Weimar, 1919. Wanneer de Duitse architect Walter Gropius de leiding over de Großherzoglich-Sächsische Hochschule für Bildende Kunst overneemt, kondigen zich grote veranderingen aan. De radicale ideeën van de nieuwe directeur botsen zowel binnen als buiten het respectabele instituut met conservatieve krachten en monden nog hetzelfde jaar uit in de oprichting van het Bauhaus, een school die de ondeelbaarheid van alle kunsttakken propageert en de eeuw die volgt een niet te overschatten invloed zal uitoefenen.
...

Weimar, 1919. Wanneer de Duitse architect Walter Gropius de leiding over de Großherzoglich-Sächsische Hochschule für Bildende Kunst overneemt, kondigen zich grote veranderingen aan. De radicale ideeën van de nieuwe directeur botsen zowel binnen als buiten het respectabele instituut met conservatieve krachten en monden nog hetzelfde jaar uit in de oprichting van het Bauhaus, een school die de ondeelbaarheid van alle kunsttakken propageert en de eeuw die volgt een niet te overschatten invloed zal uitoefenen. Het oude lerarenkorps wordt vervangen door een schare hemelbestormers, die in de eerste jaren van Bauhaus gestaag wordt aangevuld. László Moholy-Nagy, Johannes Itten, Paul Klee en Wassily Kandinsky zijn allemaal, zij het niet tegelijkertijd, een tijdlang docent in het Bauhaus. Ook het studentenkorps splitst zich in een conservatieve en progressieve lijn. Bauhaus, a New Era, een coproductie van de Duitse staatszender ZDF en Arte die in het thuisland Die neue Zeit heet, volgt een handvol van die laatsten. Terwijl in de Duitse straten de verloren oorlog wordt verteerd, wensen zij alleen maar vooruit te kijken. Bedenker, scenarist en regisseur Lars Krause haalt alles uit de kast om zijn onderwerp tot leven te wekken. De serie ademt Bauhaus, van de strakke begintitels tot de avant-gardejazzmuziekjes die de studenten bij elke feestgelegenheid te berde brengen. Krause schakelt binnen een en dezelfde scène van zwart-wit naar kleur en zet geregeld de beweging on hold om zijn vertelling met een reeks stills verder af te wikkelen. Het meest opvallend is het vertelperspectief: hij vertelt de gebeurtenissen niet door de ogen van de bekende mannelijke kunstenaars, maar laat de vrouwen van Bauhaus getuigen over hun ontvoogdingsstrijd, die zelfs binnen een progressief bastion helemaal niet voor de hand blijkt te liggen. Kunst- en andere geschiedenis komen samen in Bauhaus, a New Era, maar doorheen de biografieën van het instituut en de betrokken kunstenaars worden heel ingenieus een aantal verzinsels geweven. Het is interessant om eens na te gaan hoe feit en fictie zich in deze prachtreeks, die sinds kort op Lumière Series te bewonderen valt, zich tot elkaar verhouden. Bauhaus, a New Era is opgevat als een raamvertelling. In 1963 wordt de tachtigjarige Walter Gropius (gespeeld door August Diehl uit A Hidden Life) geïnterviewd voor Vanity Fair. Hij woont sinds 1937 in de VS, is emeritus professor aan Harvard en wordt algemeen als een van de grootste architecten van de twintigste eeuw beschouwd. Maar over dat alles wil de fictieve journaliste Stine Branderup (Trine Dyrholm uit Nico, 1988) het niet hebben. Zij wil weten hoe het progressieve Bauhaus zijn vrouwelijke studenten behandelde, en is in het bijzonder geïnteresseerd in de relatie tussen Gropius en de vergeten kunstenares Dörte Helm. Hun liaison vormt ook de rode draad doorheen de reeks, maar is ze echt of fictief? In een interview met Variety zegt Lars Krause dat de dochter van Dörte Helm hem geadviseerd