King Crimson in de Antwerpse Stadsschouwburg: een twee uur durende prog-orgie

03/11/16 om 14:21 - Bijgewerkt om 15:17

Woensdag deed de mythische progrockgroep King Crimson - probably the best band in the world - zijn blijde intrede te Antwerpen. Onze man Kristof Dejonckheere was er getuige van. En hij boog nederig het hoofd.

King Crimson in de Antwerpse Stadsschouwburg: een twee uur durende prog-orgie

Kring Crimson © Scarlet Page

'Here's a band that's gonna go a long way!' We schrijven 5 juli 1969, ergens in de late namiddag in Hyde Park, Londen. De visionaire presentator van dienst kondigt een volslagen onbekende band aan, King Crimson. Iedereen is er om The Rolling Stones te zien later die avond. De band zet 21st Century Schizoid Man in - van hun op dat moment nog te verschijnen debuutalbum - en blaast iedereen weg met een furieuze, frenetiek gespeelde set. Een progrock-legende is geboren. Mick Jagger was naar verluidt not amused.

Vandaag, 47 jaar later, is er eigenlijk niet zo gek veel veranderd. King Crimson is nog altijd een goed bewaard geheim. Het wordt de meeste muziekliefhebbers wazig voor de ogen als de naam valt. En dat ondanks een indrukwekkende discografie en de exploten van spilfiguur - en enige constante - Robert Fripp met Brian Eno, Peter Gabriel en David Bowie. Die galmende gitaar op Heroes en Fashion? Dat is Fripp.

King Crimson gebruikt die underdogpositie graag om een nietsvermoedend publiek te overdonderen, als een soort stealth-operatie. Heel vaak treden ze niet op, en weinig mensen wisten gisteren op voorhand wat ze in de Stadsschouwburg precies konden verwachten. De monotone wachtmuziek en de kurkdroge, licht absurd aandoende aankondigingen voor het optreden - 'de pauze komt na deel één en voor deel twee' - lijken wel bedoeld om het publiek te intimideren.

Delen

King Crimson gebruikt die underdogpositie graag om een nietsvermoedend publiek te overdonderen

Uiteindelijk is het dan zover: zeven muzikanten - waaronder drie (!) drummers én sterbassist Tony Levin - komen het podium op, allemaal strak in het pak, en we zijn weg voor een ruim twee uur durende prog-orgie. Met alle gevolgen van dien: de bas is fretless, de riffs complex en de time signatures tricky. Jazz Odyssey van Spinal Tap lijkt niet veraf. En met drie drummers was het bij momenten zo druk als op de ring rond Antwerpen.

Maar wanneer het klikt én wanneer alle puzzelstukken in elkaar vallen, is het wel subliem, en van het beste dat je vandaag op een podium kunt zien. Na een half uur halen ze met Red hun eerste prijsbeest van stal. Een donkere, dreigende metalriff krijgt alle hoeken van de kamer te zien, en de drie drummers brengen elk op hun eigen manier een passende hommage aan de legendarische Bill Bruford, die het origineel inspeelde.

Na de pauze barst het feestje helemaal los. Epitaph groeit uit tot een episch mellotron-fest, Easy Money krijgt een broeierige en behoorlijk funky versie mee en deel twee eindigt met een climax genaamd Starless, een tijdloze en ondraaglijk intense slow-burner, vanavond strak en beheerst gebracht. Tussendoor neemt Robert Fripp - die zoals steeds de hele avond discreet rechts achteraan op het podium zit - regelmatig even de tijd om zijn Frippertronics te demonstreren, een geweldig arsenaal aan psychedelische gitaareffecten.

Tijd voor de bisronde: na een wat makke cover van Bowies Heroes wordt er afgesloten met hun ultieme klassieker: 21st Century Schizoid Man, voorzien van een avant-gardistisch jazzmiddenstuk - een duel tussen saxofonist Mel Collins en drummer Jeremy Stacy - en een drumsolo die alle muzikanten op de toppen van hun tenen houdt. Een staande ovatie van het publiek volgt, en er wordt zoals beloofd tijd uitgetrokken voor een uitgebreide fotosessie tussen publiek en band.

Vergeet al die rock- en poppotentaatjes van vandaag. Here's a band that went a long way indeed. All Hail to the Crimson King!

Kristof Dejonckheere

Onze partners