We zeggen ende schrijven het jaar onzes Heren 1158. De zeventienjarige Marie de France wordt verbannen van het hof van Eleonora van Aquitanië. Verbannen is misschien een verkeerd woord, volgens koningin Eleonora betreft het een promotie: Marie mag in Angleterre een abdij gaan bestieren. Want eerlijk is eerlijk: de bastaarddochter Marie is te lelijk om uit te huwelijken, hooguit loopt er genoeg adellijk bloed door haar aderen om oppernon te worden - op zich ook een gunst. Het ga je goed daar tussen al die verschrompelde vrouwen, tot over een paar jaar misschien, en vergeet on...

We zeggen ende schrijven het jaar onzes Heren 1158. De zeventienjarige Marie de France wordt verbannen van het hof van Eleonora van Aquitanië. Verbannen is misschien een verkeerd woord, volgens koningin Eleonora betreft het een promotie: Marie mag in Angleterre een abdij gaan bestieren. Want eerlijk is eerlijk: de bastaarddochter Marie is te lelijk om uit te huwelijken, hooguit loopt er genoeg adellijk bloed door haar aderen om oppernon te worden - op zich ook een gunst. Het ga je goed daar tussen al die verschrompelde vrouwen, tot over een paar jaar misschien, en vergeet ondertussen niet voldoende belastingen aan de kroon af te dragen. In recordtempo doorloopt Marie de rangen van novice tot abdis, en met harde hand leidt ze de abdij weg van hongersnoden en armoede. Onder het beleid van Marie zal het convent uitgroeien tot een machtige speler in de regio, en met macht komen ook de vijanden: boeren die hun pacht niet willen betalen, lokale edellieden die morren om de dure aflaten, bisschoppen die het ongepast vinden dat nota bene vrouwen zoveel rijkdom verzamelen... Marie maakt er dankzij haar strategisch inzicht en desnoods te vuur en te zwaard korte metten mee. Tussendoor moet Marie ook het dagelijks bestuur van de abdij op haar schouders nemen. Haar zusters mogen dan wel allerlei geloften afgelegd hebben, zondenvrij zijn ze niet. Achter de godlievende muren wordt er aan de lopende band geroddeld en gekonkeld, en het kost Marie de nodige moeite om iedereen in het gareel te houden. Gelukkig kan ze voor ontspanning terecht bij zuster Nest die haar onder het mom van medische behandeling al wel eens mondeling van brandende schootgevoelens verlost. Wat zou een kloosterroman zijn zonder befscènes? Aanvankelijk blijft het een raadsel waar de Amerikaanse schrijfster Lauren Groff met haar nieuwe roman Matrix naartoe wil. Minutieus beschrijft ze het trage, pijnlijke leven van nonnen in de twaalfde eeuw, een leven van werk en gebed, een dor bestaan zonder avontuur en dus ook weinig plot om je lezer mee te verleiden. Dat verandert wanneer Marie apocalyptische visioenen krijgt en haar zusters omvormt tot een vrouwenleger. Dreigt er een heidense invasie? Moeten de christelijke amazones daarom de abdij versterken met een bizarre verdedigingswal? Groff heeft duidelijk een feministisch programma af te werken en dat weegt, samen met het archaïsche taalgebruik, soms op haar roman. Maar wie een nonnenleven driehonderd pagina's boeiend kan houden, beschikt ontegensprekelijk over talent. Ware het niet van de cunnilingus, de paus zou zeker zijn zegen geven.