Maelstrom zegt sorry aan alle kinderen in 'Brief aan mijn kind'

30/11/16 om 08:30 - Bijgewerkt om 09:54

Bron: Knack Focus

Samen met enkelen onder u schreven Thomas Janssens en Jorre Vandenbussche een brief aan hun kind. Intussen timmerde Mikaël Wellens een houten zitmeubel in mekaar. Het resultaat: een intieme vertelling die je meemaakt vanop een bankje en vanonder een gloeilampje.

Maelstrom zegt sorry aan alle kinderen in 'Brief aan mijn kind'

© Jurgen Delnaet

The Play = Brief aan mijn kind

Gezelschap = Maelstrom

In een zin = Een mooie, rijke, tot in de details doordachte voorstelling die aanvoelt als een warme, troostende deken in donkere, kille tijden en duidelijk inzet op verbondenheid. Al speelt hun edelmoedigheid de makers parten.

Hoogtepunt = Thomas Janssens begint met het voordragen van zijn brief, je hoort de oprechtheid maar ook de sterke, poëtische pen die zijn brief tot literatuur maakt.

Quote = (een fragment uit de brief van Janssens)

'Verhalen kabbelen niet als beekjes naast elkaar

Verhalen en zinnen treden buiten hun oevers

Komend van en onderweg naar

Eenzelfde grote woordenstroom

Dat is wie wij mensen zijn:

Een leven met verhalen

Jij ook, sinds je geboorte

We komen ter aarde

Om deel te nemen aan ons verhaal

Dat vertelt wie we zijn

Waar we vandaan komen, wie hier voor ons was

En waar we nu naartoe willen

Het verhaal dat jij kiest

Of dat jou gekozen heeft

Het is jouw oorsprong

Je rustpunt

En je eind'

Meer info: www.maelstrom.be

'Sorry dat ik je op een wereld zette die smelt', zegt Thomas Janssens terwijl hij rond het houten zitmeubel - in elkaar hakende houten zitbankjes die in een hartvormige cirkel over de scène kronkelen - wandelt. Hij 'vertelt' de brief die hij aan zijn bijna tweejarige zoontje schreef. Zijn gelaat wordt zacht verlicht door de kleine gloeilampjes die aan een stevige draad boven de bankjes hangen. Tussen de lampjes hangen ook de brieven die ze van hun publiek kregen. Want Brief aan mijn kind is een co-creatie met het publiek.

Ongeveer een jaar geleden riepen Janssens en Jorre Vandenbussche - samen het collectief Maelstrom - de toeschouwers van de cultuurcentra waar ze met Brief aan mijn kind zouden spelen op om een brief aan hun (denkbeeldig) kind te schrijven. Die brieven werden verzameld door de cultuurcentra en aan het duo bezorgd.

Dat duo las alle brieven, duidde de passages aan die ze absoluut wilden voorlezen en hingen de brieven vervolgens met kleine haakjes aan de draad die boven de bankjes gespannen is. Intussen schreef Janssens een brief aan zijn eerste kind, een zoontje. Janssens bewees al met een voorstelling als De laatste reis van Donald Crowhurst over een meer dan uitstekende pen te bezitten. In deze brief bevestigt hij zijn schrijverstalent. Deze theatermaker zou wel eens tot een van dé pennen van zijn generatie kunnen uitgroeien. Al is hij op dit moment vooral sterk in het schrijven van verhalen die vanuit een stem verteld worden. De man weet bovendien die woorden op een even intieme als heldere manier te vertolken. Waardoor het lijkt alsof je over zijn schouder mee leest. Bijzonder. In die brief toont hij zich niet alleen een liefhebbende, bezorgde vader maar evengoed een belezen man met een maatschappijkritische mening. Het fijne: hij verwoordt die mening op een verfrissend poëtische manier. Je hangt aan zijn lippen.

Delen

Thomas Janssens zou wel eens tot een van dé pennen van zijn generatie kunnen uitgroeien.

Janssens wandelt op netjes opgeblonken, bruine lederen schoenen over de scène en tussen de bankjes. Jorre Vandenbussche doet dat op kousenvoeten. En, in tegenstelling tot Janssens, zonder versterkte stem. Hij doorspekt Janssens' brief met fragmenten uit de brieven van de toeschouwers. Dat is een erg mooi, warmhartig gebaar maar - en nu klinken we wellicht als de koele kikker-recensent - die toeschouwersbrieven fnuiken het ritme soms en verbleken tegenover de straffe brief van Janssens. Elke brief is een prachtige liefdesbrief aan een kind maar niet elke brief is een prachtig staaltje schrijfkunst. Ook al leest Vandenbussche die brieven zo goed en respectvol mogelijk voor en kiest hij voor de meest spitse, ontroerende of grappige fragmenten.

Je merkt aan de manier waarop Vandenbussche leest, de secure compositie van de geluidsfragmenten (uit interviews die de makers hadden met sommige briefschrijvers) en de minutieuze opbouw van de vertelling (van gefluister naar geschreeuw) dat hier met ontzettend veel zorg aan gewerkt is. Het levert een mooie, rijke, tot in de details doordachte voorstelling op die aanvoelt als een dekentje in donkere, kille tijden en inzet op verbondenheid, broodnodig vandaag. Dit stuk is op sociaal vlak glansrijk geslaagd en voelt als een hartverwarmend cadeau aan het publiek. Maar, dat cadeau had nog mooier kunnen zijn als de makers iets minder edelmoedig waren omgesprongen met het cadeau van hun publiek.

Smaakmaker:

Els Van Steenberghe

Onze partners