Skaters mogen een ollie van blijdschap doen. Streamz pakt op 12 juni uit met het tweede seizoen van Betty, de HBO-reeks van Crystal Moselle (The Wolfpack) over een groepje vrouwelijke skaters dat met vallen en opstaan zijn plek opeist in de skatescene van New York en tussendoor probeert op te groeien, onvoorwaardelijke vriendschapsbanden smeedt en discussieert over MeToo, Black Lives Matter, hun favoriete pornogenres en hoe je het best je schaamhaar waxt.
...

Skaters mogen een ollie van blijdschap doen. Streamz pakt op 12 juni uit met het tweede seizoen van Betty, de HBO-reeks van Crystal Moselle (The Wolfpack) over een groepje vrouwelijke skaters dat met vallen en opstaan zijn plek opeist in de skatescene van New York en tussendoor probeert op te groeien, onvoorwaardelijke vriendschapsbanden smeedt en discussieert over MeToo, Black Lives Matter, hun favoriete pornogenres en hoe je het best je schaamhaar waxt. Een dag eerder verschijnt de Indiaas-Amerikaanse Netflix-film Skater Girl. Daarin ontdekt de Indiase Prerna haar passie voor skaten . Ze zet haar zinnen op het nationaal kampioenschap, maar moet opboksen tegen de verwachtingen van een omgeving die skaten niks voor meisjes vindt. Een hedendaagse versie van Bend It Like Beckham dus, maar dan met een skateboard in plaats van een voetbal. En dan is er nog de skatefilm North Hollywood van de jonge zwarte regisseur Mikey Alfred, met rollen voor onder meer Vince Vaughn, Miranda Cosgrove en Nico Hiraga en productiecredits voor Pharrell Williams. Een kleine indieprent met een bescheiden release, die de voorbije weken wel zijn weg vond op iTunes. Er zijn met andere woorden verrassend veel skaters te zien dezer dagen. Nog verrassender is hoe die skaters eruitzien. Niet louter wit, heteroseksueel en mannelijk, namelijk. Die evolutie is al een tijdje aan de gang. Booksmart (2019) was geen skatefilm, maar had wel een vrouwelijke skater als love interest. Vorig jaar was er My Name is Baghdad, waarin een meisje door de straten van São Paulo cruiset op haar skateboard. Betty is dan weer een herwerking van Skate Kitchen (2018), de langspeelfilm die Crystal Moselle maakte nadat ze enkele leden van het vrouwelijke skatecollectief The Skate Kitchen had ontmoet en hen vervolgens, net als in Betty, gefictionaliseerde versies van zichzelf liet spelen. Zowel de reeks als de film is opvallend divers en queer en slaagt met grote onderscheiding voor de bechdeltest, niet vanzelfsprekend voor fictie over skaters. Jonah Hill vertelde met zijn regiedebuut Mid90s (2018) dan wel het verhaal van de dertienjarige Stevie, die zich wanhopig probeert te bewijzen tegenover een groepje oudere skaters, maar stelde daarbij subtiel de gendernormen en machocultuur die met de subcultuur geassocieerd worden in vraag. Hetzelfde geldt voor Minding the Gap (ook uit 2018), de documentaire waarin de Chinees-Amerikaanse skater Bing Liu zijn jeugdvrienden opzoekt, tot de conclusie komt dat skaten voor veel van hen een vlucht was en thema's als huiselijk geweld, structureel racisme, armoede en toxische mannelijkheid aansnijdt. 'Je hele leven zegt de maatschappij je dat een man sterk en stoer moet zijn, en dat margarita's gay zijn', zegt een van zijn vrienden. Een nieuwe generatie skatefilms en -series lijkt het clichébeeld van de skater bij te stellen. Dat is opvallend, zeker als je de geschiedenis van het genre er even bijneemt. Films als Back to the Future (met de nodige fantasie een skatefilm te noemen) Thrashin' (1986), Gleaming the Cube (1989), Ken Park (2002), Grind (2003), Lords of Dogtown (2005) en Paranoid Park (2007) blinken niet bepaald uit in diversiteit. De übermachoreeks Jackass vloeide voort uit skatevideo's. Kids (1995) van Larry Clark, misschien wel de skatefilm met de grootste culturele impact, gaat over een jongen die alleen op maagden valt en bevat een scène waarin de personages twee mannen uitschelden voor faggots omdat ze hand in hand lopen. Skate Kitchen werd hier en daar vergeleken met Kids, maar op sommige vlakken kunnen de films niet verder uit elkaar liggen. De skatescene werd in films vaak voorgesteld als een jongensclubje waarin iedereen elkaar 'bro' noemt, aan de wiet en energiedrank zit, seksmopjes maakt en zijn gevoelens opkropt. Vrouwelijke skaters waren er amper te bespeuren. Of ze deden, zoals in Grind, dienst als 'sexy skate chick'. De subcultuur was dan wel een veilige haven voor progressieve outsiders die rebelleerden tegen de gevestigde orde, maar die outsiders waren in films haast altijd witte heteromannen. Deels omdat de skatewereld in het echt ook lange tijd een mannenwereld was, maar ook omdat filmmakers vaak geen affiniteit hadden met de scene en acteurs inhuurden die er konden uitzien als een skater, maar niet noodzakelijk al een ramp van dichtbij hadden gezien. In Betty, Mid90s en North Hollywood vertellen de skaters zélf hun verhaal. En die skaters worden in het echte leven ook steeds diverser. Steeds meer meisjes en vrouwen pakken een skateboard op. Er worden all-female en queer collectieven opgericht. In Gent opende zopas de eerste skateshop voor vrouwen. Op sociale media vind je skaters van allerlei slag. Op TikTok is zelfs een community ontstaan die SkateTok werd gedoopt. De pandemie gaf de sport nog een duwtje in de rug. Het is logisch dat het effect daarvan ook in de bioscoop en op tv te zien is. Bovendien is er sprake van een kruisbestuiving: hoe meer skatende rolmodellen meisjes te zien krijgen, hoe meer meisjes ook zelf zullen skaten. Ooit was 'Betty' een minachtende term voor meisjes die rondhingen met skaters zonder zelf iets te doen. Nu is het een geuzennaam geworden.