Bij de naam Charles Dickens denkt u meteen aan barok geschreven verhalen over have-nots en sociale spanningen in victoriaans Engeland. Bij de naam Armando Iannucci mag u daar een energieke portie sitcom en personages van diverse achtergronden aan toe te voegen.
...

Bij de naam Charles Dickens denkt u meteen aan barok geschreven verhalen over have-nots en sociale spanningen in victoriaans Engeland. Bij de naam Armando Iannucci mag u daar een energieke portie sitcom en personages van diverse achtergronden aan toe te voegen. Verwacht van zijn adaptatie van Dickens' beroemde feuilletonroman uit 1850 - voluit The Personal History, Adventures, Experience and Observation of David Copperfield the Younger of Blunderstone Rookery - geen stoffig kostuumdrama over de trubbels van een literair aangelegde jongen die door zijn welgestelde familie wordt verstoten, vervolgens schippert tussen arm en rijk en opgroeit te midden van de clashende klassen en de uitgebuite fabrieksarbeiders. Iannucci's derde langspeler is een energiek in beeld geborstelde kostuumfilm die Copperfields tragische voorvallen lardeert met groteske humor. Bovendien blijkt het titelpersonage - genereus vertolkt door Dev Patel, de Brits-Indiase acteur die doorbrak met Slumdog Millionaire - dit keer zowaar een kleurtje te hebben, net als verschillende andere figuren. Om Dickens op een originele manier te vertalen naar het diverse, multiculturele Engeland van vandaag, waarin dickensiaanse thema's als discriminatie en het streven naar status luider dan ooit weerklinken, koos Iannucci ervoor om kleurenblind te casten. Voor de gevierde Britse schrijver, producer en regisseur, die furore maakte met politieke satire als The Thick of It, Veep en The Death of Stalin lijkt het een grote stap in het onbekende. Maar zelf ziet Iannucci - zoon van Napolitaanse ouders die in de fifties naar het Schotse Glasgow verkasten - dat helemaal niet zo. ' I'm Alan Partridge was ook niet politiek getint', geeft hij als voorbeeld van de vele, niet-politieke tv-shows en -films die hij de voorbije dertig jaar voor de BBC maakte, waar hij uitgroeide tot de spilfiguur van een generatie komisch talent waartoe ook Steve Coogan, Chris Morris en Rebecca Front behoren. 'Bovendien ben ik al mijn leven lang een groot bewonderaar van Dickens', aldus Iannucci. 'Ik heb literatuur gestudeerd - al heb ik mijn doctoraat over Miltons Paradise Lost nooit afgewerkt. Op een gegeven moment kreeg ik de kans om comedy te schrijven voor radio en tv en die heb ik met beide handen gegrepen. Ik heb in 2012 de documentaire Armando's Tale of Charles Dickens gemaakt, waarvoor David Copperfield ook al het uitgangspunt was. Ik vind Dickens een van de grootste komische schrijvers uit de Britse canon, al is dat een aspect dat vaak onderbelicht blijft. Zeker in filmadaptaties. Veel komische gemeenplaatsen die ook vandaag nog worden gebruikt, gaan op zijn werk terug, wat je niet verwacht van de schrijver van Great Expectations, Oliver Twist en andere sociaal bewogen romans.' Waarom uitgerekend David Copperfield uit de rijke Dickens-catalogus?Armando Iannucci: Het is mijn favoriete boek, van Dickens zelf trouwens ook. Het is een beest om te doorploegen, maar er zit zo veel in. Toen ik het tien jaar geleden herlas - voor het eerst sinds mijn tienerjaren - viel me op hoe fris en experimenteel het nog altijd is. Veel hedendaagse auteurs kunnen daar een puntje aan zuigen. Het is ook het boek, uit het midden van Dickens' carrière, waaraan Great Expectations, Bleak House en Little Dorrit zijn ontsproten. Bovendien is het zijn meest autobiografische werk, waarin je Copperfield kunt zien