Ga literair uitwaaien met het nieuwe boek van Nick Hunt

© .

Nick Hunt wandelde anderhalf jaar door Europa en merkte dat wind meer is dan luchtdrukverschil. Het is ook geschiedenis, cultuur en politiek.

‘Ik heb verschillende tochten in de omgeving gemaakt, maar door die wind was het steeds onmogelijk iets te doen’, schreef Vincent van Gogh op 9 maart 1888 vanuit Arles aan zijn broer Theo. De mistral woei iedere dag keihard en ijskoud, ‘een knagend venijn,’ zoals de schilder zei. Uiteindelijk zette hij zijn ezel vast met pinnen van een halve meter lang die hij in de bodem sloeg en schilderde hij een paar van zijn meest fantastische doeken, waarop je de wind ziet en voelt hoe Van Gogh met hem worstelde. Twee maanden later liet hij zich opnemen in een psychiatrische instelling in Saint-Rémy- de-Provence, waar hij een jaar bleef en van Theo een brief ontving met de veelbetekenende vraag: ‘Waait de mistral daar net zo hard als in Arles? En ben je daar net zo gek?’

Centrale zinnen: Waar gaat de wind eigenlijk heen? Waar eindigt hij of vangt hij aan?

Er zijn verschillende verklaringen bedacht voor de waanzin van Vincent van Gogh, van het lood in zijn verf tot de alsem in zijn absint, maar dat de mistral hem geen goed heeft gedaan, is zeker. Hij bleef maar schrijven over die wind, en hij bleef hem maar schilderen. En hij was niet alleen. Ook Claude Monet, Paul Cézanne en Pierre-Auguste Renoir kwamen er niet van los. Wind, dat is meteorologie, denken wij nogal eens makkelijk. Fout dus, wind is cultuur, geschiedenis en politiek, ontdekte de Britse schrijver Nick Hunt toen hij zich begon in te lezen in de winden van Europa, en van de weeromstuit besloot hij er een boek over te schrijven, Waar de wind waait.

Europa kent een heel aantal periodiek terugkerende winden, zoals de sirocco of de halny. Om het een beetje behapbaar te houden, beperkte Hunt zich tot vier: de helm, de mistral, de föhn en de bora. De man wilde er immers niet alleen over schrijven, hij wilde ze ook aan den lijve ondervinden. Anderhalf jaar lang wandelde hij, wind mee of wind tegen, door grote delen van Europa, op zoek naar de verhalen die de lokale bevolking al eeuwen over die winden vertelt.

Ga literair uitwaaien met het nieuwe boek van Nick Hunt

Starten deed Hunt thuis, in de Britse Pennines, waar de helm regelmatig hels uit de hoek kan komen, waardoor boeren naar eigen zeggen soms wel drie dagen lang hun schuurdeur niet konden openen. De helm zou aangekondigd worden door de bar, wist hij, een grote, eenzame wolk, bovenaan wit en door de zon beschenen, onderaan dreigend grijs. Hunt liep en liep, dacht soms het begin van de bar te zien, maar het werd uiteindelijk niets.

Als lezer moet je dus wat geduld hebben voor Hunt de wind in de zeilen krijgt, maar eens zover blijkt hij een reus van een verteller te zijn, iemand die van in de wind lopen een heldendaad kan maken, een saga over de verovering van de elementen en de ontdekking van de wereld. Hij vertelt hoe de föhn tot de onafhankelijkheid van Zwitserland leidde doordat die er onrechtstreeks voor zorgde dat Wilhelm Tell aan zijn Oostenrijkse bewakers kon ontsnappen, zodat hij nadien een leger op de been kon brengen om de bezetter terug richting Wenen te ranselen. Hij ontmoet een kruisvaarder op zoek naar heksen en in Triest raakt hij verzeild in een museum waar in talloze doosjes en tupperwarepotjes wind bewaard wordt.

Het intrigerendst van al is hij echter wanneer hij het heeft over de invloed van de wind op de mens. Individueel, omdat de föhn tot neusbloedingen en depressies kan leiden, maar ook collectief. Hunt volgde de bora van Kroatië, over Slovenië naar Noord-Italië. Iedereen had het over de positieve eigenschappen van die frisse wind, die kracht en gezondheid bracht. Dit in tegenstelling tot de jugo, die precies de omgekeerde richting opwaait, de ‘Afrikaanse wind’ werd genoemd en geassocieerd werd met ziekte en verderf. Hunt maakte zijn wandeling begin 2016, toen de vluchtelingencrisis nog hevig voelbaar was. Hij kwam ontelbaar veel mensen tegen die met hun hele hebben en houden het traject van de Afrikaanse wind volgden, hij zag hekken oprijzen en hoorde overal verwijten.

Waar de wind waait

Nick Hunt, Thomas Rap (oorspronkelijke titel: Where the Wild Winds Are), 352 blz., 21,99 euro.

Nick Hunt

Naast heel wat artikels schreef Hunt tot nu toe twee boeken: het pas vertaalde Where the Wild Winds Are en vier jaar geleden Walking the Woods and the Water. Daarin deed hij de wandeling over die de befaamde reisschrijver Patrick Leigh Fermor in 1933 had ondernomen, van Hoek van Holland naar Istanbul. Hunt is ook redacteur bij The Dark Mountain Project, een alternatief kunstcollectief dat ‘niet langer gelooft in de verhalen die onze beschaving zichzelf vertelt’ en terug wil naar een verbond met de aarde.

Partner Content