geneugten des levens laat welgevallen.

Ik praat niet over president 45. Dat is te gênant.

Nieuwsgierige journalisten uit kleine landen te woord staan, hoort daar niet bij. Toch doet hij het. Al bulderlachend: 'Hit me.'

Eerst de actualiteit. Je doet mee in The Mule, een film waarin Clint Eastwood zichzelf regisseert als bejaarde drugskoerier. Wat mogen we verwachten?

Laurence Fishburne: Clint speelt een bloementeler die altijd heeft geleefd voor zijn werk en daar privé een zware prijs voor betaalt. Zwaar verarmd aanvaardt hij een transportklus zonder te weten dat het om drugs gaat. Want we weten allemaal: als oude, blanke man loopt hij in het Amerika van vandaag een kleiner risico om betrapt te worden. (lacht) Ik speel de DEA-agent die een drugsnetwerk onderzoekt en op zoek is naar hun koerier.

Clint is er ondertussen 88. Het is bijna niet te geloven dat hij maar blijft films maken én acteren. Zijn passie en vastberadenheid zijn intact gebleven, ook al is hij al lang niet meer de Dirty Harry die we kennen uit de jaren zeventig, maar een kwetsbare, oude man.

Een oude man die het niet kan laten om controversiële uitspraken te doen en openlijk voor Donald Trump te supporteren. Wringt dat niet?

Fishburne: Daar wíl ik zelfs niet over nadenken. We kunnen het niet over 45 hebben (Trump is de 45e president van de VS, nvdr.). Dat is te gênant.

Ik ken Clint Eastwood als regisseur. Ik was al een veertiger toen ik voor het eerst met hem samenwerkte. Dat was voor Mystic River, een geweldige film met Sean Penn en Tim Robbins. Ondanks al mijn ervaring schrok ik van de eenvoud, de snelheid en de efficiëntie waarmee hij te werk ging. Hij werkt al decennia met min of meer dezelfde crew. Die heeft aan een half woord genoeg en voor je het weet zijn de opnames voorbij. Op mijn veertiende deed ik mee in Apocalypse Now. Die opnames hebben twee jaar geduurd. Ik dacht dat dat normaal was. Eastwood bleek aan 25 dagen genoeg te hebben. Elk zijn stijl, zeker? (lacht)

What's Love Got to Do with It, 1993 © ISOPIX

In mei vieren we de veertigste verjaardag van Apocalypse Now. Hoe belangrijk was dat Vietnam-epos van Francis Ford Coppola voor jouw carrière?

Fishburne: Ik was amper veertien, maar dat wist Francis niet. Apocalypse Now heeft mijn leven bepaald. Ik zag mezelf voor het eerst als een artiest en ik begon te begrijpen wat cinema was en hoe de wereld in elkaar zat. Die film rukte me weg uit Brooklyn, New York, waar iedereen er precies uitzag als ik, en dropte me in de Filipijnen, waar niemand eruitzag als ik. Een wereld ging voor me open. Francis was blijkbaar niet ontevreden, want we hebben nog meerdere keren samengewerkt (The Cotton Club, Rumble Fish, Gardens of Stone, nvdr.).

Hoeveel herinner jij je nog van je filmdebuut uit 1975: Cornbread, Earl and Me, het verhaal van drie Afro-Amerikaanse straatjochies?

Fishburne: Ik was amper elf jaar oud. Van de opnames in Los Angeles herinner ik me amper wat. Dat was wérk en ik was er toen nog op uit om zoveel mogelijk te spelen. Zodra de camera even niet draaide, ravotte ik met de andere acteurtjes of speelde ik The Super Cops na.

Je mag dit jaar van het ene verjaardagsfeest naar het andere. The Matrix kwam twintig jaar geleden uit. Regisseurs/scenaristen Lilly en Lana Wachowski, toen nog Andy en Larry, sneden in die film filosofische vraagstukken aan. Jouw personage Morpheus oppert dat wat voor werkelijkheid doorgaat slechts schijn is.

