Gespot op het Spot Festival in Aarhus: tien artiesten uit het Noorden om in de gaten te houden

02/05/16 om 16:24 - Bijgewerkt om 16:24

De Scandinavische muziekscene speelt, op internationaal vlak, een steeds prominentere rol. Dat is in ruime mate te danken aan Spot, een jaarlijks showcasefestival in het Deense Aarhus dat een prima beeld geeft van wat het Noorden momenteel te bieden heeft. Het afgelopen weekend speelden er zo'n 200 bands. Wij pikten er tien uit die u gehoord moet hebben.

Gespot op het Spot Festival in Aarhus: tien artiesten uit het Noorden om in de gaten te houden

Katrine Stochholm © /

Daniel Norgren, José González, Mew, The Raveonettes, Efterklang, Múm, Agnes Obel, Mø, Maggie Björklund: het zijn slechts enkele van de vele artiesten die de voorbije jaren tijdens het Spot Festival in de kijker liepen en vervolgens de rest van Europa wisten in te palmen. Samen met collega's van Rolling Stone, Mojo, The Guardian, Les Inrockuptibles en El País trokken we met gespitste oren langs de 31 podia in en rond het Musikhuset en filterden we uit het aanbod enkele namen met een onmiskenbare exportwaarde. Hieronder onze persoonlijke best of.

LEW.

Soms volstaat één ontdekking al om een festival memorabel te maken. Lew, uit Roskilde, behoort onmiskenbaar tot die categorie. De zangeres, die eigenlijk Sara Lewis heet, bracht, twee jaar na de ep 'Drenched in Night', zopas haar debuut-cd 'Black Feathers' uit en daarop klinkt ze, net als op het podium, bezwerend, kwetsbaar en intens. Voor wie haar niet kent, zouden Anna Calvi, PJ Harvey en Beth 'Portishead' Gibbons als stilistische wegwijzers dienst kunnen doen. Toch zijn Lews songs méér dan sterk genoeg om die oppervlakkige vergelijkingen te overstijgen. De artieste, zelf bedrijvig op elektrische gitaar, liet zich bijstaan door een trefzekere band, die haar afwisselend melancholische en sensuele songs inventief inkleurde. Nu eens ingetogen, dan weer op het scherp van de snee, maar altijd indringend: Lew maakt muziek die onder je huid kruipt om er te blijven.

MODDI

De meeste liedjes die je op de radio hoort zijn vrijblijvend en onschadelijk, maar dat hoeft niet zo te zijn, vindt Pál Moddi Knutsen, die in september de cd 'Unsongs' uitbrengt. Op die plaat vertolkt de Noorse folkzanger liederen uit twaalf verschillende landen die ooit om religieuze, politieke of andere redenen in aanraking kwamen met de censuur. Daarvan bracht Moddi er, begeleid door een celliste, in Aarhus al enkele in première. Zo zong hij in het Engels vertaalde nummers over deserterende Israëlische soldaten, Mexicaanse drugsbaronnen en op muziek gezette teksten van Chinese, Viëtnamese of Palestijnse dichters die, om wat ze hebben geschreven, nog steeds in de gevangenis zitten. Ook op de setlist: 'Punk Prayer' van Pussy Riot. Moddi noemt het pure protestpoëzie, maar ironisch genoeg werd ook zíjn versie door de BBC inmiddels al in de ban gedaan, omdat ze beledigend zou zijn voor de Russisch orthodoxe kerk. Nu de vrije meningsuiting steeds vaker in de verdrukking dreigt te komen, is Moddi's werk uiterst relevant. 'This machine kills fascists', schreef Woody Guthrie ooit op zijn gitaar. Moddi toont met 'Unsongs' alvast dat hij die boodschap goed begrepen heeft.

