Alien: Covenant van Ridley Scott met Michael Fassbender, Katherine Waterston, Billy Crudup.
...

In Alien (1979) plantten buitenaardse wezens hun zaad in nietsvermoedende mensen. In Aliens (1986) plantten buitenaardse wezens hun zaad in nietsvermoedende mensen. In Alien 3 (1992) plantten buitenaardse wezens hun zaad in nietsvermoedende mensen. In Alien: Resurrection (1997) plantten buitenaardse wezens hun zaad in nietsvermoedende mensen. In Prometheus (2012) onderzocht Ridley Scott de oorsprong van het menselijke bestaan. Dat vond iedereen raar en onbegrijpelijk en dus planten buitenaardse wezens in Alien: Covenant als vanouds hun zaad in nietsvermoedende mensen. Waarom die scènes facehugs genoemd worden terwijl het duidelijk facefucks zijn, is een van de vele vooralsnog onopgeloste vragen uit de Alien-franchise. Die keert terug naar haar roots door de crew van een ruimteschip te confronteren met de brutale en van te veel metaalachtige tanden voorziene buitenaardse wezens die we intussen kennen als de Xenomorphs. Katherine Waterston is de Sigourney Weaver met dienst en Michael Fassbender draait een dubbele shift als twee sinistere synthetics. Scott gebruikt die elementen uit zijn B- en zelfs dieper in het cinefiele alfabet duikende film om ideeën te lanceren over schepping, geloof, vrije wil en de mens en zijn artistieke en andere aspiraties. Natuurlijk botsen de ambities van de Brit soms met de noodzaak om te entertainen, maar de vonken die bij die clash vrijkomen zijn een plezier om naar te kijken. Het inmiddels zesde deel uit de filmreeks opent met een fantastische proloog waarin de referenties aan Wagner en de David van Michelangelo nog netjes worden uitgelegd, en een tweetal pijnlijke aliengeboortes later zet Scott zijn spel van film- en kunsthistorische referenties gewoon verder. Stanley Kubricks 2001: A Space Odyssey komt langs en ook zijn Dr. Strangelove passeert de revue. Zelfs The Empire Strikes Back krijgt een vette knipoog. Maar welke andere hedendaagse big budget-regisseur stopt nog terloopse visuele verwijzingen naar Arnold Böcklins Die Toteninsel - een schilderij waar ook de legendarische creatuurontwerper H.R. Giger ooit een hommage aan bracht - in zijn films? Scott haalt met evenveel genoegen zijn eigen franchise aan door een slimme draai te geven aan bekende scènes. Niemand hoeft die referenties per se te herkennen want ook de beangstigende suspense van het Alien-universum komt uitgebreid aan bod. Maar de schaamteloosheid waarmee Ridley Scott zijn orgie van lichamelijke, synthetische en buitenaardse lichaamssappen lardeert met literatuur, kunst en filosofie maakt van Alien: Covenant het boeiendste genremateriaal dat momenteel te zien is.