Is het een feministische, door MeToo geïnspireerde wraakfantasie, een donkere maar in snoepkleuren gesopte satire op de clash der seksen of een idiosyncratische jukebox vol schuimende sentimenten? Met haar deugddoend grillige debuutfilm Promising Young Woman - genomineerd voor zes BAFTA's en vijf Oscars - laat Emerald Fennell alle opties gretig en gewillig open, alsof ze van een kinky De Palma-pastiche plots naar een lieflijke romcom zapt, en terug, en nog eens terug.
...

Is het een feministische, door MeToo geïnspireerde wraakfantasie, een donkere maar in snoepkleuren gesopte satire op de clash der seksen of een idiosyncratische jukebox vol schuimende sentimenten? Met haar deugddoend grillige debuutfilm Promising Young Woman - genomineerd voor zes BAFTA's en vijf Oscars - laat Emerald Fennell alle opties gretig en gewillig open, alsof ze van een kinky De Palma-pastiche plots naar een lieflijke romcom zapt, en terug, en nog eens terug. De veelbelovende jonge vrouw waar alles omheen wervelt, is Cassie, die op haar dertigste nog altijd bij haar ouders woont en haar studies verpleegkunde nooit heeft afgemaakt. Cassie kampt met de nodige issues, die al in de ontregelende proloog door de naar testosteron geurende oppervlakte priemen wanneer ze zich in een club dronken laat voeren door een vent die denkt makkelijk bij haar te kunnen scoren. De kerel mispakt zich, want een taxirit later blijkt Cassie bloednuchter. In bed wijst ze hem erop dat zelfs seksuele roofdieren beter op hun tellen kunnen passen. Met een al dan niet ingehouden grijns keert Fennell daarmee de traditioneel mannelijke, soms ronduit misogyne rape-and-revenge-thriller binnenstebuiten. Dat doet de Britse scenariste, schrijfster en regisseuse - die eerder ook het tweede seizoen van Killing Eve in een emmer girlpower doopte - echter zonder de geijkte paden van genre en gender te volgen. Toonaarden wisselen voortdurend, suspense switcht met sentiment, en bij de zoveelste bruuske afslag dreigt het geheel uit de bocht te vliegen. Toch blijft Fennell, net zoals de getraumatiseerde Cassie, consistent in haar inconsistenties, en bovendien spat de filmische goesting ervan af. Zelf noemt ze haar film, die perfect afgestemd lijkt op de neofeministische tijdsgeest maar nooit té kinky of polemisch wordt, toepasselijk 'popcorn poison'. De flashy look, de archetypische randpersonages (comedian Bo Burnham speelt Cassies would-bevriendje), de zoete popdeuntjes die de Hitchcock-achtige thrillermuziek komen aflossen: alles is bedoeld om vertrouwd en vlotjes over te komen. Tot je koud wordt gepakt. Het is een spel met popculturele conventies dat bij momenten op zijn zelf opgelegde limieten botst, en wie Susan Sontag in fluokleurtjes en jarretelles verwacht, komt even bedrogen uit als Cassies geile mannelijke prooien. Maar ook al dartelt Fennell om de diepere, meer problematische thema's heen, alsof ze het feestje toch niet helemaal wil vergallen, ze speelt het spel met flair, souplesse en plezier, en met een prima Carey Mulligan als het blonde canvas waarop afwisselend woede, afgrijzen, angst en kwetsbaarheid worden geprojecteerd. 'Don't you know you are toxic?' hoor je Britney Spears op de klankband zingen, een vraag die je evengoed aan deze Promising Young Woman zou kunnen stellen.