THE COURETTES

"It's saturday night and I'm feeling like dynamite". De quote komt uit een nummer van The Courettes, een duo uit Aalborg, en naar zijn explosieve cocktail van sixtiespunk en garagerock te oordelen, was er geen woord van gelogen. Zangeres-gitariste Flavia Couri maakte deel uit van de Braziliaanse cultband Autoramas, tot ze trouwde met de drummer van de Deense groep die in zijn voorprogramma speelde. Flavia werd onlangs moeder, maar stond de dag nadat ze haar kind ter wereld bracht alweer monter op het podium. Het zegt iets over de urgentie en de wilde party mood die achter The Courettes schuilgaat. Retro? Zeker, maar het stel straalt zoveel energie, vitaliteit, charme en opwinding uit, dat je aan nummers als 'The Boy I Love', 'We're All Gonna Die' of 'Hoodoo Hop' onmogelijk kunt weerstaan. Een fuzzgitaar, een stem, donderende drums en snedige, licht ontvlambare liedjes: méér hebben The Courettes niet nodig om de tent op stelten te zetten. De perfecte synthese van The Sonics, Link Wray en The Shangri-las, zeg maar. Dolletjes!

SPEAKER BITE ME + JOMI MASSAGE

Speaker Bite Me is voor de Denen wat dEUS is voor de Belgen: een experimentele band van topniveau die het avontuur niet schuwt en het chauvenisme aanscherpt. Het kwartet, met Signe Høirop Wille-Jørgenson en Martin Ryum (allebei zang en gitaar) als spilfiguren, leidde de jongste jaren een sluimerend bestaan. Zijn recentste cd, 'Action Painting', dateert al van 2007, maar vandaag maakt het gezelschap weer mondjesmaat de podia onveilig en werkt het aan nieuw materiaal. Dat leidde tot een sterke set vol vernuftig opgebouwde songs waarin power en subtiliteit elkaar nooit in de weg liepen en gitaren uit de Sonic Youth-school het hoge woord voerden.

De zangeres van de groep is ook solo actief onder het pseudoniem Jomi Massage (een verwijzing naar de eerste vibrator die in Denemarken commercieel verkrijgbaar was). Tijdens de tweede dag van Spot speelde ze in haar eentje, met behulp van keyboards, een loop station en allerlei effect-apparatuur, materiaal uit haar jongste plaat 'Primitives'. Rauwe, donkere, minimalistische songs met provocerende teksten waarin woede onverwachts omsloeg in tederheid en omgekeerd. Hoogtepunt van de set was het kwetsbare 'The Dust and the Dirt'. Méér dan haar stem en ukulele had Jomi Massage niet nodig om de toeschouwers naar de keel te grijpen.

PALACE WINTER

Melodieuze gitaarpop, bevlogen gespeeld en voortgestuwd door een motorik beat. Dat is de handelswaar van Palace Winter, een band uit Kopenhagen met als kern: de Australische zanger-gitarist Carl Coleman en de Deense producer en keyboardspeler Caspar Hesselager. Hoewel de groep pas het licht zag in het voorjaar van 2014 klinkt ze op het podium zo hecht en strak dat je zou zweren dat ze al minstens een decennium aan de weg timmert. De sfeerrijke, in Americana gedrenkte breedbeeldsongs van Palace Winter zijn beïnvloed door films als 'There Will be Blood' en groepen als R.E.M. en The War On Drugs, maar het blijft gelukkig bij vage echo's. Zelf omschrijft het gezelschap zijn muziek als 'Country Kraut' of 'Epic Synth country', maar wie zijn volgende maand te verschijnen debuut-cd 'Waiting For the World to Turn' beluistert, stelt meteen vast dat al die termen er weinig toe doen. De Britse krant The Guardian heeft Palace Winter al aan de boezem gedrukt. U mag dat voorbeeld gerust volgen.

IKI

Geen enkel optreden van het a capella-ensemble IKI is ooit hetzelfde. Dat komt omdat de vijf zangeressen zweren bij improvisatie. De groepsleden beheersen zeer uiteenlopende vocale technieken, zijn even sterk in mondpercussie als in close harmony-zang en zijn niet te bedonderd om telkens weer een sprong in het ijle te wagen. Wat ze allemaal uithalen met de menselijke stem is vaak verbluffend en vergt een bijzonder soort concentratie. Soms wordt er vooraf een thema of een onderwerp afgesproken, maar voor de rest gebeurt de invulling van een song 'on the spot'. Eén zangeres neemt het voortouw, terwijl de andere er, hijgend en steunend, vocale lagen bovenop stapelen. Je moet het horen om het te te geloven, maar we zijn ervan overtuigd dat IKI intussen ook bij ons heel wat zieltjes heeft gewonnen: de groep heeft net een tournee door Vlaanderen achter de rug waarbij ze onder meer Gent, Brugge en Brussel aandeed. Het bewijs dat avant-garde ook gewoon toegankelijk kan zijn.

