Nu de stadslucht weer doordrenkt is van de weeë geur van glühwein, nu sinten en kerstmannen elkaar weer voor de voeten lopen en kalkoenen nog snel een levensverzekering afsluiten, kunnen we met zekerheid stellen dat de eindejaarsperiode is aangebroken. De zenuwachtige jacht op het ideale cadeau en de juiste outfit, de stress van de obligate feestdis en de zoektocht naar tickets voor de hipste club om het jaar weg te dansen: het is een moderne vorm van zelfkwelling. Gelukkig is er wijn! De huisvaders hebben hun Bollingers, Pouilly-Fuissés en Châteauneuf-du-Papes al lang besteld en aan tafel zal er weer gewichtig ...

Nu de stadslucht weer doordrenkt is van de weeë geur van glühwein, nu sinten en kerstmannen elkaar weer voor de voeten lopen en kalkoenen nog snel een levensverzekering afsluiten, kunnen we met zekerheid stellen dat de eindejaarsperiode is aangebroken. De zenuwachtige jacht op het ideale cadeau en de juiste outfit, de stress van de obligate feestdis en de zoektocht naar tickets voor de hipste club om het jaar weg te dansen: het is een moderne vorm van zelfkwelling. Gelukkig is er wijn! De huisvaders hebben hun Bollingers, Pouilly-Fuissés en Châteauneuf-du-Papes al lang besteld en aan tafel zal er weer gewichtig gewalst en gesnoven en gekeurd worden. Iemand zal iets murmelen over jaartallen en terroir, en geheimtips zullen als snoepjes uitgedeeld worden. Toch, wijn hoeft niet moeilijk te zijn. 'Wil je een wijnkenner worden? Koop een kurkentrekker', zo vertrouwt een wijnboer Jay McInerney toe. Sinds die laatste wereldberoemd werd met zijn rijkelijk met cocaïne besprenkelde debuut Bright Lights, Big City (1984), geldt hij als vaste waarde in de Amerikaanse literaire canon. Maar naast zijn romans schrijft de Jayster, zoals zijn illustere vriend Bret Easton Ellis hem doopte, ook met genoegen over de godendrank die wijn heet. 'Mijn wijnboeken verkopen beter dan mijn romans, en ik mag aan de lopende band wijngaarden bezoeken, waar de vinologen me gratis flessen toestoppen. Mij hoor je niet klagen.' Zijn enthousiasme druipt dan ook van elke pagina. In korte essays neemt hij je mee naar de klassieke huizen én naar de kleine bioboeren die lak hebben aan traditie en de wijnwereld op haar kop willen zetten. Altijd komt McInerney aanzetten met sappige vergelijkingen zodat je echt geen kenner hoeft te zijn: 'De chardonnay van Ramey is helder, hoekig, fris, die van Kistler tropisch, boterachtig, vlezig en zoet. Het is het verschil tussen Kate Moss en Pamela Anderson.' Met zo'n quote kun je aan de dis al eens een blos op tantes wangen toveren. Tussen glas en lippen zal McInerney je wel iets bijleren over terroir en ranken en druivensoorten (én hij heeft een scherp oog voor de bij ons minder bekende Californische wijnen) maar de smaakbeleving blijft altijd centraal staan. Hebt u zich ooit al afgevraagd welke wijn bij Aziatisch eten past? McInerney is uw man. Aangevuld met vileine anekdotes over literaire drankgelagen en polemische discussies tussen wijnschrijvers is het een waar genoegen om met deze hedonist wijnkelders in te duiken.