Maar Detroit speelt zich ruim vijftig jaar geleden af, toen er rassenrellen uitbraken in de grootste stad van Michigan. De film opent met een animatie van de schilderijen van de Afro-Amerikaanse schilder Jacob Lawrence waarin die de zwarte migratie van het rurale zuiden naar de noordelijker industriesteden tussen de twee wereldoorlogen verbeeldt. De onderdrukking migreert echter met hen mee, zo zal het vervolg van de film duidelijk maken: ook decennia na de oorlog laaien de raciale spanningen in veel Amerikaanse steden nog op.
...

Maar Detroit speelt zich ruim vijftig jaar geleden af, toen er rassenrellen uitbraken in de grootste stad van Michigan. De film opent met een animatie van de schilderijen van de Afro-Amerikaanse schilder Jacob Lawrence waarin die de zwarte migratie van het rurale zuiden naar de noordelijker industriesteden tussen de twee wereldoorlogen verbeeldt. De onderdrukking migreert echter met hen mee, zo zal het vervolg van de film duidelijk maken: ook decennia na de oorlog laaien de raciale spanningen in veel Amerikaanse steden nog op. In juli 1967 breekt in Detroit de 12th Street Riot uit, een van de bloedigste rellen in wat in de VS bekendstaat als de long, hot summer - die term slaat voor alle duidelijkheid op de toenmalige sociale temperatuur. Wanneer de politie een feestje voor teruggekeerde zwarte Vietnamsoldaten stillegt omdat de club in kwestie geen vergunning heeft, worden er eerst stenen naar de agenten gegooid, maar al snel komt het tot plunderingen en brandstichting. De National Guard en zelfs het leger worden opgeroepen om steun te verlenen. Op de tweede dag van de rellen schiet politieagent Philip Krauss, tegen zijn orders in, in een plunderaar neer. Die man speelt een hoofdrol in wat de dramatische kern van Bigelows film wordt: de gruwel die zich op dag drie in het Algiers Motel voltrekt. Daar is Larry Reed, de zanger van een jonge r&b-groep, met zijn bodyguard beland na een afgelast optreden. Ze komen er enkele brothers tegen en twee witte vrouwen uit Ohio. Een van de mannen vindt het wel een leuk idee om de ordediensten in de straten de stuipen op het lijf te jagen met losse flodders uit een startpistool zoals dat bij atletiekwedstrijden gebruikt wordt. De agenten denken dat een sluipschutter hen onder vuur neemt en onder leiding van Krauss trekken ze het hotel in. Niemand mag het pand verlaten tot de schutter is geïdentificeerd en het wapen gevonden. Waarop Krauss de aanwezigen begint te terroriseren. Zacht uitgedrukt. Om die nachtmerrie in een film te vatten werkte regisseur Bigelow andermaal samen met scenarist Mark Boal, die haar ook al bijstond voor The Hurt Locker (2009) en Zero Dark Thirty (2012). Net als in die films slaagt Bigelow er ook hier in een authentieke en zenuwtergende sfeer te creëren, daarbij geholpen door hoe Barry Ackroyds nerveuze schoudercamera de doodsbange slachtoffers op de huid zit. In de hoofdrollen herkent u onder meer John Boyega en Will Poulter. Bigelow kreeg veel lof maar ook kritiek. 'Vreemd toch dat een film die zich afspeelt tegen de achtergrond van zwart verzet en rebellie - hoe ontluikend en zelfdestructief ook - een verhaal wordt van zwarte hulpeloosheid en passiviteit', schreef bijvoorbeeld The New York Times. Oordeelt u vooral zelf. Onberoerd zal Detroit u niet laten.