Alice Winocour verfilmt aanslagen in Parijs: ‘Mijn broer was erbij toen ze de Bataclan binnenvielen’

© National
Dave Mestdach
Dave Mestdach Chef film van Knack Focus

Met Revoir Paris maakte Alice Winocour een drama geïnspireerd door de Parijse aanslagen van 2015, maar vooral over hoe je daarna je leven weer bij elkaar kunt puzzelen.

November 2015. Mia, een vrouw van in de veertig, maakt zich op voor een rendez-vous. Maar wat een zorgeloos avondje uit moet worden, muteert in een nachtmerrie wanneer zij en de andere gasten van een brasserie plots onder vuur worden genomen door terroristen. Als bij wonder weet Mia de aanslag te overleven, maar hoe precies, en of ze de minder fortuinlijke aanwezigen niet had kunnen helpen: daar herinnert ze zich achteraf niks meer van. Ze besluit op zoek te gaan naar de waarheid, in de hoop de gewiste puzzelstukjes alsnog terug te vinden, iets waarbij Thomas, een bankier die bij het incident zwaar gewond raakte aan zijn been, zou kunnen helpen.

For the record: het personage van Mia, die stoïcijns haar trauma te lijf gaat, is fictief, maar de context waarrond Revoir Paris is opgebouwd is dat helemaal niet. Jammer genoeg. Filmmaakster Alice Winocour brengt met haar psychodrama de aanslagen in Parijs van 2015 in herinnering, toen moslimterroristen op verschillende plaatsen in de stad, waaronder concertzaal Bataclan, 130 mensen vermoordden.

© National

Hoewel ze in de proloog toont hoe Mia, vertolkt door onze landgenote Virginie Efira, aan de kogels ontsnapt, draait de film niet zozeer om de gruwelijke aanslagen zelf. Centraal staat de vraag hoe je de littekens die zo’n gebeurtenis nalaat, kunt helen. Mia wordt niet alleen gecast als een detective die in haar eigen mistige geheugen duikt, maar vooral als een vrouw van vlees en bloed die hoopt terug naar haar thuisstad Parijs te kunnen kijken zoals ze dat vóór november 2015 deed.

Hoewel de aanslagen voor een schokgolf zorgden die tot vandaag voelbaar is, is Revoir Paris een van de allereerste films die het topic, weliswaar via een gefictionaliseerde omweg, durft te tackelen. Winocour schuwt een complex onderwerp dan ook niet. In Maryland (2015) toonde ze al wat geweld met een mens kan doen door Matthias Schoenaerts als bodyguard met posttraumatisch stresssyndroom zijn demonen en homejackers te laten bekampen. In haar vorige film Proxima (2019) stuurde ze Eva Green de ruimte in als astronaute die niet alleen door de stratosfeer moet breken, maar als vrouw en moeder in outer space ook door rollenpatronen.

Eva Green was in Proxima een vrouw in een mannenwereld. Dit keer volg je een vrouw in een wereld van angst en terreur.

Alice Winocour: Ik wilde vooral een vrouw tonen die helemaal niet meer in de wereld staat, die door wat ze heeft meegemaakt in limbo zweeft maar terug naar de realiteit wil. En ik wilde van Parijs een hoofdpersonage maken. Voor mij gaat Revoir Paris niet over angst, maar over verzet. Verzet tegen angst.

© National

De grote rechtszaak omtrent de aanslagen stond enkele maanden geleden nog volop in de actualiteit. Waarom wilde je nu een film maken over het onderwerp?

Winocour: De aanslagen zijn zeer persoonlijk voor mij. Mijn broer was erbij in de Bataclan toen de terroristen daar binnenvielen, maar hij heeft het overleefd. Ik heb me laten inspireren door zijn herinneringen aan die nacht, en die van mezelf. Je merkt dat Parijs er nog altijd niet volledig van bekomen is. Er heerste een heel emotioneel en nerveus sfeertje tijdens de opnames. Toen we in dat restaurant filmden en toen we kaarsjes lieten branden op straat, zag je mensen denken: o nee, toch niet wéér een aanslag. Vandaar dat we overal borden moesten plaatsen waarop duidelijk aangegeven stond dat het om filmopnames ging. De aanslag zelf hebben we in een studio moeten draaien omdat je in Parijs op straat geen wapens mag dragen. Zelfs geen namaakwapens voor een film. Voor de aanslagen mocht dat wel nog, maar uit vrees dat mensen zouden denken dat het echt is, hebben ze dat sindsdien verboden. Ik wilde in Parijs op straat filmen, met toevallige passanten, om het een documentair karakter te geven, om de pols van de stad te vatten. Ik wilde alles filmen wat de terroristen wilden vernietigen: lichten, ambiance, lachende mensen… Dat was bij momenten lastig voor mijn crew.

