'Een regisseur maakt maar één film in zijn leven', zei Jean Renoir ooit. 'Dan breekt hij die in stukken en maakt hij hem nog een keer.' Het is een these die voor veel goede filmmakers geldt, en dus ook voor Fabrice du Welz. Al sinds zijn cultdebuut Calvaire (2004) blijkt onze onvolprezen landgenoot immers gefascineerd door obsessieve liefde, onmogelijke minnaars en sluimerende waanzin, bij voorkeur in een dampend decor en een suspenserijk kader. In zijn zesde langspeelfilm Adoration is dat niet anders.
...

'Een regisseur maakt maar één film in zijn leven', zei Jean Renoir ooit. 'Dan breekt hij die in stukken en maakt hij hem nog een keer.' Het is een these die voor veel goede filmmakers geldt, en dus ook voor Fabrice du Welz. Al sinds zijn cultdebuut Calvaire (2004) blijkt onze onvolprezen landgenoot immers gefascineerd door obsessieve liefde, onmogelijke minnaars en sluimerende waanzin, bij voorkeur in een dampend decor en een suspenserijk kader. In zijn zesde langspeelfilm Adoration is dat niet anders.Gedoemde geliefden met dienst zijn dit keer geen belaagde charmezangers of moordlustige gigolo's maar de pubers Paul en Gloria. Hij is een verlegen dromer die graag voor vogeltjes zorgt en iets te fanatiek aan mama's rokken hangt. Zij is een wulpse brok energie die behandeld wordt in de psychiatrische kliniek waar Pauls moeder werkt. Contact tussen de twee is strikt verboden, maar toch slagen de tegenpolen erin om samen te ontsnappen, waarop ze beginnen aan een kronkelige, door hormonen aangedreven (zelf)ontdekkingstocht door de Ardennen. Net als in Calvaire en Alléluia (2014) spelen de Ardense bossen en riviertjes een hoofdrol in deze sensuele trip die, zoals Gloria, teert op temperament en schizofrenie, ergens tussen coming-of-agedrama, avonturenthriller en huiversprookje in. Zelden zagen de Ardennen er zo feëriek en fetisjistisch uit, dankzij het rijk geschakeerde, op 16-millimeter gebrande breedbeeldcamerawerk van Manu Dacosse die vaak filmde tijdens het magic hour en een warme, gouden gloed over de film drapeert. Daardoor wordt deze adolescente amour fou op geen enkel moment zo gruwelijk of grotesk als Du Welz' vorige, royaal in bloed gedrenkte Ardennenfilms, met dank ook aan het prima acteerwerk van Thomas Gioria als Paul en Fantine Harduin als het volatiele object van Pauls verwarde begeerte. Na zijn grotendeels gerateerde buitenlandse avonturen (hij draaide de actiethrillers Colt 45 (2014) en Message from the King (2016) respectievelijk in Frankrijk en de States) doet het deugd om te zien dat Du Welz zijn beste, meer persoonlijke vorm als genre-auteur heeft teruggevonden. Toch kun je Adoration geen volledig geslaagde excursie langs François Ozons Les amants criminels, Bouli Lanners' Les géants en andere referentiepunten noemen. Ook al oogt alles bloedmooi en intens sfeervol en druipt de onderhuidse spanning er in smeuïge geuten van af, in het tweede deel begint Du Welz toch iets te vaak in rondjes te draaien, en voelen de rencontres van Paul en Gloria met een Vlaams koppel toeristen (Peter Van den Begin en Charlotte Vandermeersch) en een vereenzaamde bosbewoner (Benoît Poelvoorde) meer aan als verplichte haltes dan als narratieve uitdiepingen. Niettemin: een mooi, picaresk avontuur dat bruist van de levenslust.