'How are you doing, sir? Hope you're safe and sound.' Spike Lee klinkt opgewekt, zijn bezorgdheid welgemeend en zijn eeuwige baseballpet en ronde brilletje denk ik er zelf wel bij. Lee zit ondertussen al dik twee maanden in zijn kot in Manhattan, New York, en niet in Cannes, waar hij juryvoorzitter van 's werelds belangrijkste filmfestival had moeten zijn. Door de coronacrisis zal hij die klus ten vroegste volgend jaar kunnen klaren. Maar dat is natuurlijk niet de reden waarom de veelgeprezen maker van Do the Right Thing (1989), Jungle Fever (1991), Malcolm X (1992) en andere sociaal bewogen films me belt.
...

'How are you doing, sir? Hope you're safe and sound.' Spike Lee klinkt opgewekt, zijn bezorgdheid welgemeend en zijn eeuwige baseballpet en ronde brilletje denk ik er zelf wel bij. Lee zit ondertussen al dik twee maanden in zijn kot in Manhattan, New York, en niet in Cannes, waar hij juryvoorzitter van 's werelds belangrijkste filmfestival had moeten zijn. Door de coronacrisis zal hij die klus ten vroegste volgend jaar kunnen klaren. Maar dat is natuurlijk niet de reden waarom de veelgeprezen maker van Do the Right Thing (1989), Jungle Fever (1991), Malcolm X (1992) en andere sociaal bewogen films me belt. Lee, die overigens niet meer wil draaien zolang er geen vaccin is tegen het virus en in afwachting zelfs de matchen van zijn favoriete basketteam de New York Knicks zal skippen, heeft net nu een nieuwe film klaar - precies twee jaar nadat hij nog eens scoorde met BlacKkKlansman, zijn suspensesatire over een zwarte flik die in de Ku Klux Klan infiltreert. Da 5 Bloods is de titel van zijn nieuwste 'joint', zoals hij zijn iconoclastische films over 'the black experience' steevast doopt. In die film, die vanaf 12 juni op Netflix staat, trekt de 63-jarige peetvader van de Afro-Amerikaanse cinema naar Vietnam, in het zog van vijf zwarte ex-GI's die begin jaren zeventig in naam van Uncle Sam tegen de Vietcong vochten. Of beter: in het zog van vier van hen, aangezien hun charismatische pelotonleider Blood (een bijrol voor Chadwick 'Black Panther' Boseman) sneuvelde. Zijn lijk werd echter nooit teruggevonden, evenmin als de goudschat die ze indertijd moesten bewaken. Die zaken hopen Da 5 Bloods, zoals de bevriende veteranen zich noemen, een halve eeuw na de feiten alsnog recht te zetten. Het is het startschot voor een rijkelijk geaccidenteerde trip door het Vietnam van toen en nu, waarbij Lee de dubbele zoektocht van de vrienden - intussen krasse knarren - afwisselt met flashbacks naar hun tour of duty van weleer. Je krijgt dus géén 'zwarte Apocalypse Now', hoewel er vette knipogen in zitten naar Francis Ford Coppola's moeder aller Vietnamfilms. Een bloedernstig drama over de littekens die de oorlog op de Amerikaanse psyche heeft nagelaten, zoals The Deer Hunter, is het ook niet. In zijn gekende stijl, inclusief energiek camerawerk, een gepimpt kleurenpalet, prominente muziek en archiefbeelden van de echte Vietnamgruwel van weleer, presenteert Lee een idiosyncratische avonturenfilm over trauma, verlies en (zelf)respect, waarin drama, actie en humor hand in hand gaan en twee tijdlijnen door elkaar marcheren met personages die er in beide krek hetzelfde uitzien. 