In de winter is het een dichtgevroren gehucht, in de zomer een losse verzameling vakantiehuisjes. Vaste bewoonster Janina Duszejko doet er tijdens de sneeuwmaanden elke dag haar ronde. Ze controleert de verlaten woningen op lekken en marternesten, waarna ze zich voor haar houtkachel nestelt, horoscopen trekt en de duivelse gedichten van William Blake naar het Pools vertaalt. Een bar maar rustig bestaan voor een dame op leeftijd. Tot haar buurman Eunjer 's nachts op haar deur bonkt: de lokale bullebak Grootvoet is overleden, schijnbaar gestikt in het botje van een gestroopte ree.
...

In de winter is het een dichtgevroren gehucht, in de zomer een losse verzameling vakantiehuisjes. Vaste bewoonster Janina Duszejko doet er tijdens de sneeuwmaanden elke dag haar ronde. Ze controleert de verlaten woningen op lekken en marternesten, waarna ze zich voor haar houtkachel nestelt, horoscopen trekt en de duivelse gedichten van William Blake naar het Pools vertaalt. Een bar maar rustig bestaan voor een dame op leeftijd. Tot haar buurman Eunjer 's nachts op haar deur bonkt: de lokale bullebak Grootvoet is overleden, schijnbaar gestikt in het botje van een gestroopte ree. Zijn dood zal niet de laatste zijn. In een ijltempo sneuvelt een allegaartje aan mannen. De eigenaar van een vossenkwekerij raakt verstrikt in één van zijn eigen vallen, het vermangelde lichaam van de Commandant wordt in een greppel ontdekt en de Preses lijkt wel opgevreten door kevers. Onrust en roddel verspreiden zich over het dorp, de politie staat voor een raadsel. Waren de heren lid van een smokkelbende? Verhandelden ze vrouwen of raakten ze in onmin over waardevolle lappen grond? Bemoeizuchtig als ze is, probeert Janina de politie bij te staan. Maar haar excentrieke theorie oogst weinig bijval - dieren die wraak nemen op leden van de jachtvereniging, dat kan alleen een zonderling bedenken. Spottend wordt ze het kantoor uit geherderd: wichel jij maar lekker sterren en laat ons de zaak maar oplossen. Midsomer Murders, maar dan op het Poolse platteland? Niet echt. Het thrillerverhaal is de misleidende rode draad waarmee Nobelprijswinnares Olga Tokarczuk haar lezers meelokt in een waanzinnig literair labyrint. Terwijl je in het kielzog van amateurspeurder Janina door een desolaat landschap banjert, krijg je allerlei geniale observaties en grimmig mooie zinnen onder je loopneus geschoven: 'Ik zag een zwanger meisje op een bankje zitten en dacht bij mezelf wat een zegen onwetendheid is. Hoe zou je alles kunnen weten zonder een miskraam te krijgen?' Jaag je ploeg over de botten van de doden laat zich niet in een literair hokje duwen. Ja, het is een thriller. Ja, het is een magisch-realistisch horrorsprookje. Ja, het is een stilistisch wonderkabinet. En ja, het is wereldklasse. Het enige minpunt komt voor rekening van de uitgever. Over de schabouwelijke omslag kun je nog een smaakdiscussie voeren maar de bindwijze is een aanfluiting: na één leesbeurt ziet het boek eruit alsof het daadwerkelijk ondergeploegd werd. Fonkelromans als die van Tokarczuk verdienen een harde kaft, stevig papier, een leeslint, en een ereplek op de boekenplank.