Christian Tafdrup maakte van ‘Speak No Evil’ liever geen komedie, maar de ongemakkelijkste Deense film ooit

© National

Wat is er akeliger dan een weekendje bij een Nederlands gezin? Niets, als je Speak No Evil mag geloven. ‘Sommigen haten mijn film. Mooi zo.’

Lang was de gruwelijkste ervaring in het leven van de Deense regisseur Christian Tafdrup zijn dochter die haar lievelingsknuffel had verloren. Tot die keer dat hij en zijn vriendin ’s nachts in Marrakech met etenswaar werden bekogeld door een groepje locals. Het schaamrood staat Tafdrup nog op de wangen als hij erover vertelt. ‘Ik was zo bang dat ik alleen maar wat schaapachtig naar hen kon glimlachen. Mijn vriendin vond me een watje. Soms moet je weglopen of terugvechten. Maar als je een rimpelloos, veilig leven leidt en geen enkele ervaring hebt met geweld en kwaad, hoe reageer je dan bij reëel gevaar? Misschien ben je zo passief en verlamd dat je niet eens je eigen familie, je eigen kind, je eigen hachje kunt redden. Dat idee zit in Speak No Evil en veel toeschouwers hebben het daar ontzettend moeilijk mee. Dat provoceert blijkbaar. Maar ik denk oprecht dat ik zo zou reageren bij groot gevaar. Dat ik uit angst zou verlammen.’

Met zijn broer Mads verzon Tafdrup een verhaal over het Deense koppel Bjørn en Louise dat tijdens een vakantie in Toscane oppervlakkig bevriend raakt met de Nederlandse Patrick en Karin en enkele maanden later blundert door in te gaan op het voorstel om eens een paar dagen bij hén op vakantie te gaan. Patrick blijkt dol te zijn op stamppot, de muziek van Trijntje Oosterhuis en het afblaffen van zijn zoontje. De ene ongemakkelijke situatie volgt de andere schofferende op. In plaats van er gillend vandoor te gaan glimlachen Bjørn en Louise wat schaapachtig.

Veel te veel films willen het publiek behagen. Ik hou van films die dat niet doen.

‘Als kind’, vertelt Tafdrup, ‘ben ik eens in Neurenberg bij Duitsers beland die mijn ouders in Toscane hadden leren kennen. Mijn broer moest onder de keukentafel slapen, de hond deed voortdurend naar tegen ons… Het was allesbehalve gezellig maar we durfden niets te zeggen of bijvoorbeeld een dag vroeger te vertrekken. We deden alsof alles wel op wieltjes liep. Dat niet doen ware onbeschoft geweest.’

Dat leek hem een interessante situatie voor zijn film. ‘Er zat zeker een komedie in maar ik dacht dat het nog leuker zou zijn om er radicaal de meest ongemakkelijke film uit de Deense filmgeschiedenis van te maken. Met gastheren die zeer onbeleefd zijn en de grenzen van het sociale fatsoen zwaar overschrijden. Vanaf wanneer ben je in staat om te reageren? Hoe lang kun je de schone schijn ophouden?’

Zonder iets weg te geven: in Speak No Evil ontspoort dat tot een oudtestamentisch horrortableau op de sacrale tonen van Monteverdi. ‘In München liep een man de filmzaal uit en schreeuwde dat ik me diep moest schamen. Online kreeg ik commentaar van mensen die hun geld terugwilden. Sommigen haten Speak No Evil. Mooi zo. Veel te veel films willen het publiek behagen. Ik hou van films die dat niet doen, die je ongemakkelijk, boos of bang maken en dagenlang blijven hangen.’ Michael Hanekes Funny Games was in die zin een van zijn ijkpunten, ‘artistieke, naturalistische horror die iets zegt over de mens en de burgerij’. De mix van humor, sociale commentaar, horror en spanning is van Get Out en Midsommar afgekeken.

Tafdrups arthousehorror stelt de vraag af of we niet te beschaafd zijn geworden, of te verlamd door politieke correctheid. ‘Uiteraard moeten we beschaafd met elkaar omgaan. Het is maar goed dat er regels zijn voor het sociale verkeer. Maar soms vergeten we eerlijk te zijn over wat ook tot onze natuur behoort. Ja, we zijn beleefd, ja we zijn lief maar we hebben ook een donkere kant. We ervaren soms primitieve gevoelens, we hebben soms gedachten die ongepast zijn. Iederéén.’ De regisseur vindt het problematisch dat er over die primitieve gevoelens amper wordt gepraat en vreest dat we geobsedeerd zijn door beleefdheid en keurig gedrag. ‘Vooral nu we weer politiek correct moeten zijn. Je mag helemaal niets meer doen of zeggen dat anderen beledigt. Je wordt meteen een doelwit. We veroordelen elkaar voortdurend voor het minste. In Denemarken is het soms knettergek. Bekende mensen verloren hun job omdat ze twintig jaar geleden een meisje hebben gekust dat ze niet had mogen kussen. Ik praat dat niet goed. Ik zeg dat niemand altijd voorbeeldig is en dat het onmenselijk is om dat te eisen.’

De regisseur, die ook een gevulde acteercarrière heeft – hij speelde onder meer tv-baas Alex Hjort in het derde seizoen van Borgen – heeft een bloedhekel aan het uitsluiten, cancelen en straffen van mensen ‘omdat de publieke opinie of een mondig deel ervan dat eist’. ‘Ik vind het heel gevaarlijk en unfair om normale mensen – ik praat niet over verkrachters en moordenaars – uit te sluiten omdat ze iets verkeerds hebben gezegd of gedacht. Dat is een zieke cultuur. Ik pleit voor meer nuance, meer bereidheid om naar elkaar te luisteren, meer bereidheid om elkaar te vergeven en zo betere mensen te worden.’

Speak No Evil

Op vrijdag 9/9 te zien op het Brussels International Fantastic Film Festival, van 29/8 tot 10/9 op de Heizel. Alle info: bifff.net

Vanaf 14/9 in de bioscoop.

Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Christian Tafdrup

Geboren op 8 april 1978 in Kopenhagen.

Ook actief als acteur, onder meer te zien in Borgen.

Werkte als tiener even voor Lars von Trier en was stikjaloers op de generatie Denen die brak met de traditie van naturalistisch drama en keurige boekverfilmingen.

Speak no evil, zijn derde film, ging in wereldpremière op Sundance.

Partner Content