In de eerste film van het drieluik, Pather panchali (1955), introduceert Ray Apu, een knaap die opgroeit in een armtierig Bengaals dorpje. In Aparajito (1956) verlaat Apu, ondertussen een tiener, zijn geboortegrond om te gaan studeren in de metropool Calcutta. En in The World of Apu is het titelpersonage uitgegroeid tot een naïeve, idealistische twintiger die schrijver hoopt te worden. Van een leien dakje loopt dat niet. Hoewel Apu (Soumitra Chatterjee) ee...

In de eerste film van het drieluik, Pather panchali (1955), introduceert Ray Apu, een knaap die opgroeit in een armtierig Bengaals dorpje. In Aparajito (1956) verlaat Apu, ondertussen een tiener, zijn geboortegrond om te gaan studeren in de metropool Calcutta. En in The World of Apu is het titelpersonage uitgegroeid tot een naïeve, idealistische twintiger die schrijver hoopt te worden. Van een leien dakje loopt dat niet. Hoewel Apu (Soumitra Chatterjee) een universitair diploma heeft, vindt hij geen geschikte baan, waardoor hij de eigenaar van zijn eenvoudige eenkamerappartement nog drie maanden huur verschuldigd is. Op de koop toe krijgt hij van uitgevers alleen maar negatieve feedback. Om zijn oude vriend wat op te monteren, sleept Pulu (Swapan Mukherjee) Apu mee naar zijn dorp om het gearrangeerde huwelijk van zijn piepjonge nichtje Aparna (Sharmila Tagore) bij te wonen. De bruidegom blijkt echter geestelijk gestoord, en Pulu smeekt zijn makker om met zijn zus te trouwen. Apu stemt toe en gaat met Aparna in Calcutta wonen, maar hun prille geluk is geen lang leven beschoren: Aparna sterft bij de geboorte van hun zoon en de ontredderde Apu laat de baby in de steek. De poëtisch realist Ray was in zijn beginperiode sterk beïnvloed door het Italiaanse neorealisme en dat is zeker aan The World of Apu te zien. Door zijn ongedwongen, directe stijl en zijn keuze voor onbekende acteurs en het Bengaals als voertaal, breekt hij met de melodramatische karakteristieken en de zang-en-dansnummers van de in het Hindi gesproken en gezongen Bollywoodcinema. In The World of Apu zet Ray het romantische ontwaken van zijn hoofdpersonage centraal. De idyllische scènes over de aanzwellende liefde tussen Apu en zijn jonge bruid, bijvoorbeeld die waarin het koppel een paardenkoets neemt na een avondje bioscoop, hebben een ontwapenende lyrische kracht, ook dankzij de prachtige zwart-witfotografie van Subrata Mitra en de ontroerende muziek van Ravi Shankar. Het resultaat is een modernistisch epos dat mooi is in al zijn eenvoud, gemaakt door een humanist die geen moreel oordeel velt over Indiase tradities als astrologie en gearrangeerde huwelijken en de soms twijfelachtige manier waarop zijn hoofdpersonage omspringt met loodzware dilemma's.