Parijs, eind januari. Als het zijn bedoeling was om indruk te maken, dan is striptekenaar en regisseur Riad Sattouf (40) daar met glans in geslaagd. Het volledige Centre Pompidou is hermetisch afgesloten voor de wekelijkse sluitingsdag, maar aan een tafeltje in de enorme, lege leeszaal van de bibliotheek ervan ontvangt Sattouf me met een vanzelfsprekendheid alsof het zijn eigen woonkamer betrof. De aanleiding voor het gesprek is dubbel: een overzichtstentoonstelling over zijn werk in diezelfde zaal en het pas verschenen vierde deel van De Arabier van de toekomst. Dat relaas van Sattoufs kindertijd in het Midden-Oosten en Frankrijk zit in het Frans alleen al aan anderhalf miljoen verkochte boeken en is inmiddels in 22 talen vertaald. Je zou je van minder op je gemak gaan voelen in een leeg Centre Pompidou.

Een dubbele nationaliteit hebben is echt lastig: aan de twee kanten van de familie geloven ze niet wat er aan de andere kant gebeurt.

Maar kapsones heeft Sattouf absoluut niet. Hij is hoffelijk, gastvrij en neemt zijn tijd om met zachte stem te antwoorden, als iemand die geen haast lijkt te kennen. Als geïnterviewde betoont hij zich een professional: hij legt uit eigen beweging mijn opnameapparatuur aan zijn kant van de tafel en schrijft spontaan de naam voor me op wanneer hij iemand noemt die ik niet ken. Ook voor zichzelf schrijft hij wel eens namen op, zo blijkt wanneer ik hem bij wijze van opener vertel over een Amerikaanse professor letterkunde die De Arabier van de toekomst racistisch vindt: 'Wacht even. Hoe heet die man? (neemt zijn smartphone) Hoe spel je dat? Eén a of twee a's?'

Zodra hij de naam heeft genoteerd, steekt hij zijn telefoon weer weg. Naam geklasseerd voor eventueel later gebruik. Al zijn de venijnige steken naar de Verenigde Staten in de rest van het gesprek misschien ook wel het gevolg van deze eerste vraag.

Riad Sattouf: In De Arabier van de toekomst vertel ik een persoonlijke geschiedenis. Ik heb totaal niet de bedoeling om te veralgemenen. Ik vertel wat er met mijn familie gebeurd is zoals ik het me herinner.

Je vader ontwikkelt zich met elk nieuw deel van je reeks wel meer en meer tot de karikatuur die een racist van een moslim zou kunnen maken.

Sattouf: Mijn vader kwam uit een Syrisch boerendorp. Hij heeft zich kunnen ontwikkelen en uiteindelijk een doctoraat geschiedenis aan de Sorbonne behaald. In plaats van in Frankrijk of andere Europese landen les te gaan geven heeft hij zich daarna op de Arabische wereld gericht, want hij bewonderde dictators. Hij was een fan van Muammar Kaddhafi in Libië, van Saddam Hoessein in Irak en natuurlijk van Hafiz al-Assad in Syrië. Zoals redelijk veel historici was hij extreemrechts. Hij meende dat de democratie niet werkt, dat mensen altijd waardeloze kandidaten verkiezen. Hij was duidelijk antisemitisch en racistisch. Ik wil vooral vertellen hoe hij echt was en me niet moeten afvragen of mijn verhaal misschien fout begrepen kan worden. Ik ben daar zelfs nooit mee bezig geweest.

Dat lijkt me moeilijk te geloven.

Sattouf: Een andere serie van mij, Pascal Brutal, ging over een enorm gespierde kerel. Toen hebben sommige lezers geklaagd over het beeld dat ik van gespierde mensen schetste. Ik kan daar geen rekening mee houden, begrijp je? Maar het is voor mij wel heel belangrijk om te tonen dat niet alleen de Verenigde Staten extreemrechts zijn. Dat komt overal in de wereld voor: Pinochet was extreemrechts, Pol Pot, zelfs sommige zogenaamde communisten in Latijns-Amerika. In de Arabische wereld heb je allerlei stromingen. Dat weet iedereen ondertussen. Er zijn linkse groeperingen, heel conservatieve strekkingen en ook extreemrechtse. Een tijd geleden vroeg een jonge Française me op een ontmoeting met lezers: 'Uw vader was extreemrechts. Maar hoe kan dat nu, Arabier zijn en extreemrechts tegelijk?' Voor haar was de combinatie dus onmogelijk. Het idee dat Arabieren sommige politieke ideeën niet zouden kunnen hebben, is een typisch neokoloniale westerse gedachte.