heeft bij het schrijven van het scenario, en dat de affaire tussen Gropius en Helm ooit door de autoriteiten werd onderzocht. In een Duitse krant geeft hij dan weer toe dat hij zichzelf op het gebied van hun relatie aardig wat speculatie heeft veroorloofd. De Duitse kunsthistorica Katrin Arrieta beweert van haar kant dat de relatie nooit bewezen werd en betreurt het dat Helm eerder als minnares dan als kunstenares op de voorgrond treedt. De feministische onlinepublicatie SisterMag treedt haar bij en voegt eraan toe dat de Bauhausvrouwen honderd jaar na datum blijkbaar nog altijd gedefinieerd worden door hun relatie met mannen. Conclusie: fout De relatie tussen Gropius en Helm lijkt de fictieve draaischijf waar de echte geschiedenis van het Bauhaus omheen is gebouwd. De ontelbare keren dat ze met vuur schietende ogen zijn bureau binnenstormt om hem de les te spellen, mogen we dus spijtig genoeg naar de wondere wereld van het verzinsel verwijzen, net als die keer dat hij haar ten huwelijk vraagt. In Bauhaus, a New Era spat de empowerment ondanks de bovenstaande kritiek van het scherm. Naast Dörte Helm (Anna Maria Mühe uit Dogs of Berlin), die van klein, bang vogeltje naar zelfbewuste feministe evolueert, is er een mooie bijrol voor de vrijgevochten kunstenares Gunta Stölzl én voor Alma Mahler (Birgit Minichmayr uit Das weisse Band). Alma was de weduwe van Gustav Mahler en was in de eerste jaren van Bauhaus met Walter Gropius getrouwd. Ze heeft een drankprobleem, steekt niet onder stoelen of banken dat Gropius niet de enige man in haar leven is en laat zich minachtend uit over zowel de architect zelf als over 'zijn voorkeur voor jonge studentes'. Ze verlaat hem na enkele afleveringen voor de Oostenrijkse schrijver Franz Werfel, waardoor Gropius zijn handen vrij heeft om Dörte Helm het hof te maken. Volgens de Duitse biograaf Oliver Hilmes dronk de echte Alma op het einde van haar leven elke dag een fles Bénédictine, een Franse likeur met een alcoholpercentage van veertig procent. Naar eigen zeggen trok ze de mannen naar zich toe 'zoals een lamp muggen lokt'. Ze had affaires met onder anderen Gustav Klimt en de Oostenrijkse expressionist Oskar Kokoschka, terwijl ze ook de grote Duitse schrijver Thomas Mann tot haar bewonderaars mocht rekenen. Hoewel ze er tot twee keer toe met een was getrouwd, had ze een hekel aan Joden en liet ze al eens een compliment aan het adres van de nazi's optekenen. Conclusie: juist Alma Mahler wordt behoorlijk waarheidsgetrouw neergezet. Haar levensverhaal leest als een schandaalroman, maar het is niet moeilijk om in haar strapatsen de wraak van een gefnuikte kunstenares te lezen, die in het verkeerde tijdsgewricht was geboren. Dat haar strijd goed op die van de jonge studentes van haar man leek, komt in de serie niet echt uit de verf. Een van de opmerkelijkste figuren in de serie is de Zwitserse schilder Johannes Itten, die in de eerste Bauhausjaren de inleidende cursus doceerde en een grote invloed had op de visie van zijn studenten. Ook de filmregisseur Christopher Nolan is een fan, en verwees naar het werk van de meester in zijn Batmanfilm The Dark Knight Rises (2012). Johannes Itten was ook een aanhanger van Mazdaznan, een cultus die onder meer veelvuldig mediteren, vegetarisme en het geloof in de suprematie van het blanke ras voorschreef. De charismatische leraar bekeerde in het Bauhaus veel studenten, en clashte onder meer daardoor veelvuldig met Walter Gropius. In de reeks speelt hij met die laatste een soort good cop/bad