KATRINE STOCHHOLM

Under Byen, volgens ons de beste Deense groep aller tijden, is helaas niet meer. Katrine Stochholm, de dame die als componiste en klavierspeelster bij het gezelschap aanvankelijk een sleutelrol speelde, zet nu eindelijk haar solocarrière op de rails en stelde tijdens Spot haar cd 'Danser Til Radio' voor. Dat deed ze met een tienkoppige band, waarin we, naast het strijkkwartet Who Killed Bambi, ook elektronica-artiest Spejderrobot en leden van het popduo The Embla aantroffen. Het resultaat was fraai gearrangeerde, gitaarloze maar zinnenprikkelende muziek, steunend op meerstemmige samenzang en een ritmische groove die nog altijd sterk aan Under Byen deed denken. Stochholm zong in het Deens en gebruikte onder meer teksten van de negentiende eeuwse dichter Emil Aarestrup, maar dat hinderde niet. Haar muziek klinkt, net als die van pakweg Sigur Rós, zo uniek dat je ze perfect kunt aanvoelen zonder de woorden te begrijpen.

SØREN JUUL

Drie jaar geleden bracht hij bij het gerenommeerde Britse label 4AD onder het pseudoniem Indians de lovend ontvangen cd 'Somewhere Else' uit. Daarna schreef hij filmmuziek en opereerde hij een poosje vanuit New York en Portland, maar de heimwee werd hem te machtig. Vandaag woont hij dus weer in het rustige Deense kustplaatsje Svendborg. Zijn nieuwe cd, This Moment', die op 17 juni verschijnt, maakte hij Søren Juul zelfs gewoon onder zijn eigen naam. Niet zo'n goed idee voor iemand met internationle ambities, want zijn gelaagde, elektronische popsongs, die raakpunten vertonen met die van MGMT en Passion Pit, klinken nog altijd rijk en ambitieus. Juul is een soort Brian Wilson, die in de studio alle touwtjes in handen houdt. Ten tijde van Indians stond hij nog met een band op het podium. Dit keer deed hij alles in zijn eentje met behulp van klavieren, machines en visuals. De muziek bleef top, maar qua live-ervaring had het iets méér mogen zijn.

VESSEL

Anders Mathiasen is de helft van het Deense folk-noirduo Murder, dat zich enkele jaren geleden ook in ons land geliefd wist te maken. Terwijl zijn maat Jakob Bellens zich concentreert op diens andere projecten (I Got You On Tape en solowerk), maakt Mathiasen muziek met Vessel. Onlangs nog toerde hij in zijn eentje met Tindersticks door Scandinavië, maar op Spot dook hij op met zijn band om er zijn nieuwe cd 'Patterns of Blue' voor te stellen. Die staat vol intimistische, bedachtzame en mijmerende liedjes die bij fans van Nick Drake, Elliott Smith, José Gonzalez of zelfs Love meteen in goede aarde vielen. Vessel beschikte bovendien over een ritmesectie die het materiaal consequent van een aangename groove voorzag. Echt iets voor dakloze Duysterfans.

WHORES & THIEVES

De naam suggereert het al een beetje: liefhebbers van het luidere werk kwamen tijdens Spot prima aan hun trekken bij Whores & Thieves, een potig vijftal dat zijn nummers bouwde op logge stoner rock- en grungeriffs, maar ook op de schuimbekkende bluesrockvariant waar Nick Cave en andere brutale Australiërs tijdens de eighties niet vies van waren. Songs als 'I Am The Cat' of het klagerige 'Spain', allebei afkomstig van de uitstekende cd 'Silent Town', schroeiden gaatjes in je trommelvliezen en zanger Christian Bonde Sørensen voerde de hele tijd een onverdroten gevecht met zijn microfoonstandaard. Een optreden dat knalde als de kurk van een champagnefles.

Onze partners