Hoeveel Belgische documentairemakers kunt u zo voor de vuist opsommen? Als u geen fan van het genre bent, is de kans groot dat zelfs één naam voor de geest halen al moeilijk wordt. 'En toch maakt het genre een gouden tijdperk mee', zegt Kristof Bilsen. Hij kan het weten, want met zijn sterke docu's zit de Antwerpenaar middenin die hausse.

Vijf jaar nadat hij potten brak met Elephant's Dream, over ambtenaren in Congo, stelt hij op Film Fest Gent Mother voor. Opnieuw gaat Bilsens werk vlotjes rond in de documentairewereld. Op de filmfestivals van Athene en Chicago mag hij binnenkort een nominatie verdedigen en The Guardian gaf Mother zelfs de volle vijf sterren. De laatste Belgische film die dat presteerde, was L'Enfant van de broers Dardenne (2006).

Mother begon drie jaar geleden bij Bilsens eigen, toen nog dementerende moeder - in mei van dit jaar overleed ze. 'Mijn vader, die altijd voor haar heeft gezorgd, was op een bepaald moment de uitputting nabij. Het was duidelijk dat ze niet thuis kon blijven wonen, maar ook dat we een andere vorm van zorg voor haar wilde dan het klassieke woonzorgcentrum. Al googelend vond ik Baan Kamlangchay, een centrum in Thailand met veertien plaatsen. Per patiënt zijn er drie verzorgers, die de klok rond paraat staan. Het tehuis ligt in een klein dorpje en de mensen daar bekijken de patiënten daar niet als zieken, maar als gasten, dorpsgenoten zelfs. Men zegt weleens: it takes a village to raise a child. Wel, je hebt ook een dorp nodig om zorg te dragen voor de ouderen.'

'De vorige regering brak een lans voor mantelzorg. Allemaal goed, maar maak dat zo iemand voldoende ondersteund wordt.'

Kristof Bilsen

Eens in Thailand stuitte Bilsen op Pomm, een van de verzorgsters die er werkte om haar drie kinderen te onderhouden. Haar kroost ziet ze evenwel nauwelijks. 'De zorg die zij aan haar patiënten gaf, kon ze haar kinderen niet geven. Door haar te betrekken, werd het niet alleen een verhaal over dementie, maar ook over moederschap', zegt Bilsen. 'Toen de directeur van het tehuis me belde met de mededeling dat ik een Zwitsers gezin kon volgen waarvan de moeder naar het tehuis zou komen, kwam alles wonderwel samen. Die drie verhalen die elkaar vinden, dat kún je gewoon niet bedenken.'

Maar Mother is toch vooral het verhaal van Pomm geworden. De verzorgster sprak niet alleen het grootste deel van de voice-overs in, ze kreeg ook een cameraatje mee om de weinige ontmoetingen met haar kinderen zelf vast te leggen. 'Dat was van meet af aan helder voor mij. Ik ben mij heel bewust van mijn wit privilege. Ik vind de weg naar filmfondsen en de pers, kan zelf beslissen hoe wat ik vertel en hoe', vertelt Bilsen. 'Maar Pomm maakte me snel duidelijk hoe ik haar verhaal in beeld moest brengen. Op haar liefdesleven mocht ik niet te diep ingaan: ze wist dat veel kijkers die verhalen zouden herleiden tot het cliché van de Thaise geseksualiseerde vrouw. Dat is ellendig, maar wel waar. De witte feministische stem weegt nog altijd zwaarder dan de gekleurde.'

De documentairemaker noemt zichzelf geëngageerd, maar wil niet oordelen over Pomm, de mensen die ze verzorgt of de families die ervoor kiezen om hun geliefde naar Thailand te brengen. In het debat over ouderenzorg wil Bilsen zich wel mengen. 'Het model van Baan Kamlangchay is in België bijna niet uit te bouwen, al is het maar door de gigantische loonkost. Maar we kunnen er wel wat van leren over onze maatschappij. Alles is hier gericht op werken, dynamisch zijn en eeuwig jong blijven. Om goed te zorgen voor iemand anders hebben we verstilling nodig, maar daar is geen ruimte voor.'

Wouter Beke, sinds kort minister van Welzijn in de Vlaamse regering, is alvast welkom, zijn nog aan te duiden collega van Volksgezondheid evenzeer. Bilsens boodschap voor de excellenties is helder: 'De vorige regering brak een lans voor mantelzorg. Allemaal goed, maar wees zo eerlijk om toe te geven dat dat enorm zwaar is voor de zorgende persoon en maak dat zo iemand voldoende ondersteund wordt. Een mantelzorger moet meer kunnen zijn dan een slot in een strak schema, tussen de thuisverpleger en de kinesist.'

We vragen hem hoe hij het doet, elke keer weer verhalen en figuren tegen het lijf lopen aan de andere kant van de planeet die én maatschappelijk relevant zijn én dicht bij hemzelf staan. Bilsen vertelt iets over geduld hebben, dat een documentaire maken een marathon is. Over mensenkennis ook. 'Mensen vragen me vaak of hoe ik uitkom bij mijn films. De vraag is eerder hoe mijn films tot mij komen. Ik heb geen schuiven vol ideeën zoals sommige van mijn collega's, maar eenmaal een concept vorm krijgt, wordt het vaak heel dwingend: maak mij, roept het dan, maak mij!'

Zijn volgende film brengt hem naar Japan, weet hij nu al. 'Japanners zijn hyperindividualistisch en spelen allemaal een rolletje, denken wij westerlingen vaak. Aan mij om uit te vissen of dat effectief zo is. Ik krijg vaak de vraag waarom ik het altijd zo ver zoek. Maar ik denk dat je op zo'n plek heel anders naar je eigen realiteit kan leren kijken.'

11/10 om 15.45 uur, 15/10 om 14.30 uur, Kinepolis; 14/10 om 20 uur, Vooruit.

Lees hier alles over Film Fest Gent 2019.