'Er is nu ook een sculptuur van de kauwgom, gemaakt door mijn goeie vriendin Ann Demeulemeester', zegt Warren Ellis terwijl hij van zijn koffie nipt. We zitten in de bar van Hotel August, een voormalig Augustijnenklooster in het Antwerpse Groen Kwartier.
...

'Er is nu ook een sculptuur van de kauwgom, gemaakt door mijn goeie vriendin Ann Demeulemeester', zegt Warren Ellis terwijl hij van zijn koffie nipt. We zitten in de bar van Hotel August, een voormalig Augustijnenklooster in het Antwerpse Groen Kwartier. 'Ann Demeulemeester heeft een sculptuur van de kauwgom gemaakt?' vraag ik. 'Ja, en ik ga er ook nog een standbeeld van laten maken. Dat zal in Ellis Park komen te staan, het dierenpark dat ik vorig jaar heb geopend in Indonesië. Ik wil het bij de beren en de apen zetten.' 'Je gaat een standbeeld van de kauwgom laten maken voor bij de beren en de apen?' 'Ja en een bevriende regisseur is van plan mij te filmen terwijl ik met de boot naar het park vaar om het standbeeld in te huldigen. Voor een documentaire.' 'Een regisseur...?'Ellis slurpt nog een keer van zijn koffie, ik verslik me net niet in de mijne. *** U kent Warren Ellis misschien als de violist van het instrumentale rockcombo Dirty Three, u kent hem zeker als de excentrieke sidekick van Nick Cave bij The Bad Seeds en Grinderman. Hij is ook de componist die Cave met al zijn filmsoundtracks helpt, onder meer voor The Road (met Viggo Mortensen) en The Assassination of Jesse James by the Coward Robert Ford (met Brad Pitt). En hij is de man met wie Cave de dit voorjaar verschenen lockdownplaat Carnage opnam. Na dit gesprek zullen Cave en Ellis dat album trouwens presenteren in de Antwerpse Stadsschouwburg. Maar ik ben dus hier om met Warren Ellis over een kauwgom te praten. Dat zit zo: in 1999 stond Nina Simone op het door Nick Cave gecureerde Meltdown-festival in Londen. Net voor ze begon te spelen, haalde ze haar kauwgom uit haar mond en legde die in een handdoek op haar Steinway-piano. Na het concert - niet minder dan legendarisch volgens iedereen die erbij was - beklom toeschouwer Warren Ellis het podium, stapte op de piano af, wikkelde de kauwgom in de handdoek en bewaarde hem in een plastic zak. Twintig jaar lang was de kauwgom een totem voor Ellis. Twintig jaar lang bewaakte hij hem met zijn leven. En nu heeft hij er een boek over geschreven met de weinig verhullende titel Nina Simone's Gum. Wat maakte dat Nina Simone-concert in 1999 zo memorabel, zelfs levensveranderend? Fysiek was ze toen, op haar 66e, al lang niet meer op haar best. Warren Ellis: Ik ben natuurlijk niet de enige, maar ik beschouw Nina Simone als een genie. Er zijn maar weinig grote artiesten. Je hebt Beethoven. Je hebt Alice Coltrane. And she's up there as well. In vergelijking met hen modderen wij maar wat aan met de beperkte talenten die we hebben. (denkt na) Weet je, ik had gewoon nooit gedacht dat ik Nina Simone ooit in mijn leven aan het werk zou zien. Als dat dan gebeurt, gaat het gepaard met bovenmatige verwachtingen. En die loste ze in. Het klopt dat ze met lichamelijke problemen kampte, maar ondanks die problemen zag je haar - hoe zal ik het zeggen? - transformeren. Soms raakt muziek je op zo'n emotionele, spirituele manier dat ze je voor de rest van je leven bijblijft. Dat is wat er die avond aan de hand was. Was je tijdens dat concert al aan het denken: straks klauter ik het podium op en gris ik die kauwgom mee? Ellis:(lacht) Voor zover ik me kan herinneren heb ik