'Ik kreeg geen honderd miljoen dollar om mijn acteurs digitaal te verjongen, maar we hebben daar een pluspunt van gemaakt', aldus Lee, die niet kon doen wat Martin Scorsese deed met de cast van zijn maffiaepos The Irishman, ook een Netflix Original. Het is slechts één van de redenen waarom Da 5 Bloods bij momenten iets van een episch rommelpotje heeft, maar ambitieus en origineel is de film zeker wel. Niet alleen omdat er nooit eerder een film was die de Vietnamoorlog vanuit Afro-Amerikaans perspectief belichtte. Het is een 'joint' die net als voorganger BlacKkKlansman de woelige jaren zeventig en de burgerrechtenbeweging linkt aan het huidige, al even turbulente tijdperk van Trump en Black Lives Matter. Al ligt de focus hier dan wel op Vietnam in plaats van op white supremacists. 'Ik ben opgegroeid met die oorlog', zegt Lee, die het levenslicht zag in 1957, twee jaar na het uitbreken van het conflict dat aansleepte tot 1975 en aan 220.000 Amerikanen en in totaal 1,3 miljoen mensen het leven kostte. 'Het was de eerste oorlog die je op tv kon volgen, wat de impact en het trauma nog groter maakte. Ik herinner me die beelden die ik zag als kind nog levendig, en ik weet ook nog hoe de oorlog het land verdeelde. Ook in mijn thuisstad New York. Vooral jongeren waren er fel tegen. Men pikte het niet dat Amerikaanse jongens sneuvelden in een immorele oorlog. Het was de eerste keer dat een conflict zo'n massaal protest uitlokte, dat de bevolking in opstand kwam tegen haar eigen regering. In die zin plantte Vietnam de kiem van de polarisatie waar we vandaag in de VS mee kampen. Mensen doen nadenken over toen en nu, over de analogie tussen beide periodes, is een van de redenen waarom ik deze film wilde maken.' For the record: op het moment dat we bellen is George Floyd nog steeds alive and kicking en is van de protesten tegen politiegeweld en racisme nog geen sprake. Maar dat is dus niet de enige reden? Lee: Ik ben opgevoed met de films over de Tweede Wereldoorlog die ik zag op tv. Is Paris Burning? van René Clément. The Train van de grote John Frankenheimer, met Burt Lancaster. Ik wist toen niet eens wat een regisseur was of deed, laat staan dat ik er zelf een wilde worden. Maar ik was gek op die films, op het oorlogsgenre. Toen ik vele jaren later zelf filmmaker werd, wilde ik verhalen vertellen over de Afro-Amerikaanse ervaring, over mijn milieu, over mensen met een donkere huidskleur. Vandaar dat ik in 2006 Miracle at St. Anna heb gemaakt, over zwarte soldaten die in Italië tegen Mussolini's fascisten en Hitlers nazi's hebben gevochten. En vandaar dat ik ook een Vietnamfilm wilde maken, want kunt u mij één Vietnamfilm noemen met zwarte hoofdpersonages, sir? Euh... nee. Lee: Ik ook niet. Ik zeg niet dat er geen zwarten meedoen in Vietnamfilms - denk aan Laurence Fishburne in Apocalypse Now of Forest Whitaker in Platoon - , maar dat waren bijrollen. Nochtans was vijftien procent van de GI's zwart. Het zegt iets over de blanke blik waarmee we naar de geschiedenis kijken. Toch heb je het script voor Da 5 Bloods niet zelf geschreven.Lee: Klopt. De eerste versie werd geschreven door twee blanke scenaristen, Danny Bilson & Paul De Meo, en daarin waren de personages blank. Het project werd me aangeboden, nog voor BlacKkKlansman trouwens, en uiteindelijk hebben ik en Kevin Willmott (met wie Lee ook het script van BlacKkKlansman schreef, goed voor de allereerste Oscar in zijn carrière, nvdr.) het grondig herwerkt en hebben we er zwarte soldaten van gemaakt. Francis Ford Coppola zei eens over Apocalypse Now: 'My film isn't about Vietnam. It is Vietnam.' Denk je dat films de beeldvorming rond oorlogen sturen en zelfs overnemen? Lee: Nee. Alleen documentaires kunnen een accuraat beeld van historische gebeurtenissen schetsen. Francis is mijn god, een goede vriend ook. Er zitten twee rechtstreekse hommages aan Apocalypse Now in