© National

Maar niet voor jou?

Winocour: Wat mij het meest aangreep toen ik het script schreef, was de ontdekking dat zowat alle overlevenden achteraf contact met elkaar zochten. De mensen die ze die nacht ontmoet hadden. Wiens hand ze even hadden vastgehouden. Er zijn toen veel zelfhulpgroepen spontaan ontstaan. Uit iets afschuwelijks groeide een hechte gemeenschap. Door kleine dingen, een vluchtige aanraking, een blik die hen contact liet houden met het leven. Die getuigenissen maakten me duidelijk dat menselijkheid veel sterker is dan barbarij. Daarom wilde ik een film maken met verschillende personages, een die alle lagen van de menselijke ervaring en de maatschappij omvat. Ik wilde alle aspecten van Parijs tonen. Het Parijs van de films, maar ook het Parijs buiten de toeristische plaatjes om, de districten en mensen die je zelden in cinema ziet.

Revoir Paris toont ook hoe het mechanisme van het geheugen werkt. Heb je daarover met slachtoffers en psychiaters gepraat?

Winocour: Voor Maryland heb ik met soldaten gepraat die met posttraumatische stress kampten. Voor Proxima met astronauten. Ik vermeng altijd fictie en realiteit, in die mate dat ik me vaak zelf niet eens meer herinner wat fictie en wat realiteit is. (lacht) Wat de psychiaters met wie ik heb gepraat me leerden was dat flashbacks niet werken zoals je doorgaans in films ziet. Het zijn nooit heldere, op zichzelf staande scènes. Het zijn geuren, geluiden, details die je terug in een eerder beleefde realiteit trekken, als een soort psychose. Vandaar dat het geluidsdesign zo belangrijk is in de film. Het gedruppel van de regen is even belangrijk als de dialogen. Voor mij moet cinema sowieso iets fysieks hebben. Het moet je een andere realiteit in trekken, en die realiteit tastbaar en zintuiglijk maken.

© National

Revoir Paris had een huilerig of prekerig melodrama kunnen worden, maar er zit ook humor en romantiek in. Een bewuste keuze om het verteerbaar te houden?

Winocour: Ook dat is ontsproten aan de realiteit. Het is wat psychiaters de diamant in het trauma noemen. Veel getuigen vertelden me over de mooie dingen die ze na de aanslagen meemaakten, de vriendschappen die ze eraan hebben overgehouden. Uit trauma vloeit vaak schoonheid voort. Dat weet ik ook uit mijn eigen familiegeschiedenis. Ik had hier niet gezeten zonder trauma. Mijn opa en oma hebben elkaar ontmoet tijdens de Tweede Wereldoorlog. Mijn opa was een linkse activist. Mijn oma was op zoek naar haar vader, die eveneens in een concentratiekamp zat (Winocour komt uit een Joodse familie, nvdr.). Het was gruwel die hen bij elkaar heeft gebracht. Romantiek ontsproten aan trauma. Daarom is dat zo’n belangrijk onderwerp in mijn werk. Trauma is deel van mijn DNA.

Aangezien je de aanslag toont, wordt de film onvermijdelijk ook deels een thriller. Hoe vermijd je exploitatie?

Winocour: De aanslag is wat alle menselijke ervaringen in de film in gang zet, dus kon ik er moeilijk omheen, vond ik. Mijn broer zei me: ‘Je kunt wel de Bataclan niet tonen. Wat daar gebeurd is, kun je niet bevatten, gaat voorbij de limiet van wat je kunt representeren.’ Daarom wilde ik een fictieve aanslag. Het is géén reconstructie van wat er in bepaalde cafés en restaurants is gebeurd. Ik wilde ook de terroristen niet tonen. Je ziet een arm, een voet, maar nooit hun gezicht. Alles draait om het gefragmenteerde gezichtspunt van de slachtoffers.

© National

Hoop je dat Revoir Paris een cathartisch effect heeft bij het publiek, ook al is het geen politieke film?

Winocour: Voor mij is het een politieke film, zoals het ook een humanistische film is. Het is zoals Albert Camus zegt in De pest: in grote tragedies vind je veel in mensen om te bewonderen. We zien in de media veel te veel mensen die tegen elkaar schreeuwen, die elkaar haten. Ik vind het belangrijk om te tonen dat we allemaal samen een gemeenschap vormen. De nacht van de aanslagen, toen ik zat te wachten op nieuws van mijn broer, volgde ik het nieuws op tv en radio. Tot mijn vriend zei: zet die dingen uit. We gaan een kaars branden en elkaars hand vastpakken. Mijn monteur, die vlak tegenover de Bataclan woont en op de grond moest duiken voor de riotguns, deed hetzelfde met zijn vriendin. Hetzelfde hoorde ik van veel getuigen. Daarom spelen handen zo’n belangrijke rol in de film.