cop-routine. Het is Itten die de oude gewoontes van de studenten met de grond gelijkmaakt, waarop Gropius hun een heerlijke nieuwe wereld voorspiegelt. Conclusie: juist Johannes Itten wordt omwille van het dramatische effect extra dik aangezet, maar alles wijst erop dat hij de radicale kunstenaar én fascinerende nare vent was die we in Bauhaus - a New Era leren kennen. Acteur Sven Schelker lijkt bovendien zo goed op zijn personage dat we nauwelijks nog durven te twijfelen. In maart 1920 ondernamen Wolfgang Kapp en Walter von Lüttwitz een poging om de Weimarrepubliek omver te werpen. De extreemrechtse Kapp-putsch duurde welgeteld vier dagen en mislukte onder meer omdat de communisten tot een nationale staking opriepen en het hele land lamlegden. De putsch zorgt ook voor grote beroering in het Bauhaus, waar Gropius zijn studenten vurig verbiedt aan om het even welke politieke actie deel te nemen. Naar eigen zeggen omdat het instituut links noch rechts is en een alternatief voor de toekomst voorstaat. In werkelijkheid onder druk van de beheerraad, die Kapp en zijn vrienden genegen is. 'De slachtoffers van de maartrevolutie', waarin een militie de vergaderplek van de communisten binnendringt en negen mensen doodschiet, is misschien wel de beste episode van Bauhaus, a New Era. Conclusie: juist De Kapp-putsch is allerminst een verzinsel, en een staatsgreep zal zowel toen als nu in alle geledingen van de maatschappij voor heel wat beroering hebben gezorgd. Maar de notie dat kunststudenten overwegend links zouden zijn is natuurlijk je reinste kolder, en een flagrant geval van framing. Vanwege haar betrokkenheid bij het communistische verzet tegen de Kapp-putsch wordt Dörte Helm tijdelijk uit het Bauhaus gegooid. Wanneer ze er op vraag van Gropius terugkeert, merkt ze dat er iets veranderd is: vrouwen mogen alleen nog weven en keramiek maken. In Bauhaus, a New Era wordt die regel als een compromis tussen Gropius en de conservatieve raad van bestuur gepresenteerd: omdat hij niet zowel Joden als vrouwen dezelfde kansen kan geven als de mannelijke Duitse studenten, offert hij de vrouwen op. Volgens Catherine Ince, Bauhauskenner en curator van het Londense Victoria and Albert Museum, was het in de realiteit echter zo dat 'de mannen aan het hoofd van Bauhaus, niettegenstaande hun progressieve gedachtengoed, het product waren van de maatschappelijke ideeën van hun tijd'. Walter Gropius was ervan overtuigd dat vrouwen slechts in twee dimensies konden denken, en mannen in drie. En terwijl de gelijkheid van man en vrouw officieel een van de fundamenten van Bauhaus was, heerste er in de praktijk een scherp onderscheid tussen, in zijn woorden, het 'sterke geslacht' en het 'mooie geslacht'. Conclusie: juist De ongelijkheid tussen man en vrouw in het Bauhaus was reëel en werd eerder aangekaart in boeken, tentoonstellingen en krantenartikels. Er bestaat een Wikipediapagina die exclusief over de Bauhausvrouwen, hun strijd en hun werk gaat. Het feit dat die het hoofdthema van Bauhaus, a New Era uitmaken, geeft extra betekenis aan het tweede deel van de titel: 'A New Era' zou net zo goed kunnen slaan op het moment dat de reeks werd gemaakt. Of misschien slaat het wel op het jaar 1963, toen de oude Gropius door een feministische journaliste het vuur aan de schenen wordt gelegd. De eerste vraag die ze hem stelt, is deze: 'Hoe kun je leven met de leugen dat mannen en vrouwen in het Bauhaus gelijk behandeld werden?' Waarop Gropius: 'Ik hou van je stijl, Stine. Je stelt vragen als een vent.'