Van Traffic tot Sicario, van Breaking Bad tot Narcos: de jongste jaren was er geen gebrek aan drugstrafikanten op scherm of doek, maar geen van hen werd zo verbluffend en verrassend geportretteerd als Raphayet, het hoogmoedige hoofdpersonage van Pájaros de verano. De film vertelt immers niet alleen het op feiten gebaseerde verhaal van hoe die zich als jonge entrepreneur tot drugsbaron wist op te werken, tussen de criminele, romantische en familiale intriges door geeft het regisseurskoppel Cristina Gallego en Ciro Guerra minstens evenveel aandacht aan de cultuur waaraan Raphayet ontsproten is: de wayúu, een indianenstam uit La Guajira, in het noorden van Colombia.

Het resultaat is een mix van een klassiek, The Godfather-achtig misdaadfamilie-epos, een broeierige kartelthriller en een etnografisch docudrama, maar dan zonder dat het spul versneden wordt tot een fletse portie National Geographic-cinema. Het is een licht verslavende film waarvan de ingrediënten perfect in balans blijken en die de cultuur van de wayúu niet misbruikt als exotisch pigment om een magisch-realistisch maffiaverhaal mee te kleuren, maar inzet als een belangrijk onderdeel van een universele vertelling over traditie, ambitie, hoogmoed en de pijnlijke val die daarop volgt.

Pájaros de verano is een levendige, even diep in traditie als dope gedrenkte vertelling over de clash der culturen, klassen en kartels.

'Episch' is in veel gevallen synoniem met 'lang' (geen zorgen, de film klokt af op 125 minuten) of 'pronkerig', maar niet in dat van Pájaros de verano. Achter de dubieuze drugsdeals en de chronologische structuur - je volgt Rapayets beproevingen van de late sixties tot de vroege jaren tachtig - schuilt immers een dichterlijke gevoeligheid, met een opdeling in vijf canto's of gezangen, een blinde zanger die delen becommentarieert en spirituele intermezzo's met rituele dansen, traditionele muziek en haast spookachtige tableaux vivants. In die zin schuurt deze ontstaansgeschiedenis van de Colombiaanse drugshandel dan ook nauw aan bij de definitie die Ezra Pound aan het woord 'epos' gaf, met name: een gedicht dat geschiedenis bevat.

Het is een definitie die Gallego en Guerra eerder al in gedachten hadden bij El abrazo de la serpiente (2015), hun hypnotiserende zwart-wittrip door het Amazonewoud, met de Belg Jan Bijvoet in de hoofdrol. Alleen vullen ze Pounds definitie dit keer in met nog meer ambitie, met een cast die ook nu weer voornamelijk uit amateurs bestaat, met veel gevoel voor sfeer, detail en locatie, met prachtig camerawerk van David Gallego en een gevoelige montage van Miguel Schverdfinger, huismonteur van Lucrecia Martel.

En zo is Pájaros de verano een levendige, even diep in traditie als dope gedrenkte vertelling over de clash der culturen, klassen en kartels.

Pájaros de verano

Van regisseurs Cristina Gallego & Ciro Guerra met Carmiña Martínez, José Acosta en Natalia Reyes