Fishburne: Het was inderdaad een filosofische film. In 1999 liep de bewogen twintigste eeuw ten einde en de mensen wisten niet goed wat ze konden verwachten van het nieuwe millennium. Wat wil je? Al de hele geschiedenis lang heeft de mens het knap lastig met het onbekende. We bezweren die angst voor wat komt met oude verhalen. Op de een of andere manier putten we daar troost uit. The Matrix is zo'n oud, mythologisch verhaal maar dan vertaald naar een moderne context. Dat zie je vandaag wel vaker, maar destijds was dat redelijk uniek.

The Matrix, 1999 © ISOPIX

Ben je eigenlijk mee met de nieuwste technologie?

Fishburne: Ik heb een smartphone maar die heb ik lang niet altijd op zak. E-mail gebruik ik zelden. Ik telefoneer liever. Met sociale media laat ik me niet in. Dat is geen tegenreactie, ik ben gewoon zo: gelukkig zonder Twitter of Facebook. Ik ben niet mensenschuw en ik hou van mijn vrienden, maar ik ben gesteld op mijn rust en privacy. Ik wil niet gevolgd worden door vijftienduizend motherfuckers. Misschien doe ik af en toe wel iets dat niet mag, en dat hoeft niet iedereen te weten. (bulderlach)

Wat is het grootste risico dat je in je carrière hebt genomen?

Fishburne: Ike Turner spelen in de Tina Turner-biopic What's Love Got to Do with It. Het scenario was niet geweldig. Ze hadden van Ike een behoorlijk eendimensionale, bijna karikaturale slechterik gemaakt. Het was dus aan mij om van hem een mens van vlees en bloed te maken.

Met succes, want je hield er in 1994 je enige Oscarnominatie aan over. Vind je dat je nu nog aan de top staat?

Fishburne: Daar draait het toch helemaal niet om? De klokt tikt verder, het leven gaat voort. Ik ben ouder en dikker geworden. Ik weet niet of ik ook slimmer geworden ben, maar zeker wel grappiger. Soms toch. (lacht) Als je de sitcom Black-ish kent, dan weet je dat ik tegenwoordig een grootvader speel. Dat stoort me niet. Grootvaders stoel zit erg comfortabel.

Geen Facebook of Twitter voor mij. Ik wil niet gevolgd worden door vijftienduizend motherfuckers.

Maar je bent nog niet van me af. Je ziet me straks terug in John Wick 3 en ik werk nog steeds voort aan de verfilming van The Alchemist van Paulo Coelho. Dat project is zestien jaar oud. De spirituele kant van dat boek schrikt veel mensen af, maar ik geef niet op. Hoelang heeft Scorsese er niet over gedaan om Silence te maken? Twintig jaar is niet zo veel voor een speciaal kunstwerk. We hebben de wind weer in de zeilen: de opnames zouden voor dit of volgend jaar zijn.

Van 2008 tot 2011 deed je mee in de politieserie CSI. Was dat een stap achteruit?

Fishburne: Ik zal niet liegen: op creatief vlak was dat niet de opwindendste job. Het was een klus, maar dan wel een goede klus. Zolang je besefte dat de op te lossen zaak de ster van de show was en niet de acteurs, zat je goed.

Beschouw je gestileerde geweldfilms als John Wick 2 en 3 ook als een klus?

Fishburne: Totaal niet! Ik heb geen vaste formule. Ik kies mijn rollen intuïtief. Ik hou van films die meer bieden dan enkel entertainment, maar dat is geen voorwaarde. De eerste John Wick sloeg me van de sokken. Ik vroeg Keanu Reeves, een dikke vriend sinds we samen The Matrix maakten, wie ik moest opvrijen om te kunnen meespelen in de sequel. Dat is gelukt. De wereld van John Wick is enorm plezant om in te vertoeven: iederéén is een badass motherfucker in die films.

Mystic River, 2003 © Photo: Merie W. Wallace

Hoe hoog schat je Spike Lee in? Met BlacKkKlansman staat hij weer aan de top, maar de jaren daarvoor had hij het moeilijker. Jij speelde dertig jaar geleden de hoofdrol in zijn muzikale komedie School Daze.

