Het was een frisse winterdag toen ik in 2005 samen met Pieter Aspe op een golfbreker in Blankenberge voor de fotograaf poseerde. Ik was de thrillerdebutant, hij al tien jaar de ongekroonde koning van de Vlaamse misdaadroman. Hij lachte makkelijk, praatte voorzichtig, soms bijna verontschuldigend. Mensen lazen zijn boeken graag, zei hij, hij kon ook niet goed verklaren waarom. Misschien was hij zo nuchter en bescheiden omdat hij pas op latere leeftijd was gedebuteerd en al een heel leven achter zich had voor hij aan zijn schrijverscarrière begon. Sinds gisteren is de koning er niet meer.
...

Het was een frisse winterdag toen ik in 2005 samen met Pieter Aspe op een golfbreker in Blankenberge voor de fotograaf poseerde. Ik was de thrillerdebutant, hij al tien jaar de ongekroonde koning van de Vlaamse misdaadroman. Hij lachte makkelijk, praatte voorzichtig, soms bijna verontschuldigend. Mensen lazen zijn boeken graag, zei hij, hij kon ook niet goed verklaren waarom. Misschien was hij zo nuchter en bescheiden omdat hij pas op latere leeftijd was gedebuteerd en al een heel leven achter zich had voor hij aan zijn schrijverscarrière begon. Sinds gisteren is de koning er niet meer. Je wordt niet als schrijver geboren, je wordt er pas een als je begint te schrijven. Dat geldt zeker voor Pieter Aspe, die als conciërge in de Heilige Bloedkapel van Brugge werkte toen hij aan het eerste hoofdstuk van 'Het vierkant van de wraak' begon. Zijn misdaaddebuut met de scherpzinnige en ongeduldige hoofdcommissaris Pieter Van In verscheen in 1995 toen er in Vlaanderen amper sprake was van het genre. Natuurlijk had je Bob Mendes en Jef Geeraerts, maar in de boekhandel waren er nog geen aparte rekken waarin de Vlaamse misdaadromans rij aan rij om aandacht vochten, en op de eerste laureaat van de Knack Hercules Poirotprijs was het in 1995 nog drie jaar wachten. Die prijs won Aspe in 2001 eindelijk met 'Zoenoffer'. Eindelijk, want in 1998, 1999 en 2000 stond hij telkens op de shortlist. Pierre Aspeslag werd op 3 april 1953 in Brugge geboren. Zijn hogere studies brak hij vroegtijdig af toen zijn vriendin zwanger bleek te zijn. Hij trouwde, werd vader van twee dochters en ging aan de slag als magazijnier, seizoenagent bij de zeevaartpolitie, studiemeester en dus ook als conciërge. Die job bood hem tijd om te schrijven. Hij verhaspelde zijn naam tot Pieter Aspe, stuurde het manuscript van 'Het vierkant van de wraak' naar uitgeverij Manteau en werd bijna meteen een succesvol schrijver die van zijn pen kon leven. In 2004 begon VTM met 'Aspe', een politieserie gebaseerd op de boeken, waarin Herbert Flack als Van In en Francesca Vanthielen als onderzoeksrechter en Van Ins geliefde Hannelore Martens tien seizoenen lang acteerden. Vanaf dan was Aspe werkelijk een household name. In 2005 vertelde Pieter Aspe me nog dat hij na twintig romans met Van In aan iets heel nieuws wilde beginnen. Hij was een beetje uitgekeken op zijn personage, zo leek het. Dat nieuwe project is er nooit echt gekomen. Aspe ging onverwijld door met zijn Van In-reeks en schakelde op een bepaald moment zelfs over op twee boeken per jaar. De fans konden er geen genoeg van krijgen. En hoe snerend het betere leespubliek soms deed over 'een Aspe' en dat ze 'dat' nooit lazen, Pieter Aspe was een vakman pur sang. Dat bewees hij boek na boek. De Vlaamse misdaadroman heeft altijd de wat kwalijke reputatie gehad dat hij minder literair zou zijn, sneller geschreven en goedkoper bedacht dan de 'gewone' roman. Van dat vooroordeel, trouwens vaak geuit door mensen die nooit thrillers lezen, was ook Aspe een slachtoffer. Daar staat dan wel tegenover dat hij wereldwijd meer dan 3,5 miljoen boeken heeft verkocht en mensen die misschien anders zelden lazen aan het lezen bracht en hun verbeelding aan het werk zette. Had Aspe zijn succes mee te danken aan de Boekenbeurs? Misschien was het wel omgekeerd, want je moest al een jonge wielergod als Tom Boonen zijn of een volledige K3 om met hetzelfde enthousiasme op de Boekenbeurs te worden onthaald. Elke dag tekende Aspe present, elke dag stonden de fans trouw in de rij. Tot Aspe zich niet meer in het beleid en de hoge tickets van de beurs kon vinden. De Boekenbeurs moest het vanaf dan zonder zijn publiekslieveling doen. Aspe begon vervolgens ook zijn eigen uitgeverij, Aspe NV, die voortaan zijn eigen boeken, maar ook dan van andere Vlaamse auteurs uitbracht. Ondanks zijn Bourgondische levensstijl had Aspe een ijzeren werkdiscipline. In de voormiddag schreef hij, elke dag tot hij het beoogde aantal woorden had gehaald. Daarna was het tijd voor ontspanning. Dat daar een paar Duvels of Omers bij te pas kwamen, is geen publiek geheim. Roken en drinken deed de schrijver geen goed. In 2006 kreeg hij een hartaanval en werd met spoed aan zijn hart geopereerd. Samen met zijn cardioloog dronk hij, tot ontsteltenis van de medische wereld, op de daaropvolgende persconferentie meteen een frisse Duvel. Op persoonlijk vlak kende Pieter Aspe ook ups-and-downs. Zijn eerste huwelijk liep op de klippen, zijn tweede vrouw verloor hij aan kanker. Een paar jaar geleden ontmoette hij Tamara, zijn derde vrouw. Hij vroeg haar al snel ten huwelijk, want waarom wachten als je zeker bent van elkaar? Lichamelijke kwalen bleven hem echter achtervolgen. Pieter Aspe lag vorig in de zomer van 2020 langere tijd in het ziekenhuis met diverse klachten. Gisteren, op zaterdag 1 mei, overleed hij in het AZ Sint-Jan in Brugge na een ziekbed van twee weken.