Slotvraag: hoe gaat het met je broer, en heeft hij de film inmiddels gezien?

Winocour: Het gaat goed met hem. Hij heeft de film een dag voor de première in Cannes gezien, en hij vond hem goed. Dat maakte me enorm blij. En opgelucht. (lacht)

© National

Revoir Paris

Vanaf 14/9 in de bioscoop.

Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Alice Winocour

Geboren op 13 januari 1976 in Parijs in een Joodse familie.

Studeert eerst rechten en daarna scenario aan de beroemde Parijse filmschool La Fémis.

Debuteert in 2012 met Augustine, een biopic met Vincent Lindon en Soko. Maakt daarna de thriller Maryland (2015), met Matthias Schoenaerts, en het astronautenportret Proxima (2019), met Eva Green.

Revoir Paris, haar vierde langspeler, is ook haar vierde die in Cannes in première ging.

Belgische actrice Virginie Efirar: ‘Néé, het is niet alsof we er zelf bij waren’

De Belgische Virginie Efira geeft in Revoir Paris gestalte aan Mia, de vrouw die na de aanslag haar geheugen tracht te lijmen.

In Frankrijk en Franstalig België is de Brusselse Virginie Efira al jaren een gevierde filmactrice. Aan deze zijde van de taalgrens brak ze pas echt door bij het grote publiek toen Paul Verhoeven haar vorig jaar als zeventiende-eeuwse lesbische non castte in zijn Benedetta. Sindsdien rijgt ze de hoofdrollen sneller dan ooit aan elkaar.

Aan die catalogus mag de 45-jarige Efira nu ook Revoir Paris toevoegen, waarin ze hoofdpersonage Mia vertolkt, een vrouw die een terreuraanslag overleeft, maar door het trauma haar geheugen kwijt is. ‘Ik woon al jaren in Parijs en herinner me de aanslagen van 2015 nog levendig. Waar ik was, met wie ik was. Hoe ik plots anders naar bepaalde plekken keek. Ik was net als iedereen in schok, maar gelukkig heb ik het niet van nabij meegemaakt, gelukkig heb ik geen dierbare verloren.’

Om zich op haar rol voor te bereiden putte ze dan ook niet enkel uit eigen ervaringen. ‘Ik ben met hulpverleners gaan praten die de overlevenden helpen hun trauma te verwerken. Dat was leerzaam om te begrijpen hoe het geheugen werkt en hoe diep je geraakt moet zijn om van jezelf onthecht te raken, zoals Mia. De slachtoffers zelf heb ik niet gesproken. Dat was te direct. De film gaat niet over de aanslagen, maar over traumaverwerking, over intieme blessures. Ik wilde niks veralgemenen.’

Dat wil niet zeggen dat Efira niet hoopt dat de film een rol kan spelen in het verwerken van de aanslagen van ondertussen zeven jaar geleden. ‘Wat fictie voor heeft op journaals of documentaires, is dat ze je helpt om de wereld te verklaren aan de hand van emoties. Fictie toont hoe het politieke persoonlijk en de geschiedenis actueel wordt. Het is vreemd dat de Franse film niet vaker sociaal-politieke topics behandelt. Zoals de Britse dat wel doet. Fictieve verhalen helpen om het historische bewustzijn en narratief te begrijpen.’

Uiteraard betekent dat, zeker in het geval van Revoir Paris, dat nog niet geheelde wonden kunnen worden opengehaald. ‘De aanslag filmen was intens, je herbeleeft opnieuw de nare emoties van weleer. Maar toen figuranten me zeiden: het is alsof we er zelf bij waren, zei ik: nee, nee, er is een regisseuse die cut roept, er is catering achteraf. Je moet fictie niet verwarren met de realiteit. Dat doen er tegenwoordig al genoeg.’

Hoe dan ook toont Revoir Paris via een fictieve omweg welke reële gevolgen religieus fanatisme hebben kan, zoals ook Benedetta dat op zijn manier deed. ‘Revoir Paris gaat niet over politiek of religieus extremisme. Benedetta evenmin. Maar beide films spelen wel in een wereld waarin mensen onder druk van extremisten moeten vechten voor hun waardigheid. Dat thema is belangrijk voor mij. Voor iedereen.’

Partner Content