Leerden we onlangs uit de Netflix-docuserie History of Swear Words: niet Nicolas Cage of Samuel L. Jackson heeft zich in films al het vaakst van scheldwoorden bediend, maar wel Jonah Hill - 376 and still counting, om precies te zijn.
...

Leerden we onlangs uit de Netflix-docuserie History of Swear Words: niet Nicolas Cage of Samuel L. Jackson heeft zich in films al het vaakst van scheldwoorden bediend, maar wel Jonah Hill - 376 and still counting, om precies te zijn. Dat Hill wel meer in zijn mars heeft dan rollen in platvloerse komedies als Superbad (2007) en Knocked Up (2007), bleek al uit zijn sterke vertolkingen in onder meer Moneyball (2011) en The Wolf of Wall Street (2013, goed voor een Oscarnominatie). Daar kwam in 2018 nog zijn regiedebuut Mid90s bij, een semiautobiografisch portret van een tiener in het Los Angeles van de jaren negentig. De dertienjarige Stevie (Sunny Suljic) woont samen met zijn overspannen moeder (Katherine Waterston) en zijn oudere broer (Lucas Hedges), een pestkop die Stevie verrot slaat als hij hem betrapt op het doorsnuffelen van zijn hiphop-cd's of coole poloshirts. Eigenlijk kijkt er niemand om naar het broekventje, dat onder een Teenage Mutant Ninja Turtles-dekbedovertrek slaapt. Stevies uitzichtloze puberleven neemt een onverwachte wending wanneer hij een groep oudere skateboarders ontmoet: de rijke stoner Fuckshit (Olan Prenatt), Ray (Na-kel Smith), een Afro-Amerikaan die in de lokale skateshop werkt, Ruben (Gio Galicia), een Mexicaanse jongen wiens moeder te veel drinkt, en ten slotte Fourth Grade (Ryder McLaughlin), die de exploten van zijn makkers met een videocamera vastlegt. Stevie doet er vervolgens alles aan om bij de club te horen. Hij begint te roken en drinken en haalt roekeloze stunts uit om indruk te maken op zijn nieuwe maten. Die lopen niet altijd goed af. Het hedonisme van beschadigde adolescenten gekoppeld aan de skateboardcultuur: voor zijn regiedebuut heeft Hill zich overduidelijk laten inspireren door Larry Clarks baldadige tienerkroniek Kids (1995) . Hij verwijst er zelfs rechtstreeks naar. Zo zie je Kids-scenarist Harmony Korine op een gegeven moment uit de slaapkamer van Stevies moeder komen terwijl hij zijn broek dichtritst. Hills film is echter delicater en mikt minder op controverse. Zo staat hij niet echt stil bij de sociale mistoestanden die de jongelui op het skateboard hebben gedreven. Liever schildert Hill een teder portret van de jongens, iets wat wordt versterkt door de in een zachte gloed badende beelden. Er gaat dan ook een onmiskenbare, rauwe charme uit van dit episodisch opgebouwde opgroeidrama, waarin de blauwe plekken en verwondingen die je oploopt tijdens het skateboarden dient als de metafoor voor de moeilijke weg naar volwassenheid. Ook de soundtrack van Trent Reznor en Atticus Ross, aangevuld met onverwoestbare nummers als Wave of Mutilation van de Pixies en When the Shit Goes Down van Cypress Hill, is om vingers en duimen bij af te likken. Fuck yeah, Jonah Hill.