mijn film. Zelfs Wagners Die Walküre zit erin, alleen niet tijdens een helikopterraid maar tijdens een vredig boottochtje. (lacht) Het is pas tijdens de montage dat ik merkte hoe grappig mensen dat vonden. Ik ben het niet eens met Francis' uitspraak, maar mijn respect voor hem als filmmaker en vriend kan niet groter zijn. Ik vind The Deer Hunter ook goed, maar Apocalypse Now is absoluut mijn favoriete Vietnamfilm. Oliver Stone was er zelf bij als soldaat en weet dus uit eigen ervaring waarover hij het heeft in Platoon, maar ik vind wel dat iedereen het recht heeft om zijn eigen interpretatie van die oorlog te brengen. In jouw interpretatie zit verrassend veel humor. Dat verwacht je niet in een Vietnamfilm. Lee: Waarom zou je geen humor mogen gebruiken in films over ernstige onderwerpen? Het leven is ernstig, maar dat belet ons toch ook niet om te lachen? Stalag 17 van Billy Wilder gaat over krijgsgevangenkampen in nazi-Duitsland, maar is bij momenten geweldig geestig. Of wat met Dr. Strangelove van Stanley Kubrick? Die film is hilarisch, maar gaat wel over een nucleaire oorlog. Wat is er serieuzer dan de totale vernietiging van de mensheid? Niet dat ik komedies maak, maar ik heb altijd humor in mijn films gestopt. Het gaat om het vinden van de juiste balans, en die vind je in de montagekamer. Een film monteren is als wandelen op een slap koord. Eén misstap en je act is voorbij. Dat weerhoudt je er in Da 5 Bloods niet van om grappige dialogen af te wisselen met actiescènes en gruwelijke archiefbeelden en -foto's. Lee: Sommige mensen zullen die beelden te hard vinden, maar het gaat om een oorlog. Er zijn mensen gesneuveld. Lichamen werden uiteengereten. Waar ik problemen mee heb, is het tonen van gratuït geweld. Er zijn ook heel wat films die van oorlog iets heroïsch of cartoonesks maken, alsof het een videospelletje is. Hoe meer mensen je doodt, hoe meer punten je scoort. Dat vind ik pas schadelijk en schandalig. Een van je personages haalt ook uit naar de Vietnamfilms met Sylvester Stallone en Chuck Norris. Hij zegt: het is alsof die Hollywoodlui de oorlog alsnog willen winnen.Lee: Veel Amerikaanse films voeden een vals historisch narratief. Ik zal je iets verklappen: Rambo heeft niet echt bestaan. Hij is een fictief personage. (lacht)Je hebt Da 5 Bloods gedraaid in Thailand en in Ho Chi Minh-stad, het vroegere Saigon. Merk je daar nog iets van anti-Amerikaanse sentimenten? Lee: Toerisme heelt vele wonden. Duizenden Amerikanen, onder wie heel wat veteranen, gaan er elk jaar naartoe. De Vietnamezen nemen hen niets kwalijk. Ze nemen de toenmalige Amerikaanse regering iets kwalijk. Ik heb in elk geval niets van rancune gemerkt en alleen maar liefde van de lokale bevolking gevoeld. Tuurlijk spoken er nog geesten uit het verleden rond, maar het gaat erom hoe je met die geesten omgaat, welke plek je die geeft. Paul, een van de Bloods, is zelf een geest, een tragische, getroebleerde figuur die vijftig jaar later nog steeds met posttraumatische stress kampt. Paul loopt in de film met een MAGA-petje op, en bekent dat hij voor Trump heeft gestemd, tot ongeloof en afgrijzen van zijn vrienden. Begrijp je dat er zwarte Amerikanen zijn die voor Trump stemmen? Lee: Het overweldigende merendeel van de zwarte Amerikanen heeft niet voor hem gestemd. Al zul je wel enkelingen hebben die de Agent Orange Cool Aid willen drinken, en die op zijn rally's op de achtergrond een Blacks for Trump-bordje willen vasthouden. (lacht) Mag ik u een vraag stellen, sir? Toen u de president van de Verenigde Staten enkele