daar niet over nagedacht. Ook niet toen ik het deed. Ik vroeg me na de show gewoon af of die kauwgom er nog zou liggen. Toen dat het geval bleek, heb ik de handdoek waarmee Nina Simone haar zweet had afgekuist erover gedrapeerd en hem in een plastic zakje van Tower Records gestopt. Dat is waar hij twintig jaar lang in is blijven zitten. Onaangeroerd. Je wilde er niet aan komen? Ellis: Nee, ook niet toen de kauwgom in 2019 wel uit de handdoek gehaald móést worden, om hem te kunnen tentoonstellen op de Nick Cave-expo Stranger than Kindness in Kopenhagen. Toen heb ik er afscheid van moeten nemen. Je hebt de kauwgom twintig jaar bewaard, twee jaar in de Samsonite-koffer waarmee je de wereld rondtourde, en dan nog eens achttien jaar thuis. Was je op tour, dan kreeg je paniekaanvallen omdat je bang was dat het thuisfront hem per ongeluk zou weggooien. Viel het je zwaar om er uiteindelijk afscheid van te moeten nemen? Ellis: Mja. Het is niet dat ding zelf dat zo veel voor mij betekende - uiteraard was die kauwgom voor Nina Simone niet meer dan een stukje vuilnis - maar wel the nothing around it, het 'niets' dat errond hing. In het boek maak ik de vergelijking met Thomas Edisons laatste ademstoot. Die is onzichtbaar, maar prikkelt wel onze verbeelding. Dat is wat een relikwie, een heilig relikwie doet. (denkt na) Voor mij is die kauwgom uiteindelijk ook maar een metafoor voor het creatieve proces, voor ideeën. Ik maak al dertig jaar muziek in de studio, maar nooit eerder is een creatief proces of een idee zo tastbaar geweest. Het is altijd iets abstracts, iets dat je voelt. Maar die kauwgom, die ís er ook echt. Ik zag hem voor mijn ogen. En dat spreekt dus tot de verbeelding. Van mij en van iedereen die na mij bij dit verhaal betrokken is geraakt. Van de vrouw die er replica's in goud en zilver van gemaakt heeft. Van Ann Demeulemeester, die er een sculptuur ter grootte van een mensenhart van gemaakt heeft. Van de curatoren in Denemarken, waar hij sinds de afloop van de Cave-expo nog altijd bewaard ligt. In een kluis. Met speciale spots erop, zodat hij niet kan verkleuren. Uiteraard. Denk je echt dat die kauwgom jouw carrière de laatste twintig jaar vooruit heeft geholpen, zoals je in je boek schrijft? Ellis: Een mens gelooft wat hij wil geloven. Kijk, ik heb ooit een postkaart van David McComb (wijlen de frontman van The Triffids, in wiens soloband Warren Ellis gespeeld heeft, nvdr.) gekregen en die heeft me twintig jaar van de drank doen afblijven. Weten dat ik dat kaartje overal bij me had, hield me nuchter. Ik ben nu eenmaal bijgelovig, ik geloof in bovennatuurlijke fenomenen. Natuurlijk werkte ik er ook hard voor en omringde ik me met de juiste mensen, maar: já, ik heb jarenlang gedacht dat het me professioneel zo voor de wind ging simpelweg omdat ik die kauwgom in mijn bezit had. *** Rewind naar enkele ogenblikken voor dit interview. Wanneer ik de eerste verdieping van Hotel August bereik en uit de lift stap, kruis ik Nick Cave, die zijn weg zoekt naar de hotellobby op het gelijkvloers. Hij zit al strak in het pak - Nick Cave blijkt uren vóór hij het podium op moet al helemaal in character te zijn - en zal gedurende mijn hele gesprek met Warren Ellis geduldig op zijn compagnon zitten te wachten in de lobby. Ook dát is Nick Cave? Ellis:(knikt) Ik had voor deze tour niet gedacht dat ik nog méér van Nick kon houden, maar toch is het zo. Jullie samenwerking houdt al vijfentwintig jaar stand. Wat is het geheim