als een alter ego, als een camera waarmee hij zijn eigen leefwereld observeert. Ook Dickens heeft als jongeman moeten zwoegen om het als schrijver te maken. Hij weet uit de eerste hand wat het is om arm en verstoten te zijn, ook al ben je geboren in een bemiddeld milieu, en dat voel je tussen de lijnen. Hij was de populairste schrijver van zijn generatie, maar hij gebruikte zijn roem om sociale problemen aan te kaarten, wat van veel humanisme en moed getuigt. Plus: Copperfield is ook zijn meest cinematografische roman. Het boek begint met zinnetjes uit één woord wanneer David als baby de wereld tracht te omschrijven. Het bulkt van dergelijke, puur filmische vondsten. Toen ik het herlas, zag ik de film zo voor me. Ik moest hem alleen nog schrijven, casten, voorbereiden, opnemen, monteren, afwerken, en daarvoor een paar miljoen pond bijeen krijgen. (lacht)Je vorige film, The Death of Stalin, dateert wel van nog geen drie jaar geleden.Iannucci: Copperfield is een project dat al langer op mijn planning stond, maar dat Stalin een succes was, heeft natuurlijk geholpen om producenten over de streep te trekken - kostuumfilms zijn dure dingen om te maken. The Death of Stalin was ook een goede oefening om me te bekwamen in periodestukken. Ik heb daarom dezelfde equipe gebruikt, dezelfde kostuumontwerper, artdirector, cameraman, componist, noem maar op. Eigenlijk was het zaak om met mijn team nog een eeuw verder terug in de tijd te zappen. Het grote verschil was de toon. Stalin was cynische humor en focuste op de donkere kant van mensen die elkaar in hun machtswellust vreselijke dingen aandoen. David Copperfield is natuurlijk ook geen vrolijke boel, met al die armoede, kinderarbeid, corruptie en psychische ziektes, maar ik wilde het optimisme en de levenslust naar voren halen. Ook helemaal anders is de casting. Verschillende personages worden vertolkt door niet-blanke acteurs, hoewel het verhaal zich afspeelt in het monoculturele Engeland van 1840. Iannucci: Ik ben sowieso voorstander van meer diversiteit in de cinema, maar het is niet zo dat ik daarmee per se een politiek statement wilde maken. Eigenlijk is het idee organisch gegroeid. Toen ik nadacht over wie David Copperfield moest vertolken, kwam ik telkens uit bij Dev Patel. Omdat ik hem een van de beste Britse acteurs van zijn generatie vind, maar ook de meest geschikte voor de rol. Hij heeft iets energieks en introverts, iets tegelijk melancholisch en gepassioneerds, en dat zocht ik. Op een gegeven moment vroeg ik me af: waarom zou het feit dat Dev Indiase roots heeft een last moeten zijn? Copperfield is een outsider die zijn plek claimt, dus kan het net zo goed een pluspunt zijn. Toen ik dat besefte, heb ik beslist om voor alle rollen gewoon de beste acteurs te zoeken, ongeacht hun huidskleur of achtergrond. Wat telt, is de wereld die je creëert op het witte doek. Die moet levendig, coherent en geloofwaardig zijn. Veel literaire adaptaties zijn hondstrouwe tekstillustraties, en daarmee doe je Dickens geen recht. Die doorbrak zelf ook de regels. Toch zijn er critici die je verwijten dat je meesurft op de gelijkheidsgolf, ten koste van de historische accuraatheid, én van Dickens.Iannucci: Mijn redenering is: de film zal worden bekeken door een publiek van nu en dat is nu eenmaal diverser dan in de tijd van Dickens. Dickens schreef over het proletariaat, over de verschillende standen, over mensen die clashen met de vroegkapitalistische maatschappij. Die kleurde haast uitsluitend blank. Nu is dat allang niet meer zo. Maar mensen vallen wel nog altijd uit de boot, krijgen nog altijd met ongelijkheid te maken, maar dan in de