Hoe kan een eenzame man een maand lang onvindbaar zijn? Met een team van vierhonderd mensen werden de bossen waarin de militair Jürgen Conings zich verstopte minutieus uitgekamd. Maar behalve een auto die omgebouwd was tot boobytrap werd er van Conings amper een spoor gevonden. Hij was, zo zei men, getraind om te verdwijnen.
...

Hoe kan een eenzame man een maand lang onvindbaar zijn? Met een team van vierhonderd mensen werden de bossen waarin de militair Jürgen Conings zich verstopte minutieus uitgekamd. Maar behalve een auto die omgebouwd was tot boobytrap werd er van Conings amper een spoor gevonden. Hij was, zo zei men, getraind om te verdwijnen. In Klopjacht, een uitvergrote versie van het klassieke scoutsspel Politie en dief, moeten vijftien Vlamingen uit de handen van de politie proberen te blijven. Het was me niet meteen duidelijk of het programma nu een antwoord bood op de vraag waarom Conings zo makkelijk kon verdwijnen of op de vraag hoe fijnmazig het vangnet van de federale politie is. Wat als Conings zo lang onder de radar bleef omdat de beste speurders van het politionele apparaat andere zorgen hadden, namelijk de deelname aan een televisieprogramma? Natuurlijk is dit een puur hypothetische vraag, maar hoe verantwoord je dat de mensen die presentator Axel Daeseleire steevast voorstelt als 'de besten in hun vak' zich zeventien dagen lang concentreren op het vinden van vijftien mensen die zich voor de lol verstoppen? Ik kon het niet helpen: enkele keren schoot de uitroep 'en dit met ons belastinggeld!' door mijn hoofd. En dan begint de presentator ook nog eens kwistig te strooien met handige tips voor iedere crimineel in de dop die zijn vluchtplan voorbereidt. Breek met je gewoontes, suggereert Daeseleire, smijt je gsm weg, vernietig je bankkaart en zorg ervoor dat je niemand nodig hebt. Verdwijnen, weet topspeurder Danny te vertellen, is niet zo moeilijk, maar het volhouden is een ander paar mouwen. Oké, dan. Even over de deelnemers. De koppels en individuen zijn bijzonder goed geselecteerd. De zoon van een bekende voetbaltrainer, een moeder die ook metselaar is, twee broers met Marokkaanse roots, een vriend en een vriendin uit Antwerpen, twee collega's die zelf bij de politie werken: het is een bonter gekleurd palet aan Vlamingen dan we op televisie gewend zijn. Maar het zorgt onbedoeld ook voor ongemakkelijke scènes. Als de speurders het huis van Cifdine en Laid doorzoeken, trekt de moeder zich liever terug in de woonkamer en geeft ze woordeloos aan dat ze niet goed begrijpt waarmee haar zonen nu weer bezig zijn. Wie wil vrijwillig de politie op zijn dak krijgen? Wanneer de zwarte Thierry in Antwerpen aan voorbijgangers vraagt of hij even hun gsm mag gebruiken en zegt dat hij op de vlucht is, versnellen de mensen hun pas of grijpen ze naar hun tas. 'Je moet je zonnebril afzetten', roept zijn collega-voortvluchtige Linne vanuit een portiek. Maar ook zonder zonnebril wekt Thierry weinig vertrouwen bij de doorsnee man of vrouw op straat. Als Linne dezelfde vraag stelt, krijgt ze prompt een gsm aangereikt. En toch, hoe amusant het programma ook is en hoe hard je ook supportert voor de deelnemers, tegelijk hoopt een deel van jou dat de politie niet in het zand bijt. Want welk modderfiguur slaan onze politiediensten dan weer? Enfin, ik bleef toch wat in verwarring achter.