Toen ze dertien was, raakte Una (Rooney Mara) smoorverliefd op Ray (Ben Mendelsohn), een buurman van om en bij de veertig. Er ontstond een band tussen hen, ze kregen een relatie en wilden samen naar het buitenland vluchten, maar Ray werd gearresteerd en kreeg drie jaar cel voor seksueel misbruik van een minderjarige.

Vijftien jaar later zijn bij Una - ze woont nog altijd bij haar moeder in hetzelfde voorstedelijke huis - de woede, de wrok en de schuldgevoelens nog altijd niet verdwenen. Ze besluit Ray op te zoeken op zijn werk en hem onverwacht te confronteren met haar littekens en al haar onopgeloste vragen. Wat volgt, is een zenuwslopende confrontatie waarbij Ray zich almaar meer in het nauw gedreven voelt en de onzekere, verwarde Una niet goed weet of ze het nieuwe leven dat hij onder een andere naam heeft opgebouwd nu wil vernietigen of dat ze opnieuw een relatie met hem wil.

Voor Una vertrok de Australische theater- en operaregisseur Benedict Andrews van het veelgeprezen theaterstuk Blackbird van David Harrower. Dat was dan weer gebaseerd op het waargebeurde verhaal van Toby Studebaker, een Amerikaanse marinier die online een twaalfjarig Brits meisje ontmoette en haar overtuigde om met hem naar Parijs te vliegen.

Die theaterachtergrond weet Andrews in zijn filmdebuut niet altijd weg te gommen. Twee derde van de film speelt zich af op de werkplaats van Ray, die ondertussen manager in een industrieel magazijn is geworden. De subplot omtrent de ontslagen die daar op til zijn, voelt bovendien soms geforceerd aan.

Wat nog niet wil zeggen dat de inmiddels door Hollywood ingehuurde Andrews - hij draaide er de thriller Seberg met Kristen Stewart - ook visueel de handrem opzet. De spooky fotografie verhoogt het ongemak en Rays werkruimte, een steriele witte omgeving met een glazen kantine, roept zowel een claustrofobisch als voyeuristisch effect op. Filmisch knap is ook hoe Andrews de tweestrijd tussen Una en Ray doorbreekt met flashbacks die reconstrueren wat er tijdens hun fatale nacht in een kusthotel precies is misgelopen.

Het indringend geacteerde Una blijft zo ver uit de buurt van een typisch wraakverhaal. Het is veeleer een intelligente, met precisie vertelde oefening in waarheid en verzoening die de grenzen van een verboden liefde en de tegenstrijdige gevoelens die daarbij komen kijken, op pijnlijke wijze verkent.

Una

Vrijdag 5/6, 22.20, NPO2

Toen ze dertien was, raakte Una (Rooney Mara) smoorverliefd op Ray (Ben Mendelsohn), een buurman van om en bij de veertig. Er ontstond een band tussen hen, ze kregen een relatie en wilden samen naar het buitenland vluchten, maar Ray werd gearresteerd en kreeg drie jaar cel voor seksueel misbruik van een minderjarige. Vijftien jaar later zijn bij Una - ze woont nog altijd bij haar moeder in hetzelfde voorstedelijke huis - de woede, de wrok en de schuldgevoelens nog altijd niet verdwenen. Ze besluit Ray op te zoeken op zijn werk en hem onverwacht te confronteren met haar littekens en al haar onopgeloste vragen. Wat volgt, is een zenuwslopende confrontatie waarbij Ray zich almaar meer in het nauw gedreven voelt en de onzekere, verwarde Una niet goed weet of ze het nieuwe leven dat hij onder een andere naam heeft opgebouwd nu wil vernietigen of dat ze opnieuw een relatie met hem wil. Voor Una vertrok de Australische theater- en operaregisseur Benedict Andrews van het veelgeprezen theaterstuk Blackbird van David Harrower. Dat was dan weer gebaseerd op het waargebeurde verhaal van Toby Studebaker, een Amerikaanse marinier die online een twaalfjarig Brits meisje ontmoette en haar overtuigde om met hem naar Parijs te vliegen. Die theaterachtergrond weet Andrews in zijn filmdebuut niet altijd weg te gommen. Twee derde van de film speelt zich af op de werkplaats van Ray, die ondertussen manager in een industrieel magazijn is geworden. De subplot omtrent de ontslagen die daar op til zijn, voelt bovendien soms geforceerd aan. Wat nog niet wil zeggen dat de inmiddels door Hollywood ingehuurde Andrews - hij draaide er de thriller Seberg met Kristen Stewart - ook visueel de handrem opzet. De spooky fotografie verhoogt het ongemak en Rays werkruimte, een steriele witte omgeving met een glazen kantine, roept zowel een claustrofobisch als voyeuristisch effect op. Filmisch knap is ook hoe Andrews de tweestrijd tussen Una en Ray doorbreekt met flashbacks die reconstrueren wat er tijdens hun fatale nacht in een kusthotel precies is misgelopen. Het indringend geacteerde Una blijft zo ver uit de buurt van een typisch wraakverhaal. Het is veeleer een intelligente, met precisie vertelde oefening in waarheid en verzoening die de grenzen van een verboden liefde en de tegenstrijdige gevoelens die daarbij komen kijken, op pijnlijke wijze verkent.