laatkapitalistische maatschappij. Plus: het boek gaat over het streven naar sociale acceptatie, en over welke rol je achtergrond daarbij speelt. Als je dat aannemelijk én tastbaar wilt maken voor een hedendaags publiek, dat de jongste jaren zelf almaar meer met die identitaire discussies wordt geconfronteerd, past een multi-etnische cast daar perfect bij. Op een organische en niet-pamflettaire manier, want ik hou niet van expliciete statements. Dev en ik hebben daar vooraf veel over gepraat, aangezien we zelf allebei niet-Britse roots hebben. Wanneer behoor je volledig tot een bepaalde cultuur, of tot een bepaalde klasse? Wanneer word je aanzien als een insider, of blijf je altijd ergens een buitenbeentje, ook al ben je op een bepaalde plek geboren en ben je succesvol in wat je doet. Integreren, sociaal en cultureel, wat omhelst dat precies? Dat is waar Dickens en Copperfield mee worstelden. Dat is waar zoveel Britten vandaag mee worstelen. Ook al is het in een andere context en vanuit een andere achtergrond. Dat universele streven om ergens bij te horen maakt het boek zo actueel, ook al werd het 170 jaar geleden gepend. Daarom zei ik mijn acteurs: doe niet alsof het 1840 is, met allerlei rare intonaties en maniertjes. Doe zoals je hier en nu doet, omdat je in het verhaal ook in het hier en nu bent. Heb je jezelf als Italiaanse Schot zelf vaak een outsider gevoeld?Iannucci: Niet dat ik er trauma's aan overgehouden heb, maar ja, toch wel. Op school werd ik wel eens spaghettivreter of iets dergelijks genoemd, al was sektarisme in Glasgow een groter probleem dan racisme. Ging ik naar een Schots feest, dan was ik die ene met die rare Italiaanse naam. Ging ik naar een Italiaans huwelijksfeest, dan kon ik de tarantella niet dansen. Ik schipperde altijd tussen twee culturen in. Later ging ik in Oxford studeren en ging ik op in de Britse cultuur, wat ervoor heeft gezorgd dat ik nu nog een outsider ben in de VS, waar ik de voorbije jaren voor HBO heb gewerkt. Niet dat ik ooit met bruut racisme geconfronteerd ben, maar discriminatie zit 'm vaak in details. Het gaat niet alleen over taal, klasse of huidskleur, het gaat ook om sociale codes. Hoewel je werk vaak over politiek gaat, mijd je wel de directe referenties naar hedendaagse, politieke misstanden.Iannucci: Ik werk nu aan een nieuw project voor HBO over wat er gebeurt wanneer politici enkel nog fake news produceren, en niemand meer in iets lijkt te geloven, maar meer wil ik daar voorlopig niet over zeggen. Ik ben altijd gefascineerd geweest door politiek, maar dan als observator, als iemand die geamuseerd maar geëngageerd naar dat menselijke theater van macht en hoogmoed kijkt, die de kleintje kantjes belicht en uitvergroot. Ik bewonder Dickens omdat hij als beroemd artiest het lef had om dingen publiekelijk aan te klagen, om barricades op te werpen, maar zelf ga ik liever discreter en minder direct te werk. Ik ben eerder een komiek die kietelt met een plumeau, dan uithaalt met een hamer. Vandaar dat ik mezelf niet snel een film over pakweg Donald Trump of Boris Johnson zie maken, al was het maar omdat ik niet van sciencefiction hou. (lacht) Er valt ook niet meer tegen de politieke realiteit op te schertsen. Alles is al zo uitvergroot, ook door de media, dat het soms een surrealistische farce lijkt. Politieke satire moet storen, het heersende narratief doorbreken, maar hoe kun je dat in vredesnaam doen als de politiek bevolkt wordt door personen die gestoord zijn en geen enkel verhaal uitdragen? Het is alleen nog wartaal. Zelfs grammaticaal. Trump heeft het voor veel komieken verziekt, en voor veel anderen helaas ook. (lacht)