Fishburne: Ik zag School Daze onlangs opnieuw en het trof me hoe goed die film de tand des tijds heeft doorstaan. Het is een klassieker. Ik had het geluk dat ik Spike Lee op de juiste plaats op het juiste moment heb ontmoet. Hij is een gigant. Ik kan het belang van die man niet hard genoeg benadrukken. Denk alleen al aan de carrières die hij heeft gelanceerd: die van production designer Wynn Thomas, kostuumontwerpster Ruth E. Carter, regisseur Malcolm D. Lee, acteurs Samuel L. Jackson, wijlen Bill Nunn en Rosie Perez... De lijst is eindeloos.

Je behoorde tot het DC Comics-universum met je rol van Perry White, de hoofdredacteur van Clark Kent aka Superman. Maar je stapte over naar Marvel om in Ant-Man and the Wasp te spelen. Doe je superheldenfilms louter om den brode?

Fishburne: Ben je gek? Ik ben opgegroeid met de superhelden van Marvel én DC Comics. Ik geniet ervan dat ze al de comics waar ik als kind aan verslingerd was, één voor één tot leven wekken in de cinema. Beter wordt het niet. Als de eerste de beste geek kijk ik uit naar de tweede Infinity War-film. Van Black Panther en Doctor Strange was ik ondersteboven. Voor kritiek op die films moet je bij een ander aankloppen.

The Mule, 2019 © ISOPIX

Acht je Black Panther in staat om te triomferen op de Oscars?

Fishburne: Geen idee, maar je kunt het belang van Black Panther niet onderschatten. Het is dé film waar zwarte mensen, telgen van de Afrikaanse diaspora, honderd jaar naar uitgekeken hebben. Al een eeuw wachten we op een film die ons op die manier portretteert. Mogelijk begrijp jij dat niet. In Europa worden jullie al eeuwenlang om de oren geslagen met verhalen over koningen, prinsessen en gevechten om de troon. Tot Black Panther kregen wij zoiets nooit te zien. En wat blijkt? Die film raakt niet alleen een gevoelige snaar bij zwarte kijkers, maar zowat overal ter wereld. Soms is black shit gewoon de meest sexy shit.

Is die sexy shit eenmalig of kan het succes van Black Panther de filmindustrie veranderen?

Fishburne: Misschien volgen er niet zo veel Black Panther-films als we willen en zo snel als we willen, maar er zijn er nog op komst. Ik zie niet in hoe dat nog kan tegengehouden worden.

Onderwerpen als diversiteit, gender en inclusiviteit verdienen ieders respect maar zijn niet nagelnieuw. In de veertigtal jaar dat ik acteer, heb ik de situatie geleidelijk aan zien veranderen, meestal ten goede. Een brede waaier aan mensen slaagt er nu in om films te maken. Dat is deels omdat er zoveel meer platformen zijn die verlegen zitten om content. Streaming heeft veel veranderd. En zeggen dat ik helemaal niet wist waar Kevin Spacey het over had toen hij op de set van 21(een kraakfilm uit 2008, nvdr.) geestdriftig vertelde over streaming en de serie die hij toen voor Netflix aan het maken was: House of Cards. Het kan soms snel gaan.

Er had een tijdloze klassieker méér op je palmares kunnen staan. Quentin Tarantino zou je destijds gevraagd hebben om Jules Winnfield te spelen in Pulp Fiction, maar je hebt geweigerd.

Fishburne: Dat klopt, maar dat spijt me niet. Zal ik je vertellen waarom dat de juiste beslissing was? Omdat ze de baan heeft vrijgemaakt voor Samuel L. Jackson. Hij ging met de rol aan de haal en werd een filmicoon. Wat kan daar nou tegenop? We hebben in New York nog samen op de planken gestaan en we zijn allebei van de Spike Lee-school. Ik ben dol op Sam.

The Mule

Nu in de bioscoop.