De literaire roadtrip van Peter Carey is geen vlekkeloze rit geworden

© .
Roderik Six
Roderik Six Journalist voor Knack

Een soortement Gumball-rally moet drie waaghalzen roem en geld opleveren. Het wordt vooral een race tegen het verleden: het Australië van de jaren 1950 is koloniaal nog niet helemaal schuldenvrij.

Het klinkt als een scenario voor een komedie: zet drie stumperds in een gezinswagen en laat ze meedoen aan een autorace van meer dan 10.000 kilometer, een gemotoriseerde ronde van Australië. Het is een wanhoopsplan: het leven zit de drie even tegen. Titch Bobs wil dolgraag autoverkoper worden, liefst met een Ford-concessie, maar zijn tirannieke vader doet alles om zijn handeltje te dwarsbomen. Irene, de vrouw van Titch en copilote met dienst, wil haar huwelijk redden, ook al betekent dat dat ze haar kinderen bij haar labiele zus moet achterlaten. En Willie Bachhuber is uitgekeken op zijn loopbaan als leerkracht – dat hij geschorst is omdat hij een balorige leerling aan zijn voeten uit het raam van de tweede verdieping liet bengelen, is natuurlijk óók een stimulans om je als navigator op te werpen.

Centrale zin: Men beweert dat het ongerepte Australië prachtig is, maar mij zul je dat niet horen zeggen.

Samen verbouwen ze een Holden (een Australisch merk, kwaliteit Lada maar dan met een V8) en nemen ze deel aan de Redex Trial, een uithoudingsrace waarbij het de bedoeling is dat je je wagen zo ongehavend mogelijk over de finish laat bollen. Geen sinecure in het Australië van de jaren vijftig, toen tarmac eerder uitzondering dan regel was.

Een humoristisch startschot, maar in het huis clos van de auto lopen de spanningen al gauw op en hoe snel ze ook rijden, het verleden haalt hen in. Willie ontdekt dat zijn Duitse ouders niet helemaal oprecht waren over zijn jeugd, Titch moet wedijveren met zijn vader, die zich, puur om hem te tergen, óók heeft ingeschreven voor de race, en Irene heeft moeite met het concept huwelijkstrouw. Wanneer het drietal in contact komt met de Aboriginalbevolking ontaardt de reis in een helletocht.

De literaire roadtrip van Peter Carey is geen vlekkeloze rit geworden

Klassiek thema, de roadtrip, maar Peter Carey voorziet zijn roman van voldoende reserveonderdelen om ervoor te zorgen dat de motor soepel blijft draaien. De stoffige odyssee is vooral een vehikel om iets te vertellen over het grimmige verleden van Australië, want echt aardig waren de blanke nieuwkomers niet tegenover de oorspronkelijke inwoners. Slavernij, babyroof, standrechtelijke executies: weinig bleef de Aboriginals bespaard en Carey schuwt de gruwel – terecht – niet.

Soms gooit de maatschappijkritische toon wat suiker in de tank, naar het einde toe hangt de roman net als de Holden nog met spuug en touw aan elkaar en de toevalligheden stapelen zich in een wel erg hoog tempo op. Wat ook leuk ware geweest: dat de vertaler Aboriginaltermen als ‘jilla’ en ‘poenka wallah’ met een voetnoot had verduidelijkt. Wie leest, doet dat niet om op Google te zitten. Geen vlekkeloze rit, maar Carey wordt natuurlijk niet zomaar genoemd als Nobelprijskandidaat. Mindere goden waren al veel sneller in de berm beland.

Ver van huis

Peter Carey, De Bezige Bij (oorspronkelijke titel: A Long Way from Home), 366 blz., 23,99 euro.

Peter Carey

Peter Carey (°1943) behoort (met J.M. Coetzee, Hilary Mantel en J.G. Farrell) tot het elitekransje van de vier auteurs die de Man Booker Prize twee keer gewonnen hebben: in 1988 voor Oscar en Lucinda en in 2001 voor Het ware verhaal van de Kelly-bende. Hoewel van Australië woont en werkt Carey al sinds de jaren negentig in New York.

Partner Content