Nog een geluk dat Charlotte Gainsbourg zo'n zachte stem heeft, een guitige glimlach en fonkelende ogen met een zweem van weemoed. Zonder die verlokkingen waren we mogelijk blijven gapen naar een stel benen waarvan ze de pracht accentueert door een korte rok te combineren met witte sokjes in stoere, glanzende zwarte schoenen. Ze straalt, de dochter van de legendarische chansonnier Serge Gainsbourg en de Britse zangeres en actrice Jane Birkin, en daar zijn redenen genoeg voor.
...

Nog een geluk dat Charlotte Gainsbourg zo'n zachte stem heeft, een guitige glimlach en fonkelende ogen met een zweem van weemoed. Zonder die verlokkingen waren we mogelijk blijven gapen naar een stel benen waarvan ze de pracht accentueert door een korte rok te combineren met witte sokjes in stoere, glanzende zwarte schoenen. Ze straalt, de dochter van de legendarische chansonnier Serge Gainsbourg en de Britse zangeres en actrice Jane Birkin, en daar zijn redenen genoeg voor. In oktober verschijnt haar nieuwe plaat en haar jongste film opent het zeventigste filmfestival van Cannes. In Lesfantômes d'Ismaël strijdt ze met Marion Cotillard om de liefde van een rusteloze regisseur (Mathieu Amalric). Over de ontvangst van die energieke, veelgelaagde praatfilm moet ze zich niet al te veel zorgen maken. Verwaarloosbaar klein is de kans dat regisseur Arnaud Desplechin zoals Lars von Trier in 2011 begint te grappen dat hij een nazi is en Hitler begrijpt. Charlotte Gainsbourg: We kennen elkaar al lang. Ik droomde van de hoofdrol in Esther Kahn. Hij heeft toen niet voor mij gekozen (wel voor Summer Phoenix, de zus van Joaquin en River Phoenix, nvdr.), en dat was een zware teleurstelling. Ik heb hem onlangs een brief durven te schrijven. Het is goed mogelijk dat ik daartoe de moed vond omdat ik nu in de VS woon en het lijkt alsof die grotere afstand een brief wettigt. Ik heb hem toen níét gevraagd of hij een rol voor me had. Of toch wel een beetje: ik heb niet letterlijk geschreven dat ik ervan droomde om met hem samen te werken, maar daar kwam het wel op neer. Gainsbourg: Totáál niet. De enigen bij wie ik dat nog heb gedaan zijn Maurice Pialat (die in 1987 werd uitgejouwd toen hij de Gouden Palm kreeg voor Sous le soleil de Satan, nvdr.) en Roman Polanski. Al heb ik Polanski niet voorgesteld om samen te werken. Dat was écht om hem te vertellen dat ik zijn films bewonder. Arnaud antwoordde vrijwel meteen. Het scenario van Les fantômes d'Ismaël was net klaar en hij had een rol voor me. Dat was een aangename verrassing. Het stemt me vrolijk als de dingen mooi op hun plaats vallen en toch op toeval berusten. Gainsbourg: Ik geloof dat sommige dingen op een bepaald moment moeten gebeuren omdat de tijd er rijp voor is. Ik geloof in doen wat je voelt dat je moet doen. Ik geloof níét in een carrièreplanning. Ik vind het veel mooier om te gaan waar de wind je voert. Er bestaan ongetwijfeld acteurs die een ferme grip hebben op hun carrière en alle kaarten in handen hebben om een voorbedacht plan nauwkeurig uit te voeren, maar daar hoor ik niet bij. Dat zou ook niets voor mij zijn. Ten eerste omdat ik geen vooropgezet plan kán bedenken. Ten tweede omdat ik iemand nodig heb die ernaar verlangt om met me samen te werken. Gainsbourg: Ik schrok wel even toen ik het scenario las. Mijn rol is heel vrouwelijk. Het is een beetje een moederrol, want ik bemoeder het personage van Mathieu Amalric. Ik vond haar te lief, te welwillend en vrij simpel. Ik was jaloers op het personage van Marion Cotillard, dat ondeugend en gewelddadig is. Het is heerlijk om antipathiek en hatelijk te mogen zijn zoals in het toneelstuk Oleanna van David Mamet of in Antichrist. Het is opwindend én bevrijdend om hysterie te mogen spelen. Je kunt dan al je agressie, wreedheid en cynisme kwijt. Dat zijn heerlijke emoties om weer te geven. Gainsbourg: Mijn verlangen om met Arnaud Desplechin samen te werken was groot genoeg om tegen elke rol 'ja' te zeggen. De manier waarop hij mijn personage beschreef en bekeek - vol waardering en liefde - hielp me begrijpen wie ik moest spelen. Ik was superblij dat Arnaud me aan Marion Cotillard koppelde. Ik ben haar zeer genegen. Wat wil je ook? We hebben dezelfde job en ze behoort tot mijn generatie. Dat schept een band. Arnaud hield de touwtjes strak in