De Berlinale heeft al enkele jaren moeite om de zogeheten A-filmfestivals van Toronto, Venetië en vooral Cannes bij te benen. En die kloof wordt de jongste jaren steeds groter, merkt Dave Mestdach. 'Wederom was het een erg flauwe editie vol middelmatige films. De programmatie zal in de toekomst toch anders moeten. Er zijn te veel titels in te veel secties, waardoor je amper nog het bos door de bomen ziet. En veel dikke eiken zitten er niet tussen.'
...

De Berlinale heeft al enkele jaren moeite om de zogeheten A-filmfestivals van Toronto, Venetië en vooral Cannes bij te benen. En die kloof wordt de jongste jaren steeds groter, merkt Dave Mestdach. 'Wederom was het een erg flauwe editie vol middelmatige films. De programmatie zal in de toekomst toch anders moeten. Er zijn te veel titels in te veel secties, waardoor je amper nog het bos door de bomen ziet. En veel dikke eiken zitten er niet tussen.' Toch zag Mestdach enkele uitschieters. 'Isle of Dogs, de nieuwe stopmotionfilm van Wes Anderson, was een prima opener. Het is een lichte maar geestige animatiefilm in de typische, strak symmetische en droogkomische stijl van de regisseur. Ook Don't worry, he won't get far on foot van Gus Van Sant - met Joaquin Phoenix als alcoholicus in een rolstoel - stelde niet teleur. Steven Soderbergh schoot Unsane volledig op zijn iPhone, wat resulteerde in een geestige genreoefening, een soort Shock Corridor van de 21ste eeuw. De Berlinale mag blij zijn dat de gevestigde waarden niet teleurstelden, maar de top van hun kunnen haalden ook zij helaas niet.' Weinig nieuwe, frisse ontdekkingen dus. Al was Utøya 22. Juli van de Noorse regisseur Erik Poppe een lichtpuntje, voor zover je een film over de beruchte slachtpartij waarbij 69 jongeren om het leven kwamen zo kunt noemen. 'De reconstructie van het bloedbad op het eiland Utøya werd in één take en in real time gedraaid, en kreeg zowel applaus als boegeroep. Een beetje polemiek is altijd goed. Je kan je afvragen wie er wat heeft aan deze ultrarealistische en beklemmende reconstructie, maar aangezien ze in Berlijn wel vaker kiezen voor kleinere, veelbesproken films zou het me niet verbazen moest Utøya 22. Juli straks met de Gouden Beer naar huis gaan, of tenminste toch op het palmares komen.'Mestdach is verder kritisch voor festivaldirecteur Dieter Kosslick, die de insteek van een filmfestival compleet uit het oog lijkt te zijn verloren. 'Het festival wil zich profileren als sociaal geëngageerd en maatschappijkritisch. Allemaal prima, maar het vormelijke aspect van film moet primeren boven het inhoudelijke. Voor Kosslick zijn die prioriteiten omgekeerd. Hij doet heel hard zijn best om in tune te zijn met alle sociale thema's van deze tijd. Noem een gediscrimineerde minderheidsgroep op en hij heeft wel zijn eigen film. Daar heeft niemand wat aan. Het gevolg is dat Berlijn te veel films toont: maar liefst 380 in vergelijking met de kleine 150 in Cannes. Zo heb je geen selectieve kracht en kan je nooit een duidelijk verhaal brengen. Moest Kosslick voetbaltrainer zijn in België, dan lag hij sneller buiten dan Hein Vanhaezebroeck.De festivaldirecteur mag in 2019 dan sowieso met pensioen gaan, het advies dat ik hem voor zijn laatste editie wil meegeven is: less is more. Of zoals ze ginds in Berlijn zeggen: weniger ist mehr.'