erachter? Ellis: Ik heb geen flauw idee hoe het komt dat het al zo lang zo goed werkt tussen ons. Het is de creatiefste relatie die ik ooit in mijn leven aangegaan ben, maar het is ook een samenwerking die ik niet begrijp en die ik niet wíl begrijpen. En toch: hij is 64, ik ben 56 en onze huidige tour voelt aan als de beste ooit. We're doing the best stuff we've ever done. We nemen nog altijd risico's en dat is waar het om draait. Zolang dat kan en we het gevoel hebben dat we vooruitgang blijven boeken, zullen we doorgaan. En anders zal het ophouden, ook daar ben ik zeker van. Het is misschien wel de opmerkelijkste foto uit het hele boek: die van een dansende Cave ten tijde van Skeleton Tree (2016). Voor het eerst sinds het overlijden van zijn zoon in 2015 zag je hem zich weer als vanouds op een podium geven. Was je na die tragische gebeurtenis bang dat het gedaan zou zijn met Nick Cave and the Bad Seeds? Ellis: Túúrlijk was ik bang. Ik wist niet wat er ging gebeuren. Niemand wist het. In Nina Simone's Gum volgen we niet alleen het reilen en zeilen van die kauwgom, het is ook het relaas van jouw hele leven. En dat terwijl je na 1985 naar eigen zeggen 'niks substantieels meer had geschreven behalve e-mails'. Ellis: Klopt, ja. Speel jij een instrument? Nee. Ellis:Stel je voor dat ik jou nu een trombone zou geven en zou zeggen: 'Hier, maak een plaat.' Zo beangstigend voelde het. Ik maak al dertig jaar muziek en dat is nog altijd een mysterie voor mij, laat staan dat ik wist hoe ik een boek moest schrijven. Ik was terughoudend om over mezelf te schrijven - wat mij betreft had het ook gewoon een fotoboek mogen worden - maar de uitgeverij heeft me gepusht. Ze wezen me erop dat ik van al die duizenden aanwezigen de enige was die genoeg om die kauwgom gaf om hem mee naar huis te nemen. 'Why did you care?' vroegen ze me. Toen ik dat ging onderzoeken, kwam ik vanzelf bij mijn persoonlijke leven uit. We komen onder meer te weten dat je in het begin helemaal niks met de viool had. Je hebt je enkel voor de vioolles aangemeld omdat alle meisjes van je klas dat ook deden. Zij zouden uiteindelijk niet komen opdagen, jij gelukkig wel. Ellis: Het heeft lang geduurd voor ik me met dat ding verwant voelde, ja. Ik luisterde naar AC/DC, Black Sabbath, Led Zeppelin, Sex Pistols, The Saints en The Stooges. Het leek alsof ik het verkeerde instrument speelde. Tot de viool zich plots - in a pretty dark hour, toen ik heel down was - aan mij opdrong. Ineens vond ik in de viool iets waarin me kon verliezen. Terwijl ik speelde, verdween al de rest - all the chatter stopped. Dat is begin jaren negentig gebeurd, toen ik midden de twintig was en bij Dirty Three zat. Ik heb Mick en Jim (Turner en White, gitarist en drummer van Dirty Three, nvdr.) als bij toeval ontmoet, maar we brachten dingen in elkaar naar boven die mijn leven hebben veranderd. Om af te ronden: is de waarde van de kauwgom van Nina Simone met 1000 Australische dollar of een kleine 650 euro niet veel te laag geschat? Ellis: Misschien dat hij sinds de verschijning van het boek wat meer waard is geworden, maar volgens mij is het een onderschatting, ja. Ik vraag het omdat de kauwgom waar Alex Ferguson tijdens zijn laatste match als Manchester United-coach op gekauwd heeft... Ellis: ...verkocht is voor 400.000 Britse pond? Dat heb ik ook ontdekt toen ik mijn boek aan het schrijven was. Ik had geen idee wie die man is. Nog steeds niet, trouwens. Hij is alvast níét Nina Simone. (lacht)