Zoals het een goed filmarchief betaamt, richt Cinematek ook geregeld de schijnwerpers op filmregisseurs die honderd jaar geleden grote sier maakten. Brusselaar Jacques Feyder is daar een van. In 1921 triomfeerde hij met L'Atlantide: een drie uur durende avonturenfilm over het verloren continent Atlantis met kamelen, soldaten, een koningin die iedereen op haar verliefd laat worden, wonderlijke exotische decors en alles wat je vandaag nog steeds van een epos verlangt.
...

Zoals het een goed filmarchief betaamt, richt Cinematek ook geregeld de schijnwerpers op filmregisseurs die honderd jaar geleden grote sier maakten. Brusselaar Jacques Feyder is daar een van. In 1921 triomfeerde hij met L'Atlantide: een drie uur durende avonturenfilm over het verloren continent Atlantis met kamelen, soldaten, een koningin die iedereen op haar verliefd laat worden, wonderlijke exotische decors en alles wat je vandaag nog steeds van een epos verlangt. Feyder pionierde door niet in een studio of op het dichtstbijzijnde strand te draaien maar op avontuur te gaan in de Sahara en terug te keren met imposante, panoramische beelden. Aan films als Visages d'enfants (1925) hield hij een reputatie als technisch vernieuwende regisseur en rasverteller over. Hollywood kreeg daar lucht van en haalde Feyder binnen, een eer die nog niet veel Europeanen te beurt was gevallen. Voor MGM regisseerde hij filmdiva Greta Garbo in haar laatste stille film: het glorieuze, glamoureuze melodrama The Kiss. Garbo kreeg veel bloemen toegeworpen voor haar bijzonder verleidelijke vertolking van een mysterieuze vrouw met een rijke, jaloerse echtgenoot. Maar ook Feyders regie werd geprezen, in het bijzonder de climax in de rechtbank. Feyder draaide nog enkele Amerikaanse films, maar op werk dat echt bestand is tegen de tand des tijds was het wachten op zijn terugkeer naar Europa. Le grand jeu (1934) een exotisch, tragisch melodrama over een Parijse vrouwengek die zichzelf straft door bij het vreemdelingenlegioen te gaan, heeft een doppelgängermotief dat Hitchcocks Vertigo voorafgaat en een stijl die de voorbode was van het poëtisch realisme. Dat Feyder met La Kermesse héroïque (1935) volle zalen trok en de prijs voor beste regie op het festival van Venetië won, werd in Vlaams-nationalistische en katholieke kringen niet gewaardeerd. In Antwerpen, Gent en Brugge lokte de film rellen uit. Boom verbood de satire zelfs. Natuurlijk niet omdat Feyder zich stilistisch had laten inspireren door schilders als Pieter Bruegel en Frans Hals en uitpakte met knappe sets en schitterende kostuums, wel wegens het voor Vlamingen weinig flatterende verhaal. In La Kermesse héroïque maakt het Boom van 1616 zich op voor de jaarlijkse kermis. De komst van de Spaanse troepen doet de mannen op de vlucht slaan. De achtergebleven vrouwen maken dan maar plezier met Spanjaarden en de gevreesde plunderingen blijven uit.