We zeggen en schrijven het jaar 1893. Hoewel Cora Seaborne hoort te rouwen om haar pas overleden echtgenoot vergt dat toch enige moeite. Haar man was een sadistische bruut die haar geregeld afranselde. Op zich niet netjes, maar Cora genoot tot haar eigen victoriaanse verwarring stiekem wel van wat billenkoek. Om te ontsnappen aan de plichtmatige rouw reist ze samen met haar autistische zoontje Francis en socialistisch aangelegde gezelschapsdame Martha naar Aldwinter, een kustdorpje dat in de ban is van een zeemo...

We zeggen en schrijven het jaar 1893. Hoewel Cora Seaborne hoort te rouwen om haar pas overleden echtgenoot vergt dat toch enige moeite. Haar man was een sadistische bruut die haar geregeld afranselde. Op zich niet netjes, maar Cora genoot tot haar eigen victoriaanse verwarring stiekem wel van wat billenkoek. Om te ontsnappen aan de plichtmatige rouw reist ze samen met haar autistische zoontje Francis en socialistisch aangelegde gezelschapsdame Martha naar Aldwinter, een kustdorpje dat in de ban is van een zeemonster. De komst van een Londense dame beroert de gemoederen in het plekje: de lokale dominee wordt halsoverkop verliefd op de wereldse deerne en wanneer in haar kielzog ook nog een nukkige arts opdaagt, is het gezelschap compleet. Terwijl kinderen verdwijnen, dronkaards aan de lopende band verdrinken en vee verminkt wordt teruggevonden, kletst het drietal er een eind op los. De dominee wil het bijgeloof van zijn kudde beteugelen, de arts ziet de eerste tekenen van een tbc-epidemie opduiken en Cora dartelt losjes gekleed door het dorpje, waardoor de dominee geregeld zijn boordje moet betasten om niet in zonde te vervallen. Natuurlijk is het mistig, natuurlijk is Cora afkomstig uit Whitechapel, waar Jack The Ripper hoertjes aan zijn mes reeg, natuurlijk is Francis verslingerd aan Sherlock Holmes, natuurlijk gebeuren er schimmige dingen in oude ruïnes, en natuurlijk wordt in het struikgewas lustig gesmacht en gezucht. Sarah Perry heeft alle gothic-novelclichés uit de fichebak getrokken - onderdrukte seksualiteit, de strijd tussen wetenschap en geloof, bovennatuurlijke fenomenen die de moderniteit op de proef stellen. Niets blijft de lezer bespaard in wat uiteindelijk niet meer dan een kasteelromannetje blijkt. Perry doet een halfslachtige poging om de armoede in Londen aan de kaak te stellen - Martha bindt de strijd aan met huisjesmelkers - , en het is fijn dat ze een vrouwelijk hoofdpersonage kiest, maar helaas lijkt Cora eerder op een wispelturig wicht dan op een feministische speurneus. Op zich geen probleem, maar dan moet Perry in haar nawoord niet pronken met haar feministische research. Als je je dan ook nog eens door allerlei barok taalgebruik moet worstelen, is het leesplezier snel vergald. Al na honderd pagina's kan dat monster je niets meer schelen, en dat kan niet de bedoeling zijn.