handen. Hij dirigeerde ons. Alles ging vanzelf. Mensen met talent weten hoe je het eenvoudig kunt houden. Mijn onzekerheid was nergens goed voor. Het was gemakkelijk om een lieve vrouw te spelen. Het was een uitgelezen kans om eens al mijn charme te etaleren. (lacht) Ik kon terugvallen op vertrouwde instrumenten en zaken die ik nog ken van lang geleden. Verlegenheid bijvoorbeeld. Gainsbourg: Ik heb inderdaad verschrikkelijk hard mijn best gedaan om dat imago te doorbreken. (lacht) Maar terug naar af is het niet. Daar is L'effrontée veel te lang geleden voor. Gainsbourg: Mijn herinneringen zijn verbazingwekkend helder, vooral die aan L'effrontée. Ongetwijfeld omdat dat mijn eerste film was, of toch mijn eerste grote rol. Ik had daarvoor al een bijrol in Paroles et musique gespeeld. L'effrontée was de eerste volwaardige filmervaring: twee maanden draaien, weg van thuis. Het was een magnifieke tijd. Ik had geen benul van wat film allemaal inhield en met zich meebracht. Voor mij was het nauwelijks meer dan een ontmoeting met een regisseur en een fantastische vakantie. Tussen twee opnames door dolde ik met de filmploeg. Ik sloot ook weddenschappen af dat ik op commando ging kunnen huilen. Gainsbourg: Ja, maar dat was achteraf. Op de set was ik er me niet eens van bewust dat je prijzen kon winnen door te acteren. Ik zag de film niet als een film. Ik zag het als een groot avontuur, als een spel. Veertien was toen nog een magische leeftijd. De veertienjarigen van toen moet je vergelijken met de elfjarigen van vandaag: naïef en onschuldig. Ik was in elk geval nog heel kinderlijk. Dat terugzien ontroert me. Gainsbourg: Néé! Naar mezelf kijken, ik heb dat nooit gekund. Het is tandenknarsen als ik tijdens het tv-kijken op een fragment met mezelf bots. Maar op L'effrontée blik ik uitermate positief terug. Een wereld ging toen voor me open. Ik kan het niet bar slecht gedaan hebben want regisseur Claude Miller vroeg me opnieuw voor La petite voleuse. L'effrontée was het begin van een nieuw hoofdstuk in mijn leven en tegelijk herademde ik. Het deed me goed om aan mijn familie te ontsnappen door te tonen dat ik ook iets kon, los van mijn ouders. Gainsbourg: Wel ja, ik doe dat graag! Niet omdat ik de prinses wil uithangen. Ik heb me nooit een prinses gevoeld. Ik vind het gewoon leuk om na te denken over wat ik kan dragen. En dat hoeft helemaal geen fabelachtige baljurk te zijn. Gainsbourg: Ik heb er van alles meegemaakt. Al was ik daar ook op voorbereid. Mijn moeder had me verteld hoe desastreus de vertoning van La pirate, waarin zij meespeelde,verlopen was. De vijandigheid en de haat waren van de eerste minuut voelbaar geweest. Mensen reageren in Cannes soms ontzettend brutaal. Bij mij is het alle richtingen uitgegaan. In de jury zetelen, was een aangename ervaring. Met Antichrist was ik voorbereid op het ergste. Ik dacht dat ze ons met tomaten gingen bekogelen, maar de première viel goed mee: de mensen keken aandachtig. De interviews waren niet vervelend of agressief. Ik ontmoette journalisten uit verschillende landen die cinefiel bleken en - uiteraard volkomen terecht - heel erg mee waren met de cinema van Lars von Trier. Tot mijn verbazing was Antichrist een heel positieve ervaring. Gainsbourg:Melancholia was een heel goede film en toch liep het slecht af. Natuurlijk hebben de media veel ophef gemaakt, maar ik denk dat vooral Lars zich toen in de vernieling heeft gereden. Gainsbourg: Ja, al kun je in dit geval de vraag stellen of Lars die kunst wel beheerst. Het is veel slechter uitgedraaid dan voorzien was. Hij heeft zichzelf iets aangedaan dat hij zichzelf niet toewenste. Dat heeft met sabotage te maken, de onbewuste of bewuste neiging om de boel te saboteren als het te goed gaat of te saai wordt. Ik zat naast Lars tijdens die persconferentie, en had meer medelijden met Lars dan wat anders. Ik vond het in zijn plaats enorm spijtig dat hij zijn ruiten ingooide. Ik had echt met hem te doen. Gainsbourg: Samenwerken met Lars von Trier heeft me veranderd. Ik deed dit werk nochtans al lang. Yvan Attal (haar acterende en regisserende partner, nvdr.) had me daarvoor ook al aangemoedigd om niet te voorzichtig te zijn, om niet bang te zijn voor het ridicule of mijn grip te verliezen. Maar Lars liet me de stiel opnieuw