weken geleden tijdens een persconferentie aan de bevolking hoorde voorstellen om zich met bleekwater te injecteren om het coronavirus te doden, wat was dan uw eerste reactie? Ik kan niet zeggen dat ik stomverbaasd was, na alles wat hij de voorbije jaren al heeft uitgekraamd. Lee: In november zijn er opnieuw verkiezingen en onze vorige president, Barack Obama, zei dat die wel eens de belangrijkste uit de Amerikaanse geschiedenis kunnen zijn. Ik zou nog verder willen gaan: het zijn de belangrijkste verkiezingen uit de moderne geschiedenis van de wereld. Ik ga sowieso stemmen en hoop dat Trump niet opnieuw verkozen wordt. Dit land heeft dringend echt leiderschap nodig. Iemand met empathie. Iemand die mensen verenigt. Onze New Yorkse gouverneur Andrew Cuomo heeft de afgelopen maanden getoond hoe het moet. Voor hem heb ik veel respect. Je films zijn vaak politiek getint. Beschouw je jezelf als een politiek filmmaker of als een opiniemaker? Lee: Ik ben naast regisseur ook filmdocent aan New York University. Ik kom uit een familie die onderwijs en kunst altijd al belangrijk vond. Mijn vader was de grote jazzmuzikant Bill Lee. Mijn moeder gaf Engels. Mijn oma gaf kunstgeschiedenis. Onderwijs zit me in de genen en betekent alles voor me. Het is het beste wapen dat we hebben in onze strijd tegen onwetendheid en ongelijkheid. In mijn films probeer ik te entertainen, te ontroeren, je aan het lachen te brengen, maar ik doceer ook. Over de rol van zwarten in Vietnam en WO II, over Malcolm X, Dr. King, de Ku Klux Klan, zaken die jongeren horen te weten maar waarover ze op school niet altijd onderwezen worden. Het is niet dat ik dat pedagogische opzoek. Het komt organisch omdat het onderwerpen zijn die me na aan het hart liggen. Vandaar dat ik ook documentaires maak, dat ik archiefbeelden gebruik, dat ik met beeldformaten speel. Mijn films zijn collages van de werkelijkheid. Ik noem ze niet voor niets 'joints', right? (lacht)Ook in Da 5 Bloods speel je met beeldformaten. De scènes die zich in het heden afspelen zijn gedraaid in Cinemascope, de oorlogsflashbacks in 4:3. Wat was daar de gedachte achter? Lee: Ik wilde de twee tijdsniveaus een andere visuele invulling geven om de kijker duidelijk te maken dat we een sprong in de tijd maken, ook al zien de acteurs er hetzelfde uit. Zoals ik al zei: de oorlog in Vietnam kennen we van de tv, dus daarom heb ik voor de scènes uit het verleden voor het 16-millimeterformaat gekozen. Dat is de manier waarop we ons die oorlog herinneren. Aangezien het een Netflixfilm is, zullen de meeste mensen Da 5 Bloods bekijken op tablet of tv. Is dat niet frustrerend als je zoveel aandacht schenkt aan formaten en stilistische details? Lee: Well, sir. Bent u vertrouwd met de grote John Steinbeck? Hij schreef de geweldige roman Of Mice and Men, die ook werd verfilmd. Een van de quotes daaruit luidt: 'The best-laid plans of mice and men often go awry.' (het citaat komt eigenlijk uit een gedicht van Robert Burns en inspireerde Steinbeck tot de titel van zijn roman, nvdr.). Wel: voor corona hadden mensen plannen. Tot de pandemie ze overhoopgooide en we ze moesten aanpassen. There's a world BC and AC, en daarmee wil ik niet before christ and after christ zeggen . Ik bedoel: before corona and after corona. (lacht) In de BC-wereld hadden we dit gesprek in Cannes gevoerd, waar Da 5 Bloods in wereldpremière zou zijn gegaan. De wereld is veranderd. Mijn plannen zijn veranderd. Maar dat betekent niet dat ik u volgend jaar, in de AC-wereld, niet hoop te kunnen ontmoeten in Cannes, sir.