Uncle Martin

© © VRT

Van je familie moet je het hebben – als je tenminste weet dat die bestaat. Toen journalist Martin Heylen lucht kreeg van een omvangrijke Amerikaanse tak aan grootmoederszijde welde prompt het idee voor een nieuwe reisreeks op. Maar omdat hij in Uncle Martin niet zozeer reporter als wel deels onderwerp is, bleek de emotionele impact heftig.

Vanwaar de drang om – letterlijk en figuurlijk – verre familie op te zoeken die je nooit hebt gekend?

Martin Heylen: Al tijdens de eerste brainstormsessies werd ik gewaar dat ik meer over mezelf zat te vertellen dan ideeën ophoestte. Mijn vader, die als Amerikaan is opgegroeid maar is teruggekeerd, heeft geprobeerd mij zo Amerikaans mogelijk op te voeden: ik leerde de natuur lezen, of dieren doden, villen en in de diepvries krijgen. Toen ik in Amerika bij achterneven en -nichten over de vloer kwam, kreeg ik het gevoel dat mijn jeugd had kunnen uitmonden in hún leven. Telkens ik de link naar het verleden legde, werd ik emotioneel en hield ik het vaak niet droog.

Er wordt behoorlijk wat geknuffeld.

Heylen:(lacht) Bloedverwantschap brengt een onmiddellijke vertrouwdheid mee. Dat heeft me verrast. Want het was a hell of a job om die stamboom te construeren. Amerikanen zijn wantrouwig, nemen de telefoon niet op en beantwoorden geen mails of WhatsApp-berichten van vreemden. Pas door aan te dringen en oude familiefoto’s en docufragmenten van mezelf door te sturen, werd de nieuwsgierigheid geprikkeld en konden we contacten leggen. Toch heb ik vaak niet de kans gekregen mezelf te verklaren. Met afgedrukte foto’s van Facebook vragen beginnen te stellen in een klein Amerikaans dorp is geen goed idee. Toen iemand mij als ‘creep’ bestempelde en de politie belde, heb ik ontgoocheld mijn biezen gepakt. Maar de vele verwanten bij wie ik wél welkom was, zijn wel degelijk familie geworden. Ik informeer nu al eens hoe het met Burton zijn gezondheid gaat, en Kelly houdt me op de hoogte van de vulling van haar kalkoen. (lacht)

© © VRT

Is dat wennen?

Heylen: Weet je, in mijn piepkleine Vlaamse familie heb ik niet veel nestwarmte gekend, maar ook amper sociale verplichtingen. Ik bén eigenlijk geen familiemens. Als die Amerikanen berichten dat ze weleens naar Europa willen komen – met de hint dat de logeerkamer in orde mag worden gebracht – dan slaat de schrik mij om het hart. Een bezoekje van een namiddag of avond: graag. Iemand nu plots een bed aanbieden, dat zou ik raar vinden. Maar kom, misschien moet ik proberen mezelf als mens te vervolmaken. (lacht)

© © VRT

Vanaf dinsdag 27/9, Eén, 20.40, en op VRT Max

© © VRT

Partner Content