Bertrand Lafontaine:Het is vreemd dat er nog geen lange documentaire over Broodthaers was gemaakt. The New York Times plaatste zijn Musée d'Art Moderne, Département des Aigles onlangs op nummer twee in een overzicht van meest invloedrijke kunstwerken van de twintigste eeuw. Pieter en ik vinden dat iedereen Broodthaers moet leren kennen. Mensen kijken in musea gemiddeld zes seconden naar een werk. Bij Broodthaers volstaat dat niet. Zijn werk is een puzzel waarin je moet verdwalen.

Waarom blijft hij zo baanbrekend?

Lafontaine: Hij is zijn hele leven een straatarme dichter geweest, die zijn gedichten niet verkocht kreeg. Maar hij was ook zeer geïnteresseerd in beeldende kunst. Hij raakte plots geïnspireerd door de popart en zo sloeg hij aan het experimenteren met mosselen en eieren. Het grote publiek kent hem van de Mosselpot - hij heeft er dan ook zeven gemaakt - maar het werk dat hij daarna heeft gemaakt, is veel interessanter. Hij was een voorloper in videokunst en installaties, zoals Décor: A Conquest. En altijd bleef hij op een originele manier trouw aan zichzelf. Zo plaatste hij vroeger werk in een vitrinekast, alsof het archeologische vondsten waren.

Hebben jullie vat gekregen op zijn persoonlijkheid?

Lafontaine: Tot op zekere hoogte. Hij was een zeer ambivalente man en cultiveerde dat mysterie in zijn werk. Hij moet ontzettend charismatisch geweest zijn: een grote, mooie man die in elke ruimte de aandacht trok. Alle vrouwen zouden achter hem aan hebben gelopen. Hij zag eruit als een minister uit een Franse film, met een krijtkostuum met te korte pijpen dat hij op een rommelmarkt had gekocht. Anny De Decker, de galeriste van de voormalige Wide White Space Gallery in Antwerpen, zegt dat hij een kunstenaarshoofd had, een beetje té zelfs, maar niet iemand was die je met zo'n hoofd verwacht. Hij was totaal niet arrogant, kon zowel met een koning als met een arbeider praten.

Soleil Politique in het M HKA benadert Broodthaers' oeuvre vanuit het idee dat kunst politiek is.

Lafontaine: Dat is een curatoreninsteek die wij niet hadden. Broodthaers heeft in de communistische partij gezeten maar werd daar meteen buitengegooid. Als dichter zonder vaste job paste hij niet in het ideaal van de modelarbeider dat de KP in de jaren vijftig uitdroeg, maar hij bleef altijd geëngageerd. Hij is ooit met een kameel uit de Antwerpse zoo het Paleis voor Schone Kunsten binnengegaan. Zijn werk is dus zeer politiek, maar nooit pamflettair. Je moet het zélf voelen en ontdekken.

Het ABC van Marcel Broodthaers

Zondag 24/11, 22.10, Canvas