Je vader was extreemrechts, maar dat niet alleen: op het einde van het boek...

Sattouf: Niet verklappen! Geen spoilers in het interview! (lacht)

Laten we zeggen dat hij zo mogelijk nog meer in de achting van de lezer zal dalen. Houd je in de manier waarop je hem portretteert geen enkele rekening met mogelijke vooroordelen van de lezer?

Sattouf:Dat soort preventief verantwoordelijkheidsgevoel leidt volgens mij tot wat de Verenigde Staten op dit moment zijn: een extreemrechts land dat geleid wordt door een extreemrechtse politicus. De Amerikaanse cultuur die zo veel invloed heeft in de wereld, bestaat grotendeels uit films die lijken op pretparkattracties. Je ziet voortdurend mooie, gespierde mensen zonder seksualiteit, maar extreem geweld is wel toegelaten. Het heeft niks te maken met het echte leven. Alle personages voelen zich wel ergens verantwoordelijk voor, zonder dat iemand hen dat ooit heeft gevraagd. De enige verantwoordelijkheid die ik zelf accepteer, is die om een goed boek te maken. (lacht)

Het is misschien belangrijk om eraan te herinneren dat een boek in de eerste plaats dient om gelezen te worden en dat heel veel mensen dat niet meer doen. Ze lezen alleen nog tweets of Facebook-updates. Die mensen geloven dus dat je de wereld kunt beschrijven in één zin op Twitter. Het duurt een tijdje om boeken te lezen. Je moet je erin verdiepen en je blijft er ook nadien nog over nadenken. Mijn lezers zijn slim. Ik vertrouw erop dat domme mensen niet lezen. Donald Trump is daarvan het levende bewijs.

Krijg je met De Arabier van de toekomst veel reacties van mensen die zich in jouw verhaal herkennen?

Sattouf: Enorm veel. Er zijn twee groepen die opvallend actief zijn. De eerste zijn mensen uit Noord-Afrika die hun eigen familie herkennen in mijn Syrische familie. Die schrijven dan: 'Mijn oom was ook zo, hij heeft grond gestolen van mijn vader.' De tweede groep die me overstelpt met berichtjes, zijn mensen in Frankrijk met een dubbele nationaliteit: Frans-Algerijns, Frans-Marokkaans... Het troost hen dat iemand anders met een dubbele nationaliteit ook veel moeite heeft om begrepen te worden. Dat is écht lastig. Aan de twee kanten van je familie geloven ze niet wat er aan de andere kant gebeurt. Als je over Syrië of Algerije vertelt, zeggen je Franse vrienden dat het zo niet kan zijn, ook al zijn ze er zelf nog nooit geweest!

De kinderen in De Arabier van de toekomst kunnen bikkelhard voor elkaar zijn. Bepaald niet het paradijselijke beeld dat vaak van de kindertijd wordt opgehangen.

Sattouf: Ik was een gevoelige jongen, dus natuurlijk was ik onder de indruk van de vijandigheid van sommige kinderen. Kijk, altijd als ik een boek maak, probeer ik een boek te maken dat ik zelf graag zou lezen én een boek waarvan ik vind dat er te weinig zijn. Als kind heb ik me nooit in verhalen over kinderen herkend: de hoofdpersonages waren te mooi, hun leven was te prachtig of ze werden geïdealiseerd. Zulke dingen wil ik rechttrekken.

