De plot draait om het 'multiverse', parallelle dimensies waarin (opgelet, spoiler) meerdere Spideys naast elkaar kunnen bestaan. Het is een concept dat al centraal stond in de superieure animatiefilm Spider-Man: Into the Spider-Verse (2018). Hier dient het vooral om de losse eindjes uit Spideys verleden aan elkaar te knopen, waardoor Peter Parker het opneemt tegen niet één, maar vijf bekende schurken uit vorige Spider-films. Yep, die met Tobey Maguire en Andrew Garfield in de titelrol.
...

De plot draait om het 'multiverse', parallelle dimensies waarin (opgelet, spoiler) meerdere Spideys naast elkaar kunnen bestaan. Het is een concept dat al centraal stond in de superieure animatiefilm Spider-Man: Into the Spider-Verse (2018). Hier dient het vooral om de losse eindjes uit Spideys verleden aan elkaar te knopen, waardoor Peter Parker het opneemt tegen niet één, maar vijf bekende schurken uit vorige Spider-films. Yep, die met Tobey Maguire en Andrew Garfield in de titelrol. Dat had net zo fout kunnen lopen als Sam Raimi's Spider-Man 3 of Marc Webbs Amazing Spider-Man 2. Maar regisseur John Watts, die ook de twee vorige solofilms met Holland als de slingerende held heeft ingeblikt, levert een puike eventfilm af. Van de eerdere avonturen van Spidey moet je gelukkig maar één ding weten: dat Peter Parker (Tom Holland) nog verder van huis is nadat de schurk Mysterio de identiteit van de man in de rood-blauwe plunje publiek heeft gemaakt. In een poging om zichzelf, zijn geliefde MJ (Zendaya) en beste buddy Ned (Jacob Batalon) te beschermen tegen een losgeslagen meute, doet Parker een beroep op de almachtige tovenaar Doctor Strange (Benedict Cumberbatch). Die mag zijn multiversummagie aanwenden om iedereen Spideys identiteit te doen vergeten. Dat pakt helemaal verkeerd uit. Kort gezegd: enkel de schurken beantwoorden de oproep van Strange. Het uitgelezen excuus voor oudgedienden Alfred Molina (Doc Ock), Willem Dafoe (Green Goblin), Jamie Foxx (Electro), Rhys Ifan (Lizard) en Thomas Haden Church (Sandman) om hun Marvelcontract eenmalig te verlengen.We hadden het niet verwacht, maar voor zijn speelduur van twee en een half uur voelt deze mash-up niet nodeloos uitputtend. Watts serveert de cameo's, de grote emoties, de spektakelstukken en de zelfrelativerende humor (met dank aan sitcomscenaristen Chris McKenna en Erik Sommers) in goed getimede dosissen. Bovendien geeft Spider-Man: No Way Home op meer dan één moment een heel nieuwe betekenis aan het concept 'fan service'. Maar met grote ambities komen grote mankementen. Flink wat van de luchtige high-schoolromantiek uit de vorige twee films wordt opgeofferd voor het soort Marvel-sérieux dat we kennen van de Avengers (Spider-Man wordt volwassen, weet u wel). Het geheel is niet altijd even coherent, de dialogen zijn vaak flets en het gepivoteer tussen de schurken geeft een overvolle indruk. Ze lopen elkaar met name in het middelste gedeelte voor de voeten. Cgi-creaturen als Lizard en de elektrisch geladen Electro - die al niet interessant waren om mee te beginnen - lopen er weer voor spek en bonen bij.Wie wel uitblinkt, is Willem Dafoe als de Green Goblin, die zijn innerlijke Jekyll & Hyde mag loslaten en voor een heerlijk staaltje comicbookcamp zorgt. En soms heeft een mens niet veel meer nodig dan Alfred Molina met stalen tentakels auto's naar Tom Hollands te zien slingeren.