ontdekken. Alle verworvenheden werden van de baan geveegd. Hij vroeg me om alles los te laten en me volledig aan hem toe te vertrouwen, zonder schrik. Ik bén ook niet bang geweest. Het heeft me heel goed gedaan om zover te gaan, om me volledig bloot te geven en heel oprechte emoties te laten zien, zelfs als dat pijnlijke emoties waren. Ik voorvoelde dat ik bij hem in goede handen zou zijn, dat hij me zou transformeren. Dat is ook gebleken. Hij vraagt veel, hij plaatst je in alle mogelijke situaties. Je probeert niet eender wat uit, maar je zoekt en zoekt. Tijdens de montage beschikt Lars vervolgens over een breed palet aan mogelijkheden om je personage te construéren. Gainsbourg: Tuurlijk niet. Ik heb tot nog toe het geluk gehad dat die auteurs met mij willen werken. Ik hoop dat het zo blijft. Hout vasthouden. (grijpt naar de metalen zetelpoten, stelt vast dat de tafel van glas is, kijkt steeds angstiger rond en staat uiteindelijk recht om de houten lambrisering aan de muur aan te raken, nvdr.) Ik ben echt niet bijgelovig, hoor. (lacht)Ik heb geluk met die auteurs, maar afwisseling is nog leuker. Alleen maar auteursfilms, dat steekt op den duur ook tegen. Ik bewaar best goede herinneringen aan Samba. Ik heb nog niet zoveel komedies mogen doen. Voor het lichtere werk komt men zelden bij mij uit. Maar goed, je hoort me écht niet klagen. Gainsbourg: Ik heb het al altijd heel hard nodig gehad om film tijdelijk van me af te zetten. Al was het maar door me volledig terug te plooien op mijn gezin en alle dagelijkse beslommeringen die dat met zich meebrengt. Of door me even toe te leggen op mode en fotoshoots. Ik weet ook wel dat zulke dingen van minder belang zijn, maar ze doen me goed. Ze helpen me weer op adem te komen en het hoofd leeg te maken. Als ik niet met film bezig ben, begin ik cinema weer enorm te missen. Dat wakkert de zin aan om opnieuw in een film te spelen. Gainsbourg: Ik ben niet meer zo angstig, al wil dat niet zeggen dat ik nu barst van het zelfvertrouwen. Dat blijft een probleem. Ik betreur dat ik niet zekerder van mijn stuk ben. Wat wel verbeterd is, is dat ik mezelf durf te geven. Ik ben ook meer ontspannen dan vroeger. En ik moet bekennen dat ik niet meer zo razend nieuwsgierig ben als toen ik twintig of dertig was. Ik ben iets minder ondergedompeld in cinema, ik kijk minder reikhalzend uit naar de release van een film of de start van opnames. Gainsbourg: Geen idee. Ik stel vast dat ik wat meer afstand neem van film. Cinema is zichzelf voor de zoveelste keer aan het heruitvinden. Veel goede regisseurs en scenaristen en een groot deel van het publiek zijn gedeeltelijk overgeschakeld op series en miniseries. We zullen ons moeten aanpassen aan die nieuwe wetmatigheden. Gainsbourg: Het nieuwe album is voor oktober. Ik ben nog op zoek naar een goede titel. Dit keer heb ik de nummers zelf geschreven. Nu we toch over fantômes bezig zijn: mijn vader is nog altijd zeer aanwezig. In mijn muziek spookte, néé spookt, hij nog steeds. Dat heeft me heel lang tegengehouden. Ik zeg dat in alle tederheid. Ik ben héél erg blij met alles wat ik van hem gekregen heb, maar door zijn genie heb ik me heel lang niet bekwaam genoeg gevoeld om zelf in het Frans te zingen. Dat nieuwe album zal ongetwijfeld heel middelmatig zijn in vergelijking met wat hij gemaakt heeft, maar dat kan me geen moer meer schelen! Ik heb bergen moeten verzetten om zelf muziek te durven maken. Met cinema heb ik dat probleem gelukkig nooit gehad. Film heb ik mezelf veel sneller, vrijwel meteen, kunnen toe-eigenen. Gainsbourg: Dat is al gebeurd, al heb ik het niet zien aankomen. Ik heb heel lang gedacht dat regisseren niets voor mij was, maar nu heb ik er zin in. Een vriendin heeft me overtuigd om mijn eigen videoclips te regisseren. Ik heb er al eentje gemaakt en sta te popelen om er twee, drie, vier, vijf te maken. Vandaag is het heel gewoon geworden om je als artiest niet te beperken tot één ding. Muzikanten leven zich ook uit in de grafische aspecten: de foto's, de clips, de hoes. Ik snap dat. Of ik ook goed ben in filmregie, zal moeten blijken, maar ik wil het in elk geval proberen. Eerder iets ernstigs dan iets lichts. Een concreet project is er nog niet. Gainsbourg: Yvan zou dat heel leuk vinden. En ik ook. Ik zou hem pisnijdig maken. (lacht)