Een voorbeeld. Jarenlang heb ik mensen horen vertellen dat ze zo graag naar Tunesië op vakantie gingen. Dat Tunesië geleid werd door een dictator, Ben Ali, kon de vakantiegangers blijkbaar weinig schelen. Vreemd, want niemand zou op het idee gekomen zijn om naar het Chili van Pinochet op vakantie te gaan. In zo'n geval kan ik het niet laten om mensen daarmee te confronteren. Mijn versie van de kindertijd in mijn boeken dient hetzelfde doel. Eerlijkheid in verhalen vind ik heel belangrijk.

Als ik in je boeken lees hoe gewelddadig en xenofoob kinderen jegens elkaar kunnen zijn, in Syrië maar ook in Frankrijk, dan heb ik weinig hoop dat ze die neigingen als volwassene overwonnen hebben.

Sattouf: Geweld onder kinderen is zoals puisten. Ze zijn maar een oppervlakkige uiting van iets diepers. Je moet dus zoeken naar een oorzaak van gewelddadig gedrag. Wist je dat de meest ontwikkelde maatschappijen ook de zachtste zijn? Afstand nemen van geweld gebeurt via absolute gelijkheid van man en vrouw. Hoe meer ongelijkheid, hoe meer geweld. Een film die een grote indruk op me heeft gemaakt als kind was Les quatre cents coups. Daarin vertelt François Truffaut over zijn schooltijd voor de oorlog. Het hoofdpersonage krijgt meppen van zijn vader en zijn moeder. Op school dragen de jongens allemaal een uniform en krijgen ze ook slaag van de onderwijzer. Het lijkt wel het tweede deel van De Arabier van de toekomst, alleen speelt het zich tachtig jaar geleden in Frankrijk af in plaats van dertig jaar geleden in Syrië. Men vergeet soms dat de meeste gemeenschappen meer en meer afstand nemen van geweld. Niet allemaal even snel, maar wel allemaal in dezelfde richting. Elke keer als we zelf een stap naar minder geweld hebben gezet, een verbod op lijfstraffen bijvoorbeeld, kijken we om ons heen om te zien wie nog niet zo ver is, om die 'achterblijver' terecht te wijzen. Maar we vergeten gemakshalve dat we zelf nog maar net die stap hebben gezet.

De Arabier van de toekomst - Een jeugd in het Midden-Oosten 4 (1987-1992)

DE ARABIER IN HET KORT

Waarschuwing: bevat spoilers.

Deel 1: 1978-1984

De Syriër Abdel-Razak en de Française Clémentine leren elkaar in Parijs kennen. In 1978 wordt hun eerste kind Riad geboren. Papa Sattouf is doctor in de moderne geschiedenis en vindt een universitaire job in Libië. Het gezin verblijft daar tot Kaddhafi wil dat mensen van beroep veranderen. De Sattoufs wonen daarna een tijdje in een Bretoens dorpje bij de moeder van Clémentine. Abdel-Razak vindt een betrekking in Syrië en gaat met het hele gezin in het dorp van zijn ouders wonen. De kleine Riad wordt er voortdurend aangevallen door de andere kinderen omdat hij met zijn blonde lokken volgens hen een Jood is.


Deel 2: 1984-1985

Riad gaat naar een jongensschool in Syrië en leert al snel dat je er voor het minste vergrijp een klap op je vingers krijgt met de lat. Via een generaal uit de familie proeft het gezin Sattouf van luxe. Riads favoriete nicht wordt vermoord door haar eigen vader en broer uit eerwraak. Riad vindt Franse supermarkten de mooiste plaatsen ter wereld.


Deel 3: 1985-1987

De Sattoufs komen steeds meer in de problemen omdat ze niet religieus leven. Na een conflict met zijn moeder laat Abdel-Razak zijn drie zonen besnijden. Tijdens zijn eerste trimester terug in Frankrijk merkt Riad verbaasd dat de leerkracht geen lijfstraffen toepast. Abdel-Razak krijgt een job in Saoedi-Arabië.


Deel 4: 1987-1992

Mama Sattouf weigert mee te reizen naar Saoedi-Arabië en woont met de kinderen opnieuw in Bretagne. Riad heeft met zijn mooie haren veel succes bij de meisjes. Vader Sattouf duikt op in de universitaire vakantie en blijkt steeds antisemitischer te worden. Omdat zijn moeder ziek